Nummer 114


Politiek commentaar | februari 2006


Manifest voor een zelfstandig Vlaanderen (Julien Borremans)<< Nummer 114

Een zevental jaren geleden voorspelde een flamboyant voorzitter van de Vlaamse Volksbeweging dat het binnen de drie jaren met België zou gedaan zijn: België heeft afgedaan en heeft niet de minste toekomst. De man in kwestie haalde met zijn drieste uitspraken de kranten. Zelfs een kwaliteitskrant schatte de nieuwswaarde van dit oordeel hoog in en wijdde er een stukje aan. De man in kwestie toverde allerlei managementstrategieën uit zijn hoed en beweerde dat de bedrijfswereld klaar stond voor de grote sprong voorwaarts. Drie jaar later was er niets veranderd: België is er nog steeds. Ondanks de vele 'fatwa's' die door de ayatollahs van de Vlaamse beweging zijn uitgesproken, is er weinig tot niets veranderd. Bij het aantreden van de nieuwe Vlaamse regering kreeg de Vlaamse emancipatiestrijd een nieuwe opdoffer: de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde - geformuleerd als een breekpunt - werd uitgesteld en op de agenda van een volgende regering geplaatst. Een dieptepunt. De media besteden nog amper aandacht aan al wat naar een zelfstandig Vlaanderen streeft. Dit is haast onbegrijpelijk, zeker als je weet dat er tussen Vlaanderen en Wallonië een onoverbrugbare kloof gaapt, wat een streven naar meer autonomie op zijn minst in de hand zou moeten werken. België desintegreert zienderogen, maar in Vlaanderen is er in de verste verte geen politieke macht of media die de emancipatie van Vlaanderen in een zelfstandige staat zou kunnen finaliseren.

Van dit onvermogen profiteren de pro-Belgische lobbygroepen. Het Belgische model kent intussen een opleving. In heel wat politieke kringen wordt dit samenlevingsmodel weliswaar ervaren als sterk onvolmaakt, maar best leefbaar en tamelijk succesvol: België herbergt meerdere bevolkingsgroepen die tamelijk vreedzaam samenleven. Meer zelfs, België vormt op staatkundig vlak voor velen het toonbeeld voor Europa, zelfs de wereld. Dat dit onzin is, weten u en ik maar al te best, maar hoe overtuig je de rest van Vlaanderen? Belangrijke delen van de jeugd staan immers onverschillig ten opzichte van de Vlaamse emancipatiestrijd. Binnen belangrijke delen van de non-profit sector, de vakbondswereld, de media... staat deze strijd zeker niet op het prioriteitenlijstje. Dit wil zeker niet zeggen dat er geen fundamentele kritiek geleverd wordt op het sterk falend Belgisch model. Integendeel, maar de oplossing wordt nog steeds gezocht binnen de 'federale' constructie van dit land.

Denkgroep "In de Warande"

Op het moment dat de secessie van Vlaanderen verder weg lijkt dan ooit, verschijnt er een boek van de denkgroep "In de Warande". Het boek is als een manifest opgevat en draagt de nogal voor zich sprekende titel: "Manifest voor een zelfstandig Vlaanderen in Europa". Met het project België wordt definitief afgerekend. Remi Vermeiren - oud-voorzitter van de KBC - windt er geen doekjes om: "Zonder sentiment maar met harde cijfers en wetenschappelijke simulaties hebben we België doorgelicht. Onze conclusie: het Belgisch model is ten dode opgeschreven. Ofwel wachten we tot Brussel, Wallonië en Vlaanderen er nog meer op achteruitgaan. Of we grijpen snel in."

De denkgroep 'In De Warande' is geen clubje van het Vlaams Belang. Integendeel! Het is een groep van onafhankelijke mensen die hun sporen in de financiële of de academische wereld hebben verdiend. Voor het eerst treedt een groep van Vlaamse prominenten op de voorgrond, die duidelijk stelt dat het project België geen enkele meerwaarde meer biedt en dat het zo snel mogelijk moet worden ontbonden, wil Vlaanderen binnen enkele jaren nog enige rol van betekenis spelen. De cijfers en gegevens die in het boek verwerkt zijn, zijn zo overtuigend dat de politieke overheid in dit land er niet naast kan kijken: Wallonië is een sociaal-economisch kerkhof en heeft zich door de miljardentransfers vanuit Vlaanderen in slaap laten wiegen. De geldstromen naar Wallonië hebben zo'n omvang aangenomen dat zelfs 280.000 extra banen in Wallonië niet zouden volstaan om de geldstroom van richting te doen veranderen. Moet u zich dit even voorstellen...

De studie constateert dat over bijna alle bevoegdheden er fundamentele verschillen in visie zijn tussen Vlaanderen en Wallonië. Het lijstje is indrukwekkend, een greep: het jeugddelinquentierecht, de kieslijsten in Brussel-Halle-Vilvoorde, de verdeling van de geluidshinder rond Zaventem, de dienstencheques, de controle op misbruiken in de werkloosheid, het voorschrijfgedrag van artsen, de implementatie van Kyoto, de flitspalen en ga zo maar door. Bovendien hebben de diverse staatshervormingen de staatsstructuren zo ingewikkeld gemaakt dat België haast onmogelijk nog kan functioneren. De Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling heeft bekend gemaakt dat de België de op twee na laatste is van alle OESO- landen wat betreft de prestaties van de publieke sector. De federale overheid voert haar overgebleven kerntaken - binnenlandse zaken, justitie, financiën - zo slecht uit dat in de geesten van heel wat Vlaamse ondernemers België reeds virtueel gesplitst is.

De leden van de denkgroep 'In De Warande' willen geenszins Wallonië laten vallen. Integendeel! Wallonië moet op eigen benen leren staan en om dit te ondersteunen moet de solidariteit tussen noord en zuid nog 10 jaren na de splitsing voortduren.

De ondertekenaars van het manifest stellen dat Vlaanderen en Wallonië afzonderlijk beter gewapend zijn om de uitdagingen van onze tijd - zoals de intense internationale concurrentie, de aankomende vergrijzing, de klimaatsverandering en de inefficiënte staatsstructuur - aan te pakken.

Dat een vreedzame splitsing van België onmogelijk is, wordt door één van de vele internationale voorbeelden tegengesproken, nl. de splitsing van het vroegere Tsjecho-Slowakije. Deze splitsing heeft zich op een rustige en rationele manier voltrokken, zonder dat daar enige vorm van bloedvergieten aan te pas is gekomen. Waarom zou dit niet in België kunnen?

Ook voor Brussel is een oplossing gevonden: deze internationale stad krijgt een ruime autonomie van het lokaal bestuur met behoud van Brussel als feitelijke hoofdstad van Vlaanderen, misschien ook wel van Wallonië. Beide, bij voorkeur samen met de EU, zouden de hoofdstedelijke en internationale rol van Brussel kunnen vrijwaren via afspraken betreffende de financiering ervan en het toezicht erop. De denkgroep baseert zich op de organisatie en het statuut van Washington DC.

Ook in Wallonië is het boek ingeslagen als een komeet. Naar aanleiding van een vernietigend rapport van enkele Luikse professoren over de sociaal-economische situatie in Wallonië, stelde Di Rupo een Marshallplan voor Wallonië op. Dit boek sluit naadloos aan bij de gemaakte analyse en biedt zowel voor Vlaanderen als voor Wallonië een oplossing aan.

De leden van de denktank 'In De Warande' hebben de voorzet gegeven. Ze hebben duidelijk aangetoond waarom België moet worden gesplitst. Het is nu aan de politiek om de conclusies te trekken.

En nu?

Dat het manifest bedacht en geschreven werd vanuit hooggeplaatste economische en academische kringen, aangevuld met mensen vanuit de pers, het Rode Kruis..., is geen toeval. De onafhankelijkheidsidee leeft daar al een tijdje, wat niet alleen te maken heeft met de politieke realiteit maar evenzeer met het feit dat de 'top' van de Vlaamse beweging en partijen - die naar onafhankelijkheid streven - steeds hebben geflirt met de hoogste economische kringen (het bedrijfsleven) in Vlaanderen, met een steeds slinkend deel van de pers en een handvol professoren. Jammer genoeg blijft 95 % van deze mensen geloven in het burgerlijke kapitalisme en het elitaire liberalisme. Het is dan ook geen toeval dat vele vooraanstaanden van de Volksunie - in de jaren zestig voor 'revolutionair' en uiterst inciviek aanzien - hun weg gemakkelijk vonden naar de top van verschillende beleidspartijen en het klassieke belgicistisch milieu, met zijn baronnen, graven, ministers van staat en wat nog allemaal. Staatkundig mag er dan al een verschil in visie zijn, ideologisch zijn de tegenstellingen minimaal. En laten we eerlijk zijn, het is haast menselijk dat met het uitblijven van de onafhankelijkheid de vermoeidheid optreedt en het staatkundig idee als principe overeind blijft, maar in de praktijk niet meer wordt nagestreefd. Het 'pragmatisme' komt dan bovendrijven en het belgicistisch machtsapparaat - dat trouwens sterk ideologisch gekleurd is - recupereert de tegenstanders. Daar zijn massa's voorbeelden van. Het is dan ook zeker niet onmogelijk dat de N-VA en belangrijke delen van het Vlaams Belang binnen een aantal jaren door behoudsgezinde en conservatieve partijen worden gerecupereerd.

Dit is dan ook de belangrijkste zwakte van dit boek. De analyse die wordt aangeboden, is in eerste instantie economisch en staatkundig ingevuld, gepercipieerd vanuit een sterk liberale en kapitalistische hoek. Het project 'zelfstandig Vlaanderen' is een elitair project dat wordt gedragen en gecreëerd door intellectuelen en vooraanstaanden vanuit Vlaamse economische kringen. Dit soort misplaatst elitarisme vinden we eveneens terug in klassieke belgicistische kringen. Het is naar mijn mening dan ook geen toeval dat het standpunt over Brussel danig werd afgezwakt en als 'haalbaar' werd naar voor geschoven. Dit manifest wil de spanningen met de neo-belgicistische machtselite en de internationale EU-elite beperken.

Conclusie: het boek wordt wel gelezen, maar door belangrijke lagen van de bevolking niet gedragen. Het heeft een tijdje de voorpagina's van de kranten gehaald, wat opiniepeilingen beïnvloed, maar is even snel uit de aandacht verdwenen als dat het erin gekomen is. De Vlaamse beweging interpreteert dat andermaal als een aanslag op haar onafhankelijkheidsstreven en zoekt er allerlei complotten achter. Maar de realiteit is helaas dat voor heel wat Vlamingen dit soort onafhankelijkheidsstreven een 'heel ver van mijn bed-show' is om dat het langs geen kanten gaat over de grote sociaal-economische problemen en uitdagingen waar de modale Vlaming dagelijks mee geconfronteerd worden. Bij het lezen van het boek kreeg ik het gevoel dat een onafhankelijk Vlaanderen ver boven de hoofden van de gewone mens zal worden gecreëerd.

Andere zwaktes

Het beeld dat de denkgroep over Wallonië andermaal de wereld instuurt, getuigt van een misprijzen voor het failliete Wallonië, dat - aldus het boek - op kosten leeft van een welvarend en werkzaam Vlaanderen. Deze zienswijze streelt de traditionele Vlaamse zelfgenoegzaamheid, maar getuigt van kortzichtigheid. Als Vlaanderen ooit zelfstandig wil worden dan zal het zowel Brussel als Wallonië rond de tafel moeten krijgen om hen te overtuigen. Dit doe je niet door hen voortdurend voor het hoofd te stoten en te kleineren. De Walen en Franstaligen moeten immers worden overtuigd of moeten we de onafhankelijkheid misschien afdingen door de democratische instellingen te blokkeren?

De zelfgenoegzame houding van de denkgroep is gevaarlijk, want de Vlaamse welvaart is slechts relatief en broos. In vergelijking met de Waalse economie doet de Vlaamse het goed. Maar op zichzelf is de toestand minder rooskleurig: de verpaupering van onze binnensteden spreken boekdelen. Deze Vlaamse zelfgenoegzaamheid zet in Wallonië kwaad bloed, waardoor elke dialoog wordt afgewezen. Maar ook internationaal wordt de Vlaamse houding als egoïstisch en bekrompen 'nationalistisch' gebrandmerkt, wat naar mijn mening nog het grootste probleem is. Internationale correspondenten die in Brussel actief zijn, lezen vooral de Franstalige pers en nemen maar al te graag het beeld van een egoïstisch Vlaanderen over. Dit beeld wordt door een uit de kluiten gewassen Vlaams Belang nog verder versterkt.

Wat daar naadloos bij aansluit is de Vlaamse politieke puberteit op staatkundig vlak. Indien België zolang overeind blijft, is dat niet dankzij de Waalse liefde, maar dankzij de Vlaamse politieke onvolwassenheid. Er bestaat in Vlaanderen geen enkele politieke partij - ook niet de N-VA en zeker niet het Vlaams Belang - die een Vlaamse staatsvisie heeft ontwikkeld en zich een coherent beeld heeft gevormd van de economische, sociale en algemeen maatschappelijke krachtlijnen van een zelfstandig Vlaanderen, laat staan dat er een strategie voor handen is die tot deze zelfstandigheid zou moeten leiden.

Antoon Roosens verwoordde het in "Een Vlaams Marshallplan voor Wallonië" heel treffend: "De Vlaamse partijen durven de verantwoordelijkheid niet opnemen voor een zelfstandige Vlaamse Staat, al ware het maar dat zij iedere krediet hebben verspeeld bij de publieke opinie. Indien België dan toch ten dode opgeschreven is, hopen zij hun macht te kunnen consolideren als trouwe dienaars van een Europese superstaat.
Ook het Vlaams Belang (door Roosens in 1998 nog het Vlaams Blok genoemd) is slechts een politiek puberteitsverschijnsel. Demagogische exploitatie van de Vlaamse xenofobie, en nog een meer oppervlakkige exploitatie van anti-francofone en anti-Waalse frustraties, verbergen een schrijnend gebrek aan inzicht in vitale toekomstproblemen, zoals Europa en het mondiaal kapitalisme, de krachtlijnen van een nieuwe sociale en economische politiek, en de opbouw van de noodzakelijke praktijk van democratische tolerantie en politiek consensusvorming.
De Vlaamse partijen hebben door hun organische band met de bestaande staatsstructuur en door hun ideologische onvolwassenheid, geen collectieve instrumenten voor een reflectie over een zelfstandig Vlaanderen, noch voor het formuleren en implementeren van een politieke strategie naar dat doel.
" Als dat niet de nagel op de kop is.

Een maat voor niets?

Is dit boek nu een maat voor niets? Zeker niet. Het boek kan een aanzet betekenen om zowel binnen als buiten de traditionele Vlaamse beweging de discussie over de nood en de wenselijkheid van een zelfstandig Vlaanderen aan te zwengelen. Maar wie is bij machte om dit te organiseren? Het OVV?

De inherente zwakte van het boek, vormt tevens de inherente zwakte van de Vlaamse beweging en dus ook van het sociaal-flamingantisme in Vlaanderen: de nood aan een goed geformuleerd alternatief (ideologisch, sociaal-economisch maar ook strategisch en tactisch) dringt zich op. Het wordt dan ook dringend tijd dat we de krachten bundelen en onze tijd steken in het uitdenken en formuleren van een goed doordacht alternatief en een uitgetekende strategie.