Nummer 109


Sociaal | september 2005


China, het nieuwe eldorado voor de Belgische elite? (Miel Dullaert)<< Nummer 109

De familie Saksen-Coburg in Laken heeft altijd een fijne neus gehad voor verre landen met winstgevende 'goudaders'. Onder Leopold II werden de schatten van Congo ontdekt en werd zelfs China ontsloten om er, in koloniale stijl, spoorwegen en andere infrastructuurwerken te realiseren. De huidige vorst Albert II was in een vroeger leven de prins-handelsreiziger. Nu, een eeuw later, trokken de Saksen-Coburgs met Albert en kroonprins Filip, gevolgd door een lange stoet van hondstrouwe ondernemers, politici en media, naar het verre China.

Als een vorst en een kroonprins van een rijk westers land er twee keer in één jaar (de vorst dit jaar, de kroonprins vorig jaar) op "bedevaart" meenden te moeten gaan dan is er iets aan de hand. Maar wat? Is China economisch zo belangrijk geworden voor ons land?

Enkele cijfers relativeren één en ander. China met 1,3 miljard inwoners heeft een Bruto Binnenlands Product (BBP) in 2004 dat ongeveer hetzelfde als dit van Italië met 60 miljoen inwoners (1649 versus 1672 miljard $). Behalve Nederland hebben onze belangrijkste handelspartners elk afzonderlijk een BBP dat gevoelig hoger ligt dan China. Onze vijf belangrijkste handelspartners (zie verder) hadden in 2004 samen een BBP van 19.103 miljard $ in vergelijking met het onooglijk kleine BBP van China (1649 miljard $) (Knack, 10 augustus jl.).

Als we het over de economische betekenis van China voor ons land hebben, dan spreken we voornamelijk over handel. Volgens Prof. D. Cohen (Prof. Economie in Parijs en adviseur van de Oeso en de Franse regering) in zijn recent boekje "de mondialisering en zijn tegenstanders" betekent de handel relatief weinig voor de werkgelegenheid in een diensteneconomie zoals Vlaanderen. De 5 belangrijkste landen waarnaar Vlaanderen uitvoerde in 2003 zijn: 1. Duitsland (35,185 miljoen euro); 2. Frankrijk (26,407); 3. Nederland (21,181); 4. Ver. Koninkrijk (16,976); 5. VSA (12,645) en op de vijftiende plaats: China 1,838 miljoen euro of amper 1% van onze export! Over wat spreken we dan? De import uit China is nog interessanter. Chris Morel, voorzitter van het "Chine-Europe Management Center": "Westerse multinationals in China hadden 15 jaar geleden enkel de uitzonderlijk grote Chinese markt voor ogen, nu ontdekken ze de goedkope arbeidskrachten. Meer en meer vnl. Westerse multinationals gebruiken China als exportbasis. Een voorbeeld. In China worden 240 miljoen gsm-toestellen per jaar geproduceerd door multinationals zoals Alcatel, Siemens en Motorola. 160 miljoen gsm's verschepen ze naar het buitenland, want de Chinezen zelf hebben er maar 80 miljoen nodig. 70 procent van de export van de totale Chinese export komt uit onze eigen westerse bedrijven". (Het Volk, 9 november 2004). Vlaamse industriële bedrijven die qua werkgelegenheid steeds marginaler worden en hier op een gesatureerde markt opereren gaan naar China om van daaruit de Chinese markt te bevoorraden of te exporteren. Zoals Janssen Pharmaceutica, Barco, Bekaert, Picanol, de biergroep Inbev,... Voor het vorstelijk bezoek aan China en de paar ondernemingen die daar werken worden de Vlaamse media op stelten gezet alsof met die bedrijven de Vlaamse economie staat of valt. Maar er is natuurlijk meer aan de hand. Neem bijv. de toekomst van de Vlaamse textielsector.

*

Rond de textielsector is er heel wat heisa en enorm veel hypocrisie. Vooreerst is het Westen via de Wereldhandelsorganisatie (WHO) en de Europese Unie (EU) dé promotor van een ultraliberale handelspolitiek waarin sociale, ecologische normen quasi afwezig zijn. De invoer vanuit China in de Europese Unie in 2000 bedroeg gemiddeld 6,2% van de totale import en in 2003 6,9%. Voor het onderdeel textielsector valt het nogal mee Volgens de cijfers van de Wereldhandelsorganisatie (WHO) is de invoer van textiel uit China groter. China heeft op dit ogenblik een aandeel van 10% op de Europese textielmarkt, en in 2010 zal dat schommelen rond de 12%. Het essentiële van dit verhaal is dat het voornamelijk Westerse multinationals zijn die hun producten in China (laten)maken of aankopen (C&A, E5-Mode,...) en zo de Vlaamse textielbedrijfjes bij gebrek aan bestellingen hier in moeilijkheden brengen of zelfs het failliet injagen. Via de omweg van China (en andere lageloonlanden) concurreren Westerse bedrijven elkaar kapot. Wat de zuiver Chinese exportbedrijven betreft: die zijn op één hand te tellen.

Trouwens, bij sommigen hapert het geheugen. Het proces van werkgelegenheidsafbraak in de textielsector begon rond 1975 (100.000 werknemers) en is een onderdeel van steeds verdere marginalisering van de industriesector ten voordele van de diensten. Voor de opvang van de crisis in deze sector werd toen een Belgisch textielplan opgesteld door Willy Claes (SP.A), toen nog minister van Economische Zaken, en kostte veel aan de gemeenschap. De werkgelegenheid in Vlaanderen werd daarmee weinig of niet geholpen. Die hulp ging grotendeels naar de patroons ten koste van Vlaamse banen en investeringen in bijv. arbeidsintensieve diensten. Gevolg: er werken nu nog amper 36.000 werknemers in de textielsector.

*

Sommige invloedrijke middens maken zich schijnbaar druk over de lage lonen en gebrek aan sociale zekerheid in China die "concurrentievervalsend" zouden zijn. Die bezorgdheid is ontroerend. Vooral als je weet dat het dezelfde middens zijn die hier in eigen land, in Europa de verdedigers zijn van afbraak van de sociale zekerheid, delocaliseringen als het de winstbelangen van aandeelhouders dient,... Ronduit schokkend én zelfs schurkachtig voor de Vlaamse arbeiders waren de beelden op televisie toen prinses Mathilde, tijdens het bezoek van haar echtgenoot prins Filip, een nieuw schip op de werf van Sjanghai doopte, gebouwd met lageloonarbeid van Chinezen. De mede-eigenaar van het schip was de Vlaamse industrieel Saverijs, wiens kapitaalsgroep tien jaar geleden een rendabele en hoogtechnologisch werf in Temse aan de Schelde naar het failliet dreef na vele miljoenen overheidssteun te hebben binnengerijfd. En nu het mooie weer maakt in lage-loonlanden.

Het is evident dat China als soevereine natie beslist over de koers die het wil varen. Maar dat belet ons niet een aantal vaststellingen te maken. De overgang van een Chinese staatseconomie naar en vorm van staatskapitalisme is grotendeels overgenomen van het Westers "groeimodel" (= economische groei op een sociaal-ecologisch kerkhof). Om die "groei" mogelijk te maken worden regelmatig tientallen dorpen, vergelijkbaar met Doel, zonder veel scrupules met de grond gelijk gemaakt om plaats te maken voor nieuwe bouwsels. Die "groei" steunt op sociale dumping, slechte werkomstandigheden (bijv. duizenden doden in onveilige steenkoolmijnen, miljoenen werklozen,...) en geprivatiseerde bedrijven.

Die bedrijven zijn vaak in handen van vrienden, bloedverwanten van functionarissen in en rond de heersende "communistische partij", een lege schelp die weinig of niets meer voorstelt als het om de basiswaarden van het socialisme gaat. Het is een kleine laag van jonge, nieuwe rijken, die graag hun nieuw verkregen rijkdom demonstreren en hun uiterste best doen de elite van het Westen na te bootsen tot in het meest absurde, cfr. ook Rusland). Dat alles staat niet op zich. De nefaste invloed van de door het Westen gecontroleerde technocratieën (WHO, IMF,...) en van de Westerse multinationals mag niet onderschat worden, juist omwille van wat China tot voor kort was: een zwak ontwikkelingsland. De nieuwe nationale, heersende klasse in China kan misschien op termijn een rivaal worden voor het Westen, en misschien het machtsmonopolie van de Westerse heersende klasse bedreigen (wat enige ruimte zou kunnen geven aan regimes die zich aan het Westerse juk willen onttrekken). Maar wat ons interesseert, is dat China op dit moment geen sociaal-ecologisch en democratisch alternatief vormt voor het mondiale neoliberalisme.

*

Ondanks de toeters en bellen waarmee het bezoek van de vorst en de kroonprins aan China werd begeleid is dit voor de Vlaamse (en Waalse) werknemers een slechte zaak. Misschien is China momenteel een eldorado voor een beperkt aantal Belgische bedrijven, maar grotendeels op de rug van de Vlaamse én Chinese arbeiders. De reis was vooral bedoeld voor binnenlands gebruik. Twee signalen werden uitgezonden.

De Belgische elite, verzameld rond de Saksen-Coburgs, demonstreerde dat ze de dienst uitmaakt in het buitenland. De kroonprins werd zelfs overmoedig en begon vanuit China voor de media aan politiek te doen door een rechts nationalistische Vlaamse partij te waarschuwen dat men "met hem zal te doen hebben" als Vlaanderen onafhankelijk wil worden. Alsof de keuze voor een onafhankelijk Vlaanderen afhangt van één partij, en zal kunnen tegengehouden worden door een kwade prins als een pluralistisch, democratisch Vlaams volksfront dat wil...

Voor de sociale toekomst van de werkende bevolking in Vlaanderen en Wallonië was deze reis het slechtste signaal dat de Coburgs en hun gevolg konden geven. De Belgische elite heeft gekozen voor een neoliberale koers van sociale afbraak en delokalisatie,... Dat heeft voor gevolg dat ze niet alleen een tegenstander is van Vlaanderens zelfstandigheid, maar ook van een toekomstgericht beleid (werkgelegenheid in een overwegend Vlaamse diensteneconomie, sociaal en ecologisch verantwoord ondernemersschap en uitbouw van de sociale zekerheid).