Nummer 141


Interview | november 2008


Jan Verheyen: "Alles wat naar Vlaamse cultuurbeleving ruikt, is stilaan aangebrand. Dit is op de duur pure zelfhaat." (Diederik Demuynck)<< Nummer 141

Er zijn zo van die mensen die je als democratisch en progressief flamingant het gevoel geven dat je geen weirdo bent, maar dat je voor iets opkomt dat de moeite waard is. Filmmaker, ex VTM-programmadirecteur en immer knuffelbare bekende Vlaming Jan Verheyen is zo iemand. De man is niet van Vlaemschgezinden huize en heeft de kunst van het vendelzwaaien net niet onder de knie. Wel heeft hij op het beruchte Klein Seminarie gezeten in Sint-Niklaas (met oud-leerlingen zoals Tom Lanoye, August Borms en leraar Anton Van Wilderode) waar het flamingantisme quasi onderdeel van het lessenpakket was. Toch is Jan Verheyen in de eerste plaats een vrijdenker. Straks krijgt hij van het Vlaams Komitee Brussel de jaarlijkse erepenning Albert De Cuyper uitgereikt. Meervoud wilde wel eens weten waarvoor de man zoal staat.

-Jij bent een van de meest opgemerkte ondertekenaars van het flamingante Gravensteenmanifest. Bizar. Een Bekende Vlaming wordt niet verondersteld zoiets te ondertekenen. Foutje gemaakt?

Jan Verheyen: Neen, toch niet. Ik werd op een bepaald moment gebeld door Chris Michel (ex-VTM journalist) om te vragen of ik de tekst mee wilde ondertekenen. En toen ik de insteek die Chris en de zijnen gaven aan de tekst hoorde en las, bleek die ook te kloppen met wat ik zelf voelde en dacht over Vlaams en Vlaanderen. Die begrippen zijn de afgelopen decennia gekaapt door rechts. Tegelijkertijd wordt door een bepaald soort media de automatische link gemaakt tussen de begrippen Vlaams, Vlaams-nationalist, extreemrechts, fout in de oorlog, vendelzwaaiende horden, terwijl dat dat zo natuurlijk niet is.

De meeste mensen van de Gravensteengroep zijn eerder links van het centrum te situeren en hebben zich verenigd vanuit een soort bezorgdheid over die begripsverwarring. Het is toch perfect mogelijk dat je Vlaamsgezind kan zijn zonder onmiddellijk geassocieerd te moeten worden met een bepaalde strekking in het politieke landschap. Het manifest kwam trouwens uit in de periode waar de communautaire problemen een hoogtepunt kenden. En tot mijn niet geringe verbazing moest ik vaststellen dat een groot deel van de culturele intelligentsia zich plots allemaal tot belgicisten ontpopten.

- Waaraan ligt dat volgens jou?

Jan Verheyen: Ik heb daar een vrij eenvoudige verklaring voor. Kunstenaars en artiesten, in de brede zin van het woord, zijn vaak wereldvreemd. Bless them, daarom zijn het kunstenaars. Maar wereldvreemden hebben vaak last van tunnelvisie en hebben vanuit een Pavloviaanse reflex gereageerd, namelijk "rechts is fout" en hun handelsfonds zeg maar, zit eerder links. De media die over hen berichten, zit ook allemaal in die hoek. "Dus daar moeten we zijn" denkt de artiest dan. Maar van de weeromstuit belanden diezelfde artiesten dan in een kamp dat niet alleen pro Belgisch is, waarmee ik op zich geen problemen heb, maar tegelijkertijd lopen dan plotseling al die mensen hand in hand met de monarchie. Per definitie de meest ondemocratische instelling die er is.

Wel, ik vind dat dus aberrant! Verbazing is nog te licht uitgedrukt. Ik vind het choquerend dat je als kritisch ingestelde kunstenaar en dus rebel, net niet met de tong op de knieën achter een decoratie aanloopt of een invitatie voor een verjaardagsfeestje van Albert II. Die mensen zeggen eigenlijk luidkeels "erfelijke macht is okee!".

Dat heeft me tot in het diepst van mijn wezen gechoqueerd.

Je kan niet kritisch staan ten opzichte van de maatschappij, jezelf links of rebels noemen of zelfs gewoon maar kunstenaar zonder op zijn minst erg kritisch te staan tegenover het koningshuis.

- Hoe doorbreek je die patstelling?

Jan Verheyen: Ik ben daar niet optimistisch over. Een stokpaardje van mij is de zeer deprimerende vaststelling dat we in een uiterst gepolariseerde maatschappij leven. Het lijkt bijna een loopgravenoorlog. Iedereen zit vast in zijn stellingen en er wordt zeer weinig terrein veroverd. Je wordt ook verondersteld kant te kiezen en dat gaat zeer ver. Niet alleen over links en rechts, maar ook over high culture (nvdr "intellectuele cultuur") versus low culture (nvdr: "populaire cultuur"), De Standaard tegen De Morgen, de Humo tegen Knack, VTM versus canvas, je moet constant kiezen quoi. En dat terwijl ik voor mezelf vaststel dat dat voor mij niet werkt. Ik ben een cultureel en politiek dakloze.

- Maar hoe ben je er dan toe gekomen om als onafhankelijk denker en niet-stamboom-flamingant dat te zijn wat je nu ten dele bent?

Jan Verheyen: Ik zie mijn handtekening onder dat manifest niet als een zwaarwichtig politiek statement. Ik maak met mijn handtekening onder het Gravensteenmanifest ook geen keuze tégen iets, maar voor iets. Het is voor mij het aanbrengen van een nuance.

- Je beseft toch dat je nu een te mijden en raar wezentje bent temidden van de mensen waar je mee samenwerkt.

Jan Verheyen: Ja, dat kan zijn. Het contrast tussen de artiesten die het Gravensteenmanifest mee ondertekend hebben en de artiesten die "red de solidariteit" ondertekend hebben, is vanaf nu officieel onoverbrugbaar groot (lacht). Begrippen worden trouwens in deze naar hartelust gekaapt en misbruikt. Het gebruik van het begrip "verdraagzaamheid" bijvoorbeeld is een alleenrecht van een bepaald soort mensen die zich tot een bepaalde soort kleur bekennen. Onzin natuurlijk. Je kan absoluut Vlaamsgezind zijn én verdraagzaam en solidair. Dat is nu de essentie waarom die Gravensteengroep is ontstaan. Een beetje in de trant van "kijk, het kan niet langer dat al die begrippen verkeerd worden gebruikt en sommige het alleenrecht zijn van de ene of de gene"

Je kan van Etienne Vermeersch heel veel zeggen, maar niet dat het een fascist is bij wijze van spreken. De ondertekenaars hebben een oprechte bezorgdheid en willen een signaal geven dat je perfect links kan zijn én het getrappel op alles wat met Vlaamse cultuur heeft te maken, niet normaal vind.

- Wat doe jij concreet voor de Gravensteengroep?

Jan Verheyen: Absoluut niks. Ik ben een sympathisant en blijf dat. Als ik ooit es heel veel tijd heb, wil ik best meewerken aan een manifest over cultuur. Wees gerust, het was een zeer bewuste keuze van me om het manifest te ondertekenen.

- Tracht je anderen te overtuigen?

Jan Verheyen: Neen. Ik zal de discussie niet uit de weg gaan, maar ik ben sowieso iemand die in de culturele sector als Einzelgänger bekend staat. Ik maak films en dat betekent dat je een keer per jaar met 60 mensen iets maakt, maar ik ben sowieso niet het soort van mens die vernissages, feestjes en de grote cultuurinstellingen afdweilt. Niet omdat ik daar iets tegen heb, maar gewoon omdat ik het geluk heb voortdurend met mijn films bezig te zijn.

- Wat vind je als vrijdenker van een beladen begrip zoals het "onafhankelijke Vlaanderen"?.

Jan Verheyen: Ik lig daar niet van wakker. Ik vind het zeker niet onbespreekbaar, maar met mijn beperkte kennis die ik heb van ons buitengewone complexe landschap zie ik dat niet echt verwezenlijkbaar. Men vergelijkt het soms wat te eenvoudig met Tsjechië en Slowakije, maar die hadden dan ook geen Brussel.

Ik heb voor alle duidelijkheid niets tegen België, als het maar een republiek is, maar dan liefst wel een goed bestuurde republiek. Maar hierover te veel discussiëren wordt ook weer snel gesmoord met dooddoeners als "we hebben het hier toch erg goed". Ja, dat klopt, het is hier niet Bangladesh, maar dat neemt niet weg dat je niet kritisch mag zijn. We leven in een overgeregeerd land. New York is een stad met evenveel inwoners als het geheel van België en wordt gerund door een burgemeester. Brussel is in de wereldcontext een soort provinciestad en die wordt bestuurd door een Brusselse regering waarvan iemand zichzelf zonder in lachen uit te barsten minister-president noemt.

En dan heb je in diezelfde stad nog eens een half legioen burgemeesters, schepenen, gemeenteraadsleden en diens meer en daar bovenop de verschillende cultuurgemeenschappen die zich ook nog eens bemoeien. Ik vind het een mirakel dat de vuilnisbakken daar opgehaald worden en de post besteld wordt. Fascinerend.

Maar dat neemt niet weg dat die stad een kluwen is waar een kat zijn jongen niet in terug vindt. Absoluut geen voorbeeld dus van efficiënt bestuur.

Met andere woorden, of het nu België is of Vlaanderen maakt mij op zich niet zoveel uit. Ik wil gewoon een zo efficiënt mogelijk bestuur.

Ik hoor ook veel emotionele argumenten tégen een onafhankelijk Vlaanderen. Mensen die dan in Ter Zake of bij Phara minzaam glimlachen en zeggen "ach, we zijn al zo klein. Moeten we dat dan nog in twee doen?" Kijk, ik heb es voor de lol geprobeerd een lijst te maken van landen met 6 miljoen inwoners of minder en dat zijn er warempel niet weinig. Denemarken (nvdr: 5,5 miljoen inwoners) is nu toch geen kneusje waarmee gelachen wordt? Er zijn genoeg landen met een vergelijkbaar inwoneraantal en bnp die internationaal voor vol worden aanzien.

- Stel, je bent adviseur van dé Vlaamse beweging, als die al bestaat. Wat zou je die beweging aanraden om aanvaardbaarder over te komen?

Jan Verheyen: De Vlaamse beweging is een huis met vele kamers. We zitten in een erg versnipperd politiek landschap en dat is in de Vlaamse beweging niet anders. Dus dé Vlaamse beweging bestaat niet. Misschien maar goed ook.

Ik stel wel vast dat je met een ongelofelijke discrepantie zit wat de media betreft. Onlangs bleek nog uit een onderzoek van de Universiteit Gent dat het overgrote deel van de mediamensen SP.a of Groen stemt. Dat is een spectaculaire oververtegenwoordiging! Het grootste deel van de redacties overal te lande zit dus vol met mensen die per definitie niet sympathiek staan tegenover de Vlaamse beweging.

Kan je dat veranderen? Ik ben relatief pessimistisch. Is het zo ver gekomen omdat heel veel mensen sinds de eerste zwarte zondag (nvdr 1993) zich zo ver mogelijk willen verwijderen van alles wat naar Vlaams riekt? Tot zover zou je dat nog kunnen begrijpen maar het kind wordt met het badwater weg gesmeten. Alles wat naar Vlaamse cultuurbeleving ruikt, is stilaan aangebrand. Dit is op de duur pure zelfhaat. In tegenstelling tot andere landen, mogen we hier geen trots halen uit de eigen cultuur. Bizar toch. We staan op de bres en barricades met benefietconcerten voor om het even welke zich verdrukt voelende bevolkingsgroep, maar we hebben niet door dat we cultureel zelf een verdrukte minderheid beginnen te worden in het grotere Europese landschap. Wat geldt voor bijvoorbeeld het Baskisch, geldt net zo goed voor het "Vlaams". Een zekere vorm van zelfrespect is gevraagd. Ik neem even mezelf nu als voorbeeld. Ik ben Vlaming en heb met één uitzondering Vlaamse films gemaakt, zonder daar erg veel bij stil te staan. En toch vind ik mezelf een heel verdraagzame wereldburger. Ik moet wel zeggen dat wat de Vlaamse film betreft er heel wat, in de positieve zin dan, is veranderd. Vlaamse films zijn geen flauwekul meer voor critici. De dagen zijn denk ik voorbij waar de Vlaamse film stiefmoederlijk werd behandeld. Dat is goed. En daar zie je dat de media schoorvoetend het publiek is gevolgd. Het publiek heeft altijd al van de Vlaamse film gehouden. De media doet nu alsof dat een recent fenomeen is.

- Ben jij eigenlijk wel links?

Jan Verheyen: Ik omschrijf mezelf als een politiek dakloze. Als het over de grote ethische thema's gaat, ben ik progressief. Economisch ben ik dan veel meer liberaal. En als het op law en order aankomt, ben ik weer een stuk rechtser.

- Welkom bij Lijst Dedecker in dat geval.

Jan Verheyen: Kijk es aan (kijkt oprecht verbaasd). Het is dan ook geen toeval dat "fatsoenlijk rechts" het bijzonder goed doet als ik de peilingen mag geloven.

Een partij als het Vlaams Belang is te beladen en dat komt nooit meer goed. In die zin kan je alleen maar hopen dat er een consensus groeit bij de rechtervleugels van CD&V, VLD, N-VA en LDD. Zo een constructie zou de patstelling ook al kunnen doorbreken in onze samenleving.

- Beken jij je als "Vlaamse beweger"?

Ik ben meer politiek dakloos dan dat ik mezelf Vlaamse beweger zou noemen. Ik ben best wel Vlaamsgezind maar niet in die zin dat er uiteindelijk maar één consequentie is, namelijk het onafhankelijke Vlaanderen. Daar moet ik nog van overtuigd geraken. Momenteel spreken de studies over de economische gevolgen van zo een boedelscheiding elkaar nog te veel tegen. Ik ben een pragmaticus, ook als filmmaker. Als je te ideologisch te werk gaat, riskeer je op een bepaald moment met een zieke lever gefrustreerd aan de toog van café "de Pallieter" te zitten en tegen iedereen te lallen dat niemand wil inzien wat voor meesterwerken je wel gemaakt hebt.

Vraag is wat je verwacht op het einde van de rit. Ik zelf zal al heel tevreden zijn met een staatsstructuur die minder zwaar weegt dan nu en waar het verantwoordelijkheidsbesef aan de twee kanten van de taalgrens toeneemt. Solidariteit is een geweldig begrip, maar verantwoordelijkheid weegt minstens even zwaar door en dat is nog niet helemaal doorgedrongen.

Het ene kan niet bestaan zonder het andere. Samengevat: als ik al een Vlaamse beweger ben, dan is het in ieder geval een zeer pragmatische.

- Iets anders: jij krijgt binnenkort een erepenning van het Vlaams Komitee Brussel. Blij?

Jan Verheyen: Wel, ik heb me eerst es geïnformeerd wie of wat dat VKB is en waarom ik die penning zou verdienen.. Ze wilden blijkbaar iemand uit de culturele sector in de bloemetjes zetten die de Vlaamse cultuur in de brede zin van het woord uitdraagt. Ik moet zeggen dat ik oprecht vereerd ben.

- Tot slot. Naar wie kijk jij op in ons politieke landschap?

Jan Verheyen: Ik kan mijn voorkeuren niet altijd rationeel verklaren, maar je hebt nu eenmaal mensen die je aanspreken, die je sympathiek vindt, die je bewondert. En bij mij is dat partijgrenzen overschrijdend. Ik vind overigens dat politici over het algemeen meer respect verdienen. Het schokt me als ik lees en zie hoe Karel De Gucht momenteel op een schopstoel zit omdat zijn vrouw een paar duizend Fortis-aandelen verkoopt op een dag waar er al uitzonderlijk bijna 27 miljoen werden verkocht.

Wie bewonder ik? Ik vind Bart De Wever een verademing in het politieke landschap. Wat me geweldig aanspreekt in Bart De Wever is het feit dat hij als intellectueel zichzelf geweldig kan relativeren. Een eigenschap waar bijzonder weinig intellectuelen over beschikken.

Ik weet dat het niet bon ton is om Yves Leterme niet af te vallen, maar hij heeft van zodra bekend was met hoeveel voorkeurstemmen hij de concurrentie aftroefde, nooit een eerlijke kans gekregen. Je haalt niet ongestraft meer dan 800.000 stemmen. Ik had de handdoek al lang in de ring gegooid. Die man heeft de processie van Echternach moeten lopen in een bad vol met lijm. Vanuit mijn contraire houding koester ik dus sympathie voor de man. Al was het maar omdat het zoals gezegd erg hip is om op Yves Leterme te schijten.

En Karel De Gucht bewonder ik omdat hij als een van de weinigen zich luidop durfde uit te spreken tegen een zichzelf verrijkende kleine klasse in Congo. Ik bewonder de rechtlijnigheid van de man. Het is hem niet bepaald in dank afgenomen. Niet dat ik met alles wat hij zegt akkoord ga, maar ik ben overtuigd dat hij een idealist is. Het zou me bijzonder veel pijn doen moest blijken dat ik het niet bij het rechte eind heb.