Nummer 14


Sumer is icumen in | juli - augustus 1995


Het Nederlands in het Derde Gewest... (Dirk De Haes)<< Nummer 14

Eindelijk is het weer zomer! Het is een heerlijke tijd met zonnige dagen en zwoele nachten. De werkenden onder ons kunnen wat vakantie nemen en de grote schare werklozen moet zich voor een tijdje niet schamen voor het dagenlang nietsdoen. Vele landgenoten ondernemen een reis naar verre streken, maar ook talrijke buitenlandse toeristen zullen ons Katholieke Koninkrijk aandoen.

Dat zal zeker onze prachtige hoofdstad geweten hebben: Brussel wordt elke zomer overspoeld door duizenden Japanners (zelfs op reis geraken die niet uit hun mierenbestaan) die zich verdringen voor het standbeeld van de oudste Brusselaar little Julian; honderden luidruchtige Yankees kopen kilo's Belgische chocolaatjes en Engelse bejaarden, die toch opvallen door hun vooruitstrevende kleding, proeven het verrassend verfrissende bier van bij ons op de terrassen waar normaal de Eurocraten de namiddag doorbrengen.

En elk jaar opnieuw bewijzen de hedendaagse Brusselaars, die van deze stroom vakantiegangers beter willen worden, dat ze wel degelijk tweetalig zijn: iedere kelner, dienster, zaalsuppoost en sigarettenverkoper spreekt vlot Frans en Engels!

Onder de massa toeristen zijn er ook Belgen uit de Provincie die hun hoofdstad komen bezoeken. Elke Vlaming moet als Westerse hadji toch eenmaal in zijn leven het Atomium, de Grote Markt en vooral het Koninklijk Paleis gezien hebben! Deze brave mensen, die onder elkaar het Vlaams spreken (een dialect verwant aan het Hollands), tonen graag te Brussel dat ze ook de wereldtaal Frans machtig zijn, die ze van België mochten leren.

Sommige van die provincialen menen echter dat ze in Brussel overal en altijd zomaar hun streektaal mogen blijven spreken: deze extremisten (meestal de kinderen en kleinkinderen van incivieken die door de Duits betaald werden) bedreigen alzo de democratie, de Koning, de pacificatie en de goeie zomersfeer! Kunnen wij dat toelaten?

Ale gekheid op een stokje, maar helaas... Sedert jaren manen vooraanstaande taalfieren de Vlamingen aan te Brussel gewoon Nederlands te spreken. En ja, het is wat gebeterd, dat wil zeggen: niet àlle Vlamingen spreken nog onmiddellijk Frans in het Derde Gewest. Het overgrote deel gaat helaas heel vlug over naar het Frans wanneer ze geconfronteerd worden met iemand die gebaart geen Nederlands te verstaan.

Waarom zoveel Vlamingen die Brussel bezoeken of meer nog, die er werken, zo graag Frans spreken kan ik hier niet onderzoeken: waarschijnlijk gaat het om een gamma redenen gaande van schroom (de dialectische tongval verbergen) tot een zoeken naar prestige (de afkomst verloochenen)... Maar het feit dat deze redenen anno 1995 nog kunnen spelen is mede de schuld van de Vlaamse beweging!

Was de Vlaamse beweging niet te lang uitsluitend gefocust op de Belgische politiek? Heben wij ons niet te lang alleen geuit in termen van 'reactie' op pijnlijke wantoestanden i.p.v. eerst een aantal streefdoelen duidelijk te poneren om ze dan pas aan de werkelijheid te toetsen?

Ik kan alleen maar vaststellen dat de Vlaamse beweging zich zodanig op het structurele vergaapt heeft en de sociaal-emancipatorische opdracht daarbij verwaarloosd liet, dat dit een weerslag heeft gehad op de nu bekomen structuren: een drieledig federalisme waarin Brussel een soort stadstaat geworden is waar de Vlamingen met de dag minder macht kunnen uitoefenen, waar het Nederlands slechts pro forma aanwezig is, waarvan een toenemende verfransingsdruk op Vlaams-Brabant uitgaat.

Omdat de doorsnee Vlaming nog altijd geen vanzelfsprekende taalfierheid heeft, ontbreekt het hem ook aan inzicht in die structuren die met taal, cultuur en volkskracht te maken hebben!
Met andere woorden: de Vlaamse beweging is van een taalbeweging een sociaal-economische beweging geworden zonder dat de houding i.v.m. taal volledig veranderde van 'tegen de franskiljons' naar 'voor zelfbewuste Nederlandstalige Vlamingen'.

Hij die bewust zijn taal spreekt zal ook politiek meer bewust worden. En de bewuste Vlaming zal het Belgisch federalisme onderkennen als een misbaksel, de zoethoudertjes van zich weggooien en daadwerkelijk zelfbestuur eisen!

De acties die tot nu toe opgezet werden om de Vlamingen aan te sporen in Brussel Nederlands te spreken, hebben hun doel gemist. De toon ervan is immers te onderdanig vragend en vrijblijvend. Dure brochures met foto's van Bekende Vlamingen halen niets uit.

In de jaren vijftig stelde Maurits van Haegendoren een 'code voor de Vlaming te Brussel' op. Hij ging dus duidelijk imperatief tewerk, omdat hij ervan doordrongen was dat taalbelang stoffelijk belang betekent. Daarom werden zij die de code verzaakten streng geculpalibiseerd. Dit lijkt ons inderdaad de beste benaderingswijze.

Wij hebben van Haegendorens code aangepast aan onze tijd en drukken ze hier af met de wens dat alle Vlaamse strijdverenigingen ze de komende maanden mee helpen verspreiden: zo kan het een echte deugddoende zomer worden!