Nummer 144


Interview | februari 2009


Jules Gheude, initiatiefnemer van de Staten-Generaal van Wallonië: "In tegenstelling tot de Staten-Generaal van Brussel zijn wij post-Belgisch!" (Christian Dutoit)<< Nummer 144

Net zoals in Brussel vindt er ook in Wallonië een Staten-Generaal plaats. Die kan op een redelijke belangstelling rekenen, maar de Franstalige pers, die vooral Brussels is, laat het een beetje afweten. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de initiatiefnemer, Jules Gheude, zijn oproep voor een Waalse Staten-Generaal lanceerde in de Franse krant Le Monde van 17 mei 2006, een maand later weliswaar overgenomen door La Libre Belgique ('als het regent in Parijs...) Meervoud vindt het de moeite waard even de polsslag te gaan voelen bij onze Waalse broeders, en vandaar dit interview met een meer dan enthousiaste Waal pur sang, die zijn mosterd voornamelijk haalt bij een van de nestoren van de Waalse beweging, François Perin..

Jules Gheude: In de nota die ik ten persoonlijke titel voorleg zijn er drie opties verwerkt. Een eerste is een onafhankelijk Wallonië. Een tweede is het project 'Wallobrux', Wallonië samen met Brussel dus. Een derde is een samengaan van Wallonië met Frankrijk. En wellicht moet daar ook een vierde optie aan genaaid worden, want wie weet willen onze Duitstalige vrienden niet samengaan met Duitsland of Luxemburg. Karl-Heinz Lambertz heeft trouwens zelf gezegd: we zijn ooit Duitsers geweest, waarom zouden we het niet weer worden? Er kan ook gedacht worden aan een Duitstalige gemeenschap als een soort Liechtenstein. Maar die vierde piste is niet weerhouden omdat we eigenlijk niemand vonden om ze te verdedigen. Wij hebben het Manifest voor een Waalse Staten-Generaal gelanceerd via internet, met de bedoeling een duizendtal handtekeningen eronder te krijgen. De ondertekenaars komen uit alle leeftijdscategorieën, hebben allerlei verschillende achtergronden: notarissen, professoren, gynaecologen, werklozen, leraren. In 2006 werd de idee gelanceerd via een artikel in La Libre Belgique. Stelling was dat de verkiezingen van 2007 best wel eens de laatste zouden kunnen zijn. François Perin had dat al in 1980 voorzien, die gaf toen zijn ontslag als senator omdat hij geen vertegenwoordiger meer wou zijn van een staat die niet meer bestaat. Hij gaf daar verschillende redenen voor op. Eén: het feitelijk bestaan van een Vlaamse natie. Twee: de particratie. Kijk maar wat nu aan de gang is met Reynders en Di Rupo. En drie: de drukkingsgroepen van alle slag.

- In die tijd was de Waalse beweging nog sterk. Wat blijft daar nu nog van over?

Jules Gheude: Niet zoveel. Daar is een simpele reden voor: André Renard (socialistisch stakingsleider van de grote staking van begin jaren zestig, later boegbeeld van de Mouvement Populaire Wallon, nvdr) was een visionaire persoonlijkheid. Als vakbondsman heeft hij goed stand gehouden, want hij was ook de man van de Mouvement Populaire Wallon. Perin noemde hem een 'syndicale prins', een 'seigneur'. Hij had een enorm charisma, ook bij de vrouwen. Hij was net als een Amerikaans acteur. Renard heeft op tijd ingezien dat Wallonië op industrieel vlak bergaf ging. Hij koos dus voor federalisme en economische structuurhervormingen. Aan Vlaamse kant gingen er vooral stemmen op voor culturele autonomie.

- In 1963 was er in Antwerpen toch een grote betoging voor federalisme en economische structuurhervormingen. Daar was zelfs een Waalse delegatie aanwezig.

Jules Gheude: De grote staking van begin jaren zestig is ook voor een stuk begonnen in Antwerpen. Maar ik blijf erbij dat Vlaanderen het vooral cultureel bekeek, terwijl Wallonië een verregaande regionalisering wou. Nu wil Vlaanderen verder gaan, en het is Wallonië dat neen zegt. De Decker zegt nu terecht: merkwaardig, maar er zijn weinig regio's die schrik hebben voor meer autonomie.

- Vlaanderen was historisch ook altijd meer monarchistisch ingesteld dan Wallonië, maar ook dat is nu omgekeerd.

Jules Gheude: Inderdaad. Door de koningskwestie stonden we op de rand van een burgeroorlog. Maar ik ben pas uit Frankrijk teruggekomen op het ogenblik van de grote staking in 1961. Mijn grootvader was toen burgemeester in Waals-Brabant, ergens tussen Eigenbrakel en Nijvel. Hij was kweker van Brabantse trekpaarden. Zijn gronden waren de oude slagvelden van Waterloo. Mijn tante had me in Rijsel moeten komen ophalen, want door de staking waren er geen treinen meer. Het was ook gevaarlijk om zich met de wagen te verplaatsen, want overal werden spijkers gestrooid. Mijn grootvader heeft mij toen als vijftienjarige uitgelegd wat er aan de gang was, en hoe verschillend Vlamingen en Walen waren. Daarna heb ik de zaak Leuven meegemaakt en de groei van het Rassemblement Wallon. In 1974 werd Perin Minister voor hervorming van de instellingen. Ik ben toen op zijn kabinet gaan werken. Omdat ik germanist ben kreeg ik als opdracht de Vlaamse pers in het oog te houden. Dagelijks moest ik alle Vlaamse edito's vertalen. Drie jaar lang. Ik heb in die periode goede contacten gehad met Manu Ruys en met Guido Fonteyn, maar ook met anderen. Zelfs met Jos Van Eynde van de Volksgazet. Toen Perin vertrok was er een interne strijd binnen het RW tussen Gendebien, Gol en Knoops. Gendebien heeft toen een bocht naar links genomen. Perin werd vervangen door Michel Toussaint. De kabinetsleden van Perin werden niet overgenomen. Toen heeft Robert Vandekerckhove (CVP) mij gevraagd. Vandekerckhove had een zeer vriendschappelijke relatie met Perin. Een zestal maanden heb ik gewerkt op zijn kabinet. Er was daar ook een schepen van Deurne, Herman Todts. Die had een aantal boeken geschreven, voornamelijk over de splitsing van de Universiteit van Leuven. Hij heeft me gevraagd om een en ander in het Frans te vertalen, dat dan zou worden uitgegeven door het Davidsfonds. Het Davidsfonds heeft dat toen uiteindelijk geweigerd, iets wat Todts niet heeft geapprecieerd. In die periode werd de PRL opgericht, als opvolger van de oude liberalen van de PLP.

- Aanvankelijk was dat de PRLW, met de W van Wallonië.

Jules Gheude: Inderdaad. Maar dat is later PRL geworden toen Jean Gol de fusie aanging met de liberalen van Brussel. Ik bleef werken voor Gol en later Louis Michel, als pr-verantwoordelijke, zeg maar perschef. Ik bleef de Vlaamse pers lezen. In die periode, de tijd van het Egmontpact, had de Vlaamse pers een zeer grote impact op het politieke gebeuren. Het is die pers die het Egmontpact ten gronde heeft gericht.

- Die tijd ligt ver achter ons.

Jules Gheude: Moest ik Vlaming zijn, dan zou ik vandaag op dezelfde golflengte zitten als Donckier (Belang van Limburg) of Geudens (Gazet van Antwerpen). In hun artikels vind ik mezelf het best terug.

- Even terug naar de Staten-Generaal. Hoever staan jullie?

Jules Gheude: Er werden commissies geïnstalleerd. Er werd gezorgd voor de nodige financiën. Op politiek vlak kregen we onder meer de steun van Daniel Ducarme (MR), Claude Eerdekens (PS), en twee voormalige voorzitters van het Waalse parlement, Willy Burgeon en Robert Collignon. Alle Waalse politieke verantwoordelijken, maar ook de mensen uit de syndicale en de patronale wereld, hebben onze rapporten ontvangen. Het is ook belangrijk dat de Staten-Generaal doorgaat vóór de verkiezingen, en niet erna. Verwacht maar niet dat er op institutioneel vlak iets zal veranderen de komende maanden, niets, zelfs geen peanuts. Niets. De positie van de CD&V wordt dus wel heel kritiek. Zij wilden toch niet toetreden tot een regering zonder diepgaande hervor-ming der instellingen. BHV zou gesplitst worden dank zij vijf minuten politieke moed. En het begrotingsevenwicht, vergeet het maar. Kris Peeters heeft als lijsttrekker veel werk hoor. Maar aan Vlaamse kant heeft niemand er nu belang bij slapjes te doen als het gaat over het verdedigen van de belangen van het noorden. In 1999 waren er de vijf resoluties in het Vlaams parlement. Op het Vlaams Belang na werden die unaniem goedgekeurd. Dat was dus een democratische beslissing. Als men Kris Peeters nu vraagt: wat wil je voor Vlaanderen? Dan verwijst hij naar die resoluties. In het Waals parlement is er nooit zoiets geweest. Nooit, niets. Waaruit ik afleid dat we een serieus democratisch deficit hebben in vergelijking met Vlaanderen. De Vlaamse regering heeft zich ook gebogen over de vergrijzing, en bereidt zich nu al voor op 2010 en 2011. 'Vlaanderen heeft geen schulden meer en zwemt in het geld', schrijft Eric Donckier in 'Het Belang van Limburg'. Maar hij kan beter voorzichtig zijn, want de schulden kunnen er snel weer aankomen. En Vlaanderen heef niet de bevoegdheden om er veel aan te doen. Als ik Vlaming zou zijn, dan zou ik zeker ook een staatshervorming eisen. U hebt geld maar kunt het niet besteden zoals u wil. Dat duurt nu al tien jaar. De Franstaligen zien niet dat er boven de traditionele partijgrenzen heen een Vlaams bewustzijn bestaat dat begrepen heeft dat er een natie in wording is. Dat natiebesef bestaat niet in Brussel en zeker niet in Wallonië. Als er een mars ingericht wordt voor de eenheid van België, dan zijn daar nooit veel Vlaamse politieke verantwoordelijken bij. Als de Vlamingen steeds geconfronteerd worden met het gegeven dat er niet onderhandeld kan worden, basta dan. Er is een Vlaams parlement dat zijn legitimiteit put uit democratische verkiezingen. Geen onderhandelingen? Dan maar de soevereiniteit afkondigen via het Vlaamse parlement. De Franse ambassadeur in Brussel, die ik daarover aansprak in de jaren tachtig, zei me: je moet die oplossing niet onderschatten. En voegde daaraan toe: als Vlaanderen dat doet, dan zal Frankrijk als eerste een soevereine Vlaamse staat erkennen. Maar in afwachting is er een probleem. Als BHV niet gesplitst is zijn de gemeenten van de rand met een Franstalige meerderheid definitief verloren voor Vlaanderen. Vergeet ook niet dat in dat geval niemand nog deel uitmaakt van de EU, de Navo of de Uno. Iedereen moet dan opnieuw een aanvraag indienen om lid te worden. Probleem zijn dan de grenzen. Bij een splitsing zijn de laatste territoriale feitelijkheden van kracht. Als er geen oplossing komt voor BHV, iets wat opgelegd wordt door het Grondwettelijk Hof, dan kunnen jullie stellen: wij kunnen geen verkiezingen organiseren. Ik weet niet of dat kan voor de Europese verkiezingen, maar zeker voor de federale. Als er een Vlaamse consensus hieromtrent bestaat, en dan heb ik het niet over enkele burgemeesters, maar een unaniem besluit in de zin van 'wij doen niet mee aan die verkiezingen', dan is het gedaan. Dan is er geen land meer. Aan Franstalige kant zegt men gewoon: zelfs zonder splitsing van BHV kunnen de verkiezingen plaatsvinden, want het zijn de Kamers die ze valideren. Ja, maar dan moeten de verkiezingen wel plaatsgevonden hebben. Ik bekijk het even door een Vlaamse bril. U hebt daar een gevreesd wapen.

- Even terug naar de Staten-Generaal. Wat staat er nog allemaal te gebeuren?

Jules Gheude: Heel binnenkort is er een bijeenkomst in Andenne om de persconferentie te becommentariëren. En we maken een agenda op voor de komende drie maanden. Sommigen zijn daar niet voor te vinden, omdat ze vrezen dat we op die manier in de kaart spelen van Gendebien en zijn partij Wallonie-France. Dat klopt niet: wij zijn een burgerbeweging, we houden het objectief, maar we zijn steeds in contact gebleven met politieke, patronale en syndicale vertegenwoordigers. Ik besef wel dat we op niet veel begrip kunnen rekenen van bijvoorbeeld Elio Di Rupo, die de meest Belgische der Belgen is. Hij heeft het bijvoorbeeld niet meer over de koning, maar over 'Zijne Majesteit de Koning'.

Maar Thierry Bodson van het FGTB was op onze vergadering in Luik als spreker. Onze slotvergadering zal wellicht om symbolische redenen in Namen doorgaan. Perin zal er een boodschap laten voorlezen. Hij is nu achteraan in de tachtig en fysiek niet meer in de mogelijkheid om aanwezig te zijn. Die vergadering beschouw ik als geslaagd als er minstens duizend aanwezigen zijn. Onder meer omdat er op het Waals Congres van 1945 ook een duizendtal aanwezigen waren.

- Toen werd er al geopteerd voor aanhechting van Wallonië bij Frankrijk...

Jules Gheude: Ja, maar dat was de keuze van het hart, die daarop overgedaan werd ten voordele van een realistische keuze.

- Eén van uw opties blijft Wallo-Brux...

Jules Gheude: Ik heb daar mijn kop over gebroken en aspirines geslikt. Maar Ducarme wil zelfs een soort statuut van 'overzees gebied' van Frankrijk voor Wallonië. Maar wij zijn toch geen DOM-TOM! Ik heb in Parijs gewoond en nu in Namen, maar beide steden liggen op 300 km van elkaar. Dat ligt toch anders bij de DOM-TOM's.

- En Wallonië onafhankelijk?

Jules Gheude: Ik vind geen Waalse economist om te zeggen: dat is leefbaar. Zeker niet op korte termijn. Stel u voor dat een onafhankelijk Wallonië wil aansluiten bij de eurozone, dan moet er voldaan worden aan de convergentiecriteria. Wallonië heeft er geen belang bij buur te zijn van een zwak Vlaanderen. Maar ik geloof ook niet in een figuur als Rudy Aernoudt. Dat is een echte populist.

Er is in Wallonië ook een probleem van 'politieke zeden'. Na Charleroi zou je denken dat er een soort catharsis zou komen. Maar in de drie partijen zijn er weer zaken aan het licht gekomen. Anderzijds vind ik het walgelijk wat men nu Lizin aandoet. Ik ben daar heel duidelijk in: ik heb geen affectie voor haar methodes, maar de mediahetze tegen haar stuit me tegen de borst. Waarom deed men dat niet in het geval van Van Cau? Wel, ik weet waarom. Omdat Van Cau een maffiachef is. En het is zeer gevaarlijk om een maffiachef aan te pakken. Iedereen heeft recht op een correcte behandeling. En dan weten dat ze een zware medische ingreep achter de rug heeft..., ik vind dat niet netjes.

In 1985 hebben wij voor het toenmalige weekblad 'De Nieuwe' (1) Fernand Massart geïnterviewd, de laatste voorzitter van het RW...

Jules Gheude: Ha, Fernand Massart, die woonde niet ver van bij ons, in Beez bij Namen. Ik ben nog naar zijn begrafenis geweest, samen met Perin. Massart was een harde.

- In dat interview zegt hij vreemde dingen. Onder meer: 'Frankrijk liet ons in de steek. De Gaulle kwam nooit in Wallonië roepen: Vive la Wallonie Libre!

Jules Gheude: Hij was een merkwaardig man. Ik heb een foto van hem met een zakdoek voor zijn mond. Hij kwam van de tandarts in Namen

- Hij moest niet veel weten van het FDF...

Jules Gheude: RW-FDF was in de tijd een soort kartel. Maar er is altijd een animositeit geweest van het RW tegenover het FDF.

- Hij zei ons letterlijk: 'De staatsstructuren dwongen ons bijna om een associé te hebben in Franstalig Brussel, om praktische redenen. Het was een verplichte strategische keuze. Wij wilden ons ook niet afsnijden van de Walen die naar Brussel uitgeweken zijn. Die zich trouwens geen echte Brusselaars voelen'. En voort: 'Ik ben het nooit eens geweest met de eisen van het FDF in verband met Vlaams-Brabant. Onder ons: waarom konden de Franstaligen in het Brusselse randgebied zich niet aanpassen? Toen ze twintig jaar geleden verhuisden wisten ze toch dat ze naar Vlaanderen kwamen wonen? (...) En als ze nu het Vlaamse randgebied opeisen, kunnen ze morgen ook Waterloo of Eigenbrakel, stukken van Wallonië inlijven, of heel Brabant.' Dat is wat vandaag iemand als Pascal Smet voorstelt...

Jules Gheude: Massart heeft volledig gelijk. Ik kan begrijpen dat er bij de vastlegging van de taalgrens problemen waren, dat gebeurde dan ook van vandaag op morgen. Dat er overgangsmaatregelen nodig waren is logisch, maar dat ze niet beperkt in de tijd waren choqueert me. Diegenen die zich in de Vlaamse rand gingen vestigen na de vastlegging wisten waar ze heen gingen. François Perin had dat door. Reeds in 1973 deed hij een 'Ronde van Vlaanderen'.

- Nog even naar de Staten-Generaal. Volgt u ook die van Brussel?

Jules Gheude: Maar in tegenstelling tot de Waalse Staten-Generaal volgt de Brusselse Staten-Generaal een Belgische optiek. Wij zijn post-Belgisch. Ik moet ook altijd een beetje lachen als men er de nadruk op legt dat Brussel een multiculturele stad is. Parijs is dat ook, Montréal ook. Wat wil dat nu eigenlijk zeggen? Dat is een tarte à la crème.

(1) De Nieuwe, 4 juli 1985