Nummer 195


Interview | maart 2014


Dylan Casaer: "Wij zijn Robin Hood geworden, omdat we uit de partij zijn gezet. Dat is een voordeel." (Miel Dullaert)<< Nummer 195

Over het conflict tussen de Aalsterse SP.A en het nationaal partijbestuur van de socialisten is al veel inkt gevloeid, maar nu de beweging rond de schepenen Dylan Casaer en Ann Van de Steen zich opmaakt om ook aan de nationale verkiezingen deel te nemen in Oost-Vlaanderen onder de naam SD&P, verstomt het mediaspektakel. In een gesprek met Meervoud, wil aanvoerder Dylan Casaer nog niet veel kwijt over de lijstsamenstelling – die ruimer moet worden dan alleen een Aalsters gebeuren, maar over de drijfveren en grondbeginselen van de SD&Pbeweging wil hij wel zijn ei kwijt.

 

De lotgevallen van SP.A Aalst zijn alom bekend. Hoe bent u er toe gekomen om met de SD&P ook nationaal te gaan en in Oost-Vlaanderen aan de Vlaamse en federale verkiezingen deel te nemen?

Wij hadden heel wat vragen bij de koers die SP.A voer, in het bijzonder wat betreft het Vlaamse zelfbewustzijn. De partij heeft grote schroom om dat thema aan te boren. We begrijpen die schroom niet. Zelf ben ik ook geen emo-Vlaming die achter een vlag gaat lopen of naar een IJzerbedevaart trekt. Maar op een 21 juliviering zal u mij ook niet meer zien paraderen. Ik kan me nogal vinden in de uitspraak van Louis Paul Boon: “Ik hou van de mensen, niet van de vaderlanden”. Anderzijds kan je niet langs de realiteit heen dat het Vlaamse bestuursniveau alsmaar belangrijker is geworden en meer middelen heeft gekregen. Het is niet verstandig om daar niet op in te spelen en te blijven overkomen als een eerder op het federale niveau georiënteerde politieke beweging. Dat is toch de perceptie, maar perceptie is realiteit in onze mediamaatschappij. De indruk blijft bestaan dat we met de SP.A onder de rokken van Di Rupo zitten. En dat we op die manier een voortgezette regeringsdeelname beogen. Enfin, dat zij dat beogen, moet ik nu zeggen. De mentale switch is nog niet helemaal gemaakt… (lacht). Dat vind ik te weinig ambitieus. Je moet toch het lef hebben om de Vlaming van je eigen project te overtuigen.

Kijk, de Vlaamse onafhankelijkheid is niet het eerste punt van ons eisenpakket, waar dat bij de N-VA wel het geval is. Maar men kan een evolutie in de staatkundige huishouding niet ontkennen. Gaan we binnen hier en dertig jaar naar een Vlaamse onafhankelijkheid? Ik sluit dat niet uit. Als dat de realiteit zou blijken te zijn, gaan we ons daar als politieke partij en als linkse beweging moeten op voorbereiden en er met een eigen sterk verhaal staan. Mijn aanvoelen is dat mensen nu op de N-VA stemmen omwille van het communautaire – ze zijn uiteraard marktleider op dat thema – en het sociaal-economisch programma van NVA nemen ze er maar bij. Terwijl dat voor de N-VA geen bijzaak is. Het sociaal-economische en het communautaire zijn innig met elkaar verbonden. Ze willen in Vlaanderen hun sociaal-economisch programma realiseren. De linkerzijde is te weinig ambitieus om met een eigen Vlaams, sociaal én democratisch project uit te pakken. Het Vlaamse is voor ons belangrijk, het democratische ook. We hebben nu zelf aan de lijve ondervonden wat het is om op een weinig democratische manier te worden uitgesloten uit een partij. De bestuursdeelname in Aalst was binnen onze eigen afdelingsstructuren door 70% van de leden gesteund. Het nationaal partijbestuur komt zich daarin dan moeien. Eigenlijk zegt men dat de Aalsterse partijleden een soort untermenschen zijn die te dom zijn om te beoordelen
wat belangrijk is voor die stad…

Hoe verklaart u dan dat SP.A en N-VA in een stad als Sint-Niklaas zonder problemen een coalitie kunnen vormen? Waarom heeft dat in Aalst zulke proporties aangenomen?

Het antwoord is heel eenvoudig: het verschil is de figuur van Karim Van Overmeiren die bij ons in het bestuur zit. Laat ons zeggen dat er in die andere steden ook wel een paar exblokkers zijn, maar dan minder zichtbare figuren. De grote schrik van Bruno Tobback was de reactie van De Morgen en van Humo. Tja, die hebben dan ook hun deel van het werk gedaan.

Weet u zeker of uw Daensistisch referentiekader u ook geen parten heeft gespeeld?

Voor ons zijn die verwijzingen inderdaad heel belangrijk. Bepaalde figuren, zoals ook de Aalsterse communist Van Hoorick was zeer Vlaamsgezind. Maar of dat iets betekent voor de nationale SP.A… Je vraagt je af of er vandaag de dag nog plaats is voor enige lokale autonomie binnen een partij. Nu goed, we zijn dus aan de deur gezet. We moesten wel een eigen beweging starten. En dan viel ook de keuze om die eigen beweging niet enkel in Aalst te profileren maar ook daarbuiten. De Nederlandse verkiezingen in het achterhoofd zouden we kunnen zeggen dat lokale lijsten tegenwoordig ook wel aan belang winnen. Waarom zou dat in Aalst niet kunnen? Maar wij vonden toch dat de boodschap die we willen uitdragen waardevol genoeg is om die ook op nationaal vlak te vertolken. En dat is natuurlijk ook een manier om de SP.A en Groen evengoed onder druk te houden.

Het partijbureau heeft ons allicht onderschat. Maar als ze dachten dat wij na onze uitsluiting ergens in een hoekje zouden gaan liggen grienen, dan kennen ze ons in Aalst nog niet. Wij zijn fiere mensen en als men ons in ons eergevoel raakt, drijven we de zaken waar we in geloven en waar we voor staan verder door.

Het Daensfonds viert thans een herdenkingsjaar 175 jaar priester Daens. Hoe liggen de verhoudingen met die vereniging?

Zij hebben de bewuste keuze gemaakt om dat Daensjaar pluralistisch op te vatten. Daarvoor alle respect. Wij komen heel goed overeen met die mensen. Daar zitten zowel mensen van N-VA bij als mensen van onze gezindheid.

Hoe wil u de communautaire dimensie verder ontwikkelen? Hebt u al een standpunt over de sociale zekerheid, fiscale autonomie…?

Over de sociale zekerheid als dusdanig zijn al vele boeken geschreven. Nu is België als fe deraal systeem wel tamelijk uniek gezien het beperkte aantal federale entiteiten (bijvoorbeeld vergeleken met Duitsland). We zijn niet tegen fiscale responsabilisering. Het lijkt niet onlogisch dat de regio’s daar de nodige marges krijgen om een eigen beleid te voeren.

Het probleem is dat we in verband met sociale zekerheid vast zitten in een stellingenoorlog. Ik zie dat u het recente boek van Danny Pieters bij heeft. Maar ja, daar kleeft dan een N-VA-etiket aan. In België gaat iedere academicus, iedere universitaire instelling algauw worden toegerekend aan een partij of zuil. We hebben nood aan een objectivering om dat debat te voeren. Misschien met internationale insteek en referentiekaders. Ik begrijp de bezorgdheid aan beide kanten. Ik begrijp degenen die stellen dat het autonome Vlaanderen ook zijn zeg moet hebben over de sociale zekerheid. Maar ik begrijp ook de bezorgdheid van zij die zich afvragen of we Wallonië nog dieper in de put moeten stampen. Tussen die twee bekommernissen zal wellicht een compromis moeten worden gevonden waar niemand veel jolijt zal uit puren.

De Warandegroep heeft recent ook voorstellen gedaan. Ze willen de transfers naar Wallonië voor vijftien jaar voortzetten. Schept dat ruimte voor dialoog?

Die voorstellen heb ik nog niet in detail bekeken. Het meest problematische in hun voorstellen leek me de positie van Brussel. Ik vind dat het debat moet gevoerd worden zonder taboes, zonder Vlaamse of federale heilige huisjes. We moeten naar een efficiënt model in het belang van de mensen.

Wat is uw verhouding ten opzichte van Brussel?

In Brussel moeten de waarborgen die er nu zijn in verband met een gegarandeerde vertegenwoordiging zeker gehandhaafd worden. Die staan nu wel wat onder druk. Vlaanderen mag Brussel niet loslaten, maar we moeten niet zo naïef zijn dat we morgen Brussel cadeau gaan krijgen. Maar ik ben het zeker niet eens met de mensen die zeggen, ja dan geven we Brussel maar cadeau. De historische band tussen Brussel en Vlaanderen kan men niet ontkennen. Het zou beslist – ook cultureel – een verarming zijn om Brussel los te laten.

N-VA gaat niet voor die gewone mensen, zegt u ergens in een interview. N-VA is een VOKA-verlengstuk…

Prompt kreeg ik een protestbrief van VOKA…

Maar u hekelt ook een bepaalde ideologische verstarring ter linkerzijde bij SP.A en Groen. Wat bedoelt u eigenlijk met ‘progressief’?

Wat me dwars lag bij de SP.A gaat over een aantal essentiële zaken: het Vlaams profiel is al vermeld, maar ook de houding tegenover de multiculturele samenleving. Dat is een moeilijk gegeven waar men het niet durft over hebben. Het vraagt lef om zich daarover te positioneren. Maar ook ons sociaal stelsel. In onze beginselverklaring staat heel uitdrukkelijk: we zijn voor een goed werkend en gul sociaal stelsel, maar we zijn wel tegen een aalmoescultuur en tegen iedere vorm van misbruik, omdat dat het draagvlak voor ons sociaal model juist ondergraaft. De lijn die Frank Vandenbroucke, Patrick Janssens en Monica De Coninck hebben uitgezet, daar durft
men toch niet al te fel in door te drijven.

Men kijkt zo graag naar de Scandinavische landen. Maar daar is men juist heel duidelijk over rechten en plichten. We zijn niet voor een sociale hangmat, maar voor een sociaal verzekeringssysteem in die zin dat wie daaraan heeft bijgedragen, ook de voordelen kan genieten. Maar ook een verzekeringsmaatschappij heeft haar regels. Je mag dan trouw je brandverzekering hebben betaald, als je een schadegeval hebt ga je wel moeten bewijzen dat je schade effectief is, dat zal door een expert onderzocht worden enzovoort. Ook in het sociaal systeem is het logisch dat men gecontroleerd wordt en dat er eisen worden gesteld.

Maar mijn grootste kritiek is dat SP.A te weinig ambitieus is en zich neerligt bij zijn steeds kleiner wordende electorale koek. Men heeft de ambitie niet om naar 25 à 35% van de stemmen te streven. Men overleeft van verkiezing naar verkiezing. In twee opeenvolgende interne verkiezingsrapporten van de SP.A stond te lezen dat we te weinig appel hebben gehad aan de centrumkiezer. Met het programma dat men nu heeft zie ik dat ook niet gebeuren.

Is de SP.A dan meer een kiesclub geworden en niet echt meer een politieke beweging?

Ja, zo zie ik het wel. Trouwens, Groen is eigenlijk ook een establishmentpartij geworden. Ik heb veel sympathie voor een aantal standpunten van Groen. Maar hoe kan men die realiseren als men ter linkerzijde niet wil samenwerken. Hier en daar, als het zo uitkomt, zal men in een of andere gemeente wel samenwerken. Maar over het algemeen gesproken… Niet verwonderlijk dat men zo weinig of geen invloed heeft in de Vlaamse samenleving. Het lijkt er sterk op dat Groen en SP.A mekaar wat vliegen proberen af te pakken en daar houdt het op. En nu komt ook nog de PVDA op het toneel.

Kan men zich niet afvragen of in de sociale bewegingen, de vakbonden, de groene beweging, derdewereldbeweging, wel een voldoende sterke humuslaag aanwezig is om een linkse en Vlaamse hergroepering te realiseren?

Ik pleit toch voor een rationele benadering. Het zou wel kunnen dat in die kringen er weinig emotionele affiniteit is met het Vlaamse. Maar het gaat niet om het emotionele, het gaat om de staatkundige en bestuurskundige realiteit. Als die bewegingen die vaak vanuit federale oorsprong zijn gegroeid niet beseffen dat de maatschappelijke realiteit aan het veranderen is en nog meer gaat veranderen, dan zijn ze niet goed bezig. Wat de vakbonden betreft is dat zeer duidelijk. De vakbonden schuiven die dimensie onder de tafel, terwijl bijvoorbeeld bij het ABVV de verschillen tussen de Waalse en de Vlaamse centrales over veel punten zeer groot zijn.

In de metaalsector is die kloof al geïnstitutionaliseerd. Herwig Jorissen wil meer een Vlaams profiel om te vermijden dat men in Vlaanderen marginaliseert.

Ik ben het daar volmondig mee eens. Dat de PS in de federale regering een partner is, akkoord, maar we moeten toch niet het kleine neefje zijn. Ik heb Elio Di Rupo vaak genoeg ontmoet. Maar je kan er niet omheen dat hij in Vlaanderen niet die begeesterende figuur is die hij voor Wallonië wel kan zijn.

Hoe staat u tegenover de bankencrisis en de manier waarop de regering die afgewikkeld heeft?

Laat ons eerlijk zijn. De grootbanken hebben natuurlijk een machtige lobbymachine. Binnen Europa zijn dat ook de beste lobbyisten. Ik zie niet veel veranderen. Rond het bonusverhaal blijft men maar achterpoortjes zoeken. De speeltijd is nu toch echt wel voorbij. Ze hebben het grondig verbrod, toen moesten we met zijn allen over de brug komen om de sector te redden. Dat was maatschappelijk wel verantwoord en economisch verantwoord. Het ergste is nu voorbij en nu beginnen ze terug met de vroegere praktijken. Daar moeten we korte metten mee maken. Dat gaat zowel over de bonussen als over het spelen met het geld van de gemiddelde Vlaming. De hedgefondsen enz.

Er is wel verzet van de kleine banken.

Dat is zo, maar dat blijft marginaal. Niet in de pejoratieve betekenis van het woord. Alle sympathie voor de coöperatieve banken, maar het marktaandeel is onvoldoende groot om een reëel impact te kunnen hebben. Een beperkt aantal mensen heeft inderdaad wel de omslag gemaakt, weg van de grootbanken.

Kan de politiek daartoe de voorwaarden niet scheppen?

De politiek moet hoe dan ook nauwer toezien op de sector en de kleinere banken gelijke wapens kunnen geven.

Is er nog een rol voor de publieke bank weggelegd? Zeg maar voor een soort eigentijdse ASLK?

Ik ben daar zeker niet tegen, maar het accent moet dan echt liggen op hedendaags. We gaan geen bank meer runnen met ambtenaren. Vandaag de dag kan men de mensen niet meer verplichten om een rekening te hebben bij de publieke bank om ambtenarenlonen en pensioenen te kunnen ontvangen.

Dit gaat over de rol van de overheid in een moderne samenleving. De overheid moet regulator zijn, maar soms ook actor. Waar de privésector in gebreke blijft moet de overheid het heft in handen nemen. Maar als men het doet, moet men daarvoor wel de middelen uittrekken. Het heeft geen zin als zo’n overheidsbank geen stevig marktaandeel kan veroveren.

U had het eerder al over het multiculturele vraagstuk. In Aalst hebt u daar al beleidswerk rond verzet.

Dit gaat weer over het verhaal van rechten en plichten. Je moet het draagvlak van je maatschappijmodel overeind houden. En ook over een duidelijke keuzen om de kennis van het Nederlands aan te zwengelen. Naar mijn aanvoelen hebben de meeste mensen van allochtone origine daar niet zoveel problemen mee hebben. Integendeel, ze zijn fier als hun kinderen goed Nederlands praten. Zonder goeie taalkennis en zonder degelijke vorming sta je nergens. En die mensen zijn ambitieus, vooral voor de kansen en de opwaartse sociale mobiliteit van hun kinderen.

Aanvankelijk wilde de N-VA in de coalitie zwaar inzetten op symbolen, Vlaamse leeuwen op de straatnaamborden en zo. Maar we zijn die fase voorbij, en we vinden hier toch een grote consensus rond het integratiebeleid. Op school proberen we de taalachterstand te detecteren van recente inwijkelingen of van kinderen die vanuit Brussel hierheen zijn gemigreerd. We organiseren in de zomermaanden ‘taalbubbels’, gerichte activiteiten om die taalachterstand weg te werken. Dat lijkt me allemaal veel nuttiger dan grote debatten over hoofddoeken te voeren.

Is het nu uw bedoeling om met SD&P een deel N-VA-kiezers aan te spreken?

Jazeker. Uit de gedetailleerde studie van Swyngedouw, Dhooghe en anderen blijkt dat N-VA uit alle ziekenfondsen, uit alle vakbonden kiezers rekruteert. Het is nu eenmaal niet meer zo dat een organisatie van op de kansel bepaalt wat het stemgedrag is van haar leden. Die tijd is voorbij. Vanuit de socialistische vakbond en mutualiteit wordt er op NVA gestemd. Uiteraard proberen wij aan die centrumkiezer een boodschap te geven. De N-VA is toch sociaal-economisch conservatief. Dat meen ik ook wel. Ze zijn het verlengstuk van VOKA en ze schamen zich daar ook niet over. Hoewel ze in de communicatie vooropstellen dat ze voor de hardwerkende Vlaamse tweeverdieners gaan. Tja. De dokter en de apotheker zijn tweeverdieners, maar de metaalarbeider en de caissière van de Aldi zijn ook tweeverdieners. Er is wel een klein verschil in hun loonbriefjes.

De Wever speelt wel de rol van een antiestablishmentfiguur terwijl de SP.A met het establishment vereenzelvigd wordt door jarenlange regeringsdeelname.

Dat is wel het merkwaardige. De N-VA komt daarmee weg hoewel ze al jaren in de Vlaamse regering mee besturen en daar trouwens ook niets hebben gerealiseerd. Ook het Vlaams Belang was zogenaamd anti-establishment maar tegelijk gingen ze bij de Antwerpse havenbazen en bij de diamantairs het establishment gaan opzoeken. Het is allemaal maar hoe men het verkocht krijgt.

Met de N-VA hetzelfde: anti-establishment, maar sociaal-economisch is die partij proestablishment. Kijk, wij hebben nu het voordeel dat we een soort van Robin Hood zijn geworden omdat we uit onze partij zijn gezet. In Aalst is dat iets wat aanspreekt. Met carnaval hebben we daar wel op kunnen inspelen. In een lied ‘Ei Tobbacsken’ staken we de draak met rode tuinkabouter Tobback en lachten we met onze eigen miserie.

 

Bernard DAELEMANS/Miel DULLAERT