Nummer 193


Baskenland | januari 2014


Nieuwe stappen richting ontmanreling van ETA (Bernard Daelemans)<< Nummer 193

Terwijl het zelfbeschikkingsrecht in Catalonië hoog op de agenda staat nu over die kwestie een referendum is uitgeschreven, wordt de actualiteit in Baskenland beheerst door de moeizame afwikkeling van het ETAverleden. De dynamiek komt geheel voort uit het kamp van de linkse abertzales. De botte houding van Madrid maakt ook de in Baskenland regerende PNV ongedurig. De kwestie van de politieke gevangen beroert de hele Baskische samenleving en een oplossing voor deze kwestie behoort tot de voornaamste voorwaarden voor een verdere politieke ‘normalisering’.

Twee jaar na de afkondiging van ETA om de gewapende strijd definitief te stoppen, zette het collectief van de 527 ETA-gevangenen rond de jaarwisseling zelf opmerkelijke nieuwe stappen in het wel erg eenzijdige vredesproces dat Baskenland kent. Zij erkennen het leed dat ze hebben berokkend, zweren het geweld af als politiek actiemiddel en vooral erkennen ze de Spaanse rechtstaat. Ze aanvaarden ook dat gevangenen op individuele basis naar hun sociale reclassering toewerken. In feite betekent dit dat ze aanvaarden dat er geen onderhandelingen zullen komen omtrent een collectieve regeling, en dat ze tegelijk ook alle politieke eisen omtrent Baskische zelfbeschikking overlaten aan de politieke partijen en het sociale middenveld. In Baskenland wordt het initiatief algemeen gezien als een belangrijke stap in de richting van de uiteindelijke ontmanteling van ETA, maar de Spaanse regering toonde zich ijselijk onverschillig en weigert ook maar iets te wijzigen aan het gevangenisregime van de Baskische ‘terroristen’. Integendeel, het Spaanse gerecht liet acht advocaten arresteren die een bemiddelende rol hebben gespeeld in de totstandkoming van de collectieve verklaring (de 527 zitten immers verspreid over een tachtigtal gevangenissen in Spanje en Frankrijk) en verbood een betoging voor mensenrechten en vrede die traditioneel in januari door de straten van Bilbao stapt. Volgens de Baskische minister-president Inigo Urkullo dreigt de regering-Rajoy het grootste obstakel te worden voor de definitieve ontmanteling van ETA. Ook volgens de Spaanse krant El Pais heeft de conservatieve regering kennelijk niet begrepen dat de democratie het gehaald heeft van het terrorisme in Baskenland. Het discours van de gevangenen en ex-gevangenen “is lichtjaren verwijderd van de traditionele ETA-eisen”, zoals amnestie, zelfbeschikking en de ‘territorialiteit’ (hereniging van Baskenland met de provincie Navarra). Ze hebben de hoop opgegeven dat er ooit nog een ‘onderhandeling’ of zelfs een dialoog zou komen waar ETA als dusdanig bij betrokken zou worden en laten het politieke initiatief volledig over aan de links-nationalistische partij Sortu. Het is duidelijk dat de links-nationalistische beweging de leiding heeft in het vredesproces en in deze kringen leeft de gedachte dat de ontbinding van ETA niet meer veraf is. Al deze ontwikkelingen werden tot voor kort nog voor onmogelijk gehouden. Maar de Spaanse regering laat zich gijzelen door een harde kern van de conservatieve partij die geen oog
heeft voor de feitelijke ontwikkelingen en gedreven lijkt door puur revanchisme.

Vandaag zitten nog 527 Basken, veroordeeld wegens ETA-terrorisme, in gevangenissen in Spanje en Frankrijk. Door het spreidingsbeleid dat door beide staten wordt gevoerd, zitten zij hun straf uit in gevangenissen ver van Baskenland, met alle moeilijkheden van dien in verband met familiebezoek en sociale reïntegratie. In Spanje is dit spreidingsbeleid in strijd met de wet, maar volgens de Spaanse regering is de uitzonderingsmaatregel gewettigd door het terroristisch karakter van het ETA-geweld.

Onlangs werd de Spaanse regering door het Europees Hof van de Rechten van de Mens verplicht om 63 gevangenen vrij te laten omdat het Hof de zogenaamde ‘Parot-doctrine’ in strijd acht met de mensenrechten. Door de toepassing van die doctrine werd voor tientallen veroordeelden die al jaren hun straf uitzaten, de strafmaat plots met een tiental jaar verlengd.

De grote meerderheid van de ETA-aanhang zit vandaag in de nor. Naast de 527 gevangenen zijn er dus een honderdtal ex-gedetineerden die nog tot ETA kunnen gerekend worden plus een vijftigtal ondergedoken strijders.

Het initiatief van de gemeenschappelijke verklaring is er gekomen op verzoek van het Sociaal Forum, dat bestaat uit de Baskische vredesbeweging Lokarri en internationale organisaties met expertise in conflictbemiddeling. Het Sociaal Forum drong zeven maanden geleden al aan op een erkenning door de gevangenen van hun gerechtigde strafsituatie om de bestaande patstelling te doorbreken.

22 ETA-gevangenen hebben in de afgelopen jaren met hun verleden gebroken en hebben daardoor een gunstiger gevangenisregime gekregen. Zij zijn overgebracht naar de strafinrichting van Nanclares, dichtbij Baskenland. Formeel zijn ze door het ETA-collectief uitgesloten maar verder werden ze door hun exmedestanders ongemoeid gelaten. Ooit is het wel anders geweest. In 1986 werd één van de ETA-leidsters, Yoyes (Maria Dolores Gonzalez Katarain), met twee pistoolschoten geëxecuteerd nadat ze als spijt-optant haar ETA-verleden had afgezworen en de weg van de sociale reïntegratie wilde bewandelen. Dit ‘hoogverraad’ bekocht ze met haar leven. De verklaring van het ETA-collectief zet nu dus de deur volledig open voor de zogenaamde ‘Nanclares-optie’

Enkele dagen na de verklaring van het collectief der ETA-gevangenen vond in Durango nog een spectaculaire gebeurtenis plaats: een honderdtal ex-gevangenen, onder meer de 63 etarra’s die door de uitspraak van het Europees Hof waren vrijgekomen verklaarden zich op een uitzonderlijke persconferentie solidair met de nog zittende gevangenen. Ze sluiten zich aan bij de nieuwe geweldloze, politieke weg naar zelfbeschikking. In Spaansgezinde kringen heeft deze vertoning kwaad bloed gezet, omdat het verzamelde gezelschap verantwoordelijk is geweest voor zowat 300 doden. Op de persconferentie werd het woord gevoerd door José Antonio Lopez Ruiz, Kubati, die tekent voor 14 doden, en onder meer ook voor de executie van Yoyes…

Het Spaanse gerecht was wel verplicht deze persconferentie te laten doorgaan, aangezien alle betrokkenen hun straf hebben uitgezeten en dus vrije burgers zijn. Minister-president Mariano Rajoy wil wel laten onderzoeken of er een wet kan worden uitgevaardigd die deze gewezen veroordeelden voor terrorisme zou verhinderen zich kandidaat te stellen bij verkiezingen. Hij wil het niet zien gebeuren dat ex-terroristen straks her en der een burgemeesterssjerp zouden omgorden.

Anderzijds heeft de Audiencia Nacional (speciale Madrileense rechtbank bevoegd voor het berechten van Baskische terroristen) wel de betoging verboden die het comité Tantaz Tanta (druppel voor druppel) had willen samenroepen om de terugkeer van de gevangenen naar Baskenland te bepleiten. De rechtbank argumenteert dat Tantaz Tanta de voortzetting is van het inmiddels verboden Herrira (‘Naar Huis’), dat als een mantelorganisatie van ETA werd beschouwd.

Het verbod op deze betoging, die traditioneel in januari door de straten van Bilbao opmarcheert, was voor de PNV de druppel die de emmer deed overlopen. De partijvoorzitter van de Baskische christendemocraten, Andoni Ortuzar, vond de arrestatie van de acht advocaten van de politieke gevangenen enkele dagen voordien al een ‘slecht signaal’, maar het verbod om te betogen slaat alles: “Tegenover de mensenrechtenschendingen en de opeenvolgende negatieve uitzonderingsmaatregelen willen wij onze vaste wil uiten om het proces te ondersteunen dat ons volk zal toelaten een nieuwe weg in te slaan. Deze nieuwe weg willen we te allen prijze consolideren”, verklaarde hij. De toenadering van PNV tot de linkse abertzales is ongezien. “Een uitzonderlijk gerechtelijke maatregel wettigt ook een uitzonderlijk optreden”. Alle nationalistische krachten ondersteunen de betoging: Naast PNV en het links-nationalistische Sortu ook de kleinere partijen EA en Alternatiba en de twee grote vakbonden ELA en LAB.

De manifestatie werd een groot succes en ruim 110.000 betogers (volgens de politie) stapten op voor ‘mensenrechten en vrede’. Er werden echter ook leuzen gescandeerd voor de terugkeer van de gevangenen en voor de onafhankelijkheid, wat niet helemaal naar de zin was van een aantal PNV-kopstukken en militanten.

Er stapten geen Baskische regeringsleden op met de betoging, maar de Baskische ministerpresident Inigo Urkullo hoopt dat Rajoy zal willen begrijpen dat men het in Baskenland beu is. Hij zal de grieven van de Baskische samenleving aankaarten op het eerst komend overleg met de Spaanse regeringsleider. Hij wil dat er werk gemaakt wordt van een mildering van het gevangenisregime en van individuele reclassering. In Madrid is men not amused met de ‘vergissing’ van de PNV, maar dat zal het gebruikelijke institutionele overleg niet in de weg staan. Urkullo wil zich in Madrid garant stellen voor de ontmanteling van ETA en het verzoeningsproces waar de Baskische samenleving door moet.

De toenadering van PNV en Sortu wordt door de krant El Pais gezien als een streep door de rekening van Rajoy, die na de Catalaanse kwestie nu ook een Baskisch front ziet tot stand komen. Maar het was toch niet de eerste keer dat PNV en Sortu min of meer op een lijn komen te staan. Onlangs nog steunde de PNV in het Baskische parlement een resolutie van Sortu die de Spaanse Regeringsdelegatie in Baskenland wil afschaffen en meer bijzonder de huidige Gedelegeerde, Carlos Urquijo tot persona non grata verklaart. Urquijo maakt er onder andere een zaak van om alle gemeenten in Baskenland te vervolgen die de Spaanse vlag niet uithangen (en dat zijn er nogal wat).

De facto regeert de PNV in Baskenland met een minderheidskabinet bij de gratie van parlementaire gedoogsteun die ‘dossier per dossier’ bij de verschillende fracties wordt gesprokkeld. Zo kon de begroting 2014 worden goedgekeurd doordat conservatieven (PP) en socialisten (PSE) zich onthielden in ruil voor punctueel onderhandelde begrotingsaanpassingen.

Maar een echt nationalistisch ‘front’ is nog niet in de maak. Het water tussen PNV en SORTU blijft
diep.

Bernard DAELEMANS