Nummer 196


Omslagverhaal | mei - april 2014


Onafhankelijkheid! (Anna Arqué)<< Nummer 196

Catalonië maakt vandaag een belangwekkende socio-politieke evolutie door. Een absolute meerderheid van Catalaanse burgers (84%) verlangt om zich bij stemming te kunnen uiten over de onafhankelijkheid van zijn land ten opzichte van het Spaanse koninkrijk. Die hoge graad van eensgezindheid over het organiseren van een referendum over zelfbeschikking waarbij voor en tegenstanders van de onafhankelijkheid zich kunnen uitspreken is ongetwijfeld het resultaat van volgehouden basisactivisme. Om deze realiteit goed te kunnen analyseren en begrijpen zijn er drie simpele woorden nodig: meerderheid, burgers en zelfbeschikking. Maar eerst moeten we even terug in de tijd om te kunnen aantonen welke ketting van gebeurtenissen heeft gemaakt dat een persoonlijke utopie een collectieve realiteit is kunnen worden.

Barcelona.-Laat ons eerst kort de politiekeverhouding van Catalonië ten opzicht van de Spaanse staat schetsen. Vaak wordt ons gevraagd: sinds wanneer zijn de Catalanen gewonnen voor de onafhankelijkheid? Dat is gemakkelijk, sinds 11 september 1714. Wij Catalanen willen onze politieke onafhankelijkheid terugwinnen sinds men ze ons met de wapens hebben ontnomen door ons land te bezetten en onze instellingen en Catalaanse grondwet af te schaffen. Voor de bezetters is de Catalaanse volksaard een ongemak. Het is er teveel aan, en sinds de opgelegde nieuwe wettelijkheid bestaat, is er een systematiek geweest om de Catalaanse taal en gewoonten te doen verdwijnen. Die hardnekkige beleidslijn bestaat vandaag, drie eeuwen later nog steeds, hoewel ze generatie na generatie weer mislukt. Immers: “het Catalaanse denken steekt altijd weer de kop op hoe vaakmen ook de illusie koestert van het te willen begraven”, zoals de Catalaanse filosoof Francesc
Pujols, een vriend van de kunstenaar Salvador Dalí het formuleerde.

Sinds we onze politieke en economische onafhankelijkheid verloren aan het begin van de achttiende eeuw, zijn we blijven vechten tegen de overmacht van een volk met een andere zienswijze op onze aanwezigheid als natie in de wereld, en op de interne en externe machtsverhoudingen.

De politieke acties en sociale mobilisatie herhaalt zich voortdurend sinds het begin, en de huidige opstanding van Catalonië is gestoeld op een stevig substraat, dat soms onzichtbaar is, maar altijd blijft voortbestaan en niets vergeet. De herhaalde nationale revendicaties hebben het latente collectieve bewustzijn van Catalonië gevoed. We voelen ons een natie, maar hoe is dat dan zichtbaar uitgegroeid totmaar hoe is dat dan
een meerderheid?

We zijn op een keerpunt gekomen. Van autonomistisch verzet gaan we naar soevereiniteitsstreven. Van nationale revendicatie gaan we naar nationale zelfbevestiging. Deze verandering van houding is een combinatie van twee elementen: een daad van volkssoevereine in vraag stelling van het Spaanse gezag en een les in pragmatisme ten aanzien van het Catalaanse politieke immobilisme.Dat is het wezen van het proces van de Ca-
talaanse volksraadplegingen.

Van Arenys de Munt, 13 september 2009 tot Barcelona 10 april 2011

Op 6 mei 2009 werden aan het Catalaanse parlement 10.000 handtekeningen afgegeven in het kader van het Wetgevend Volksinitiatief (waartoe in principe slechts 4 handtekeningen volstaan) met als doel om de assemblee te verplichten tot een debat en stemming over onafhankelijkheid. De grote verrassing wasdat de vertegenwoordigers van alle partijen NEEN zeiden en het debat vond dus niet plaats. Die beslissing dreef ons in een straatje zonder eind. De Catalaansgezinde partijen weigerden het debat over zelfbeschikking te voeren en bevestigden daarmee dat de horizon van de Catalaanse soevereiniteit beperkt bleef tot het beheer van de deelstaatsinstellingen.

Tegenover dat NEEN van de politici stond het JA van de burgers. Het voorstel werd naar alle gemeenten gestuurd en een burgercomité uit Arenys de Munt, el mapa viste het op en maakte het eerste referendum over Catalaanse onafhankelijkheid mogelijk. Josep Manel Ximenis, Jordi Bilbeny en Pep Jordana vormden er de spil van. Het waren weken van beroering, met bedreigingen, tumult, inmenging van het Openbaar Ministerie, de Falanx, met als gevolg dat het Catalaanse dorp overspoeld werd met Catalanen die uit het hele land waren gekomen om ons recht te verdedigen om te stemmen en voor zelfbeschikking te kiezen.

Er werd ons gezegd vanuit de instellingen dat het niet mogelijk was, maar de vastberadenheid van het volk toonde aan dat het wel mogelijk was. Zodoende was het op 13 september 2009 in Arenys de Munt een authentiek feest van de democratie en de burgers hadden de mogelijkheid om Ja of Neen te stemmen op de vraag die door het parlement was verworpen over de onafhankelijkheid van Catalonië. 41,8% van de bevolking maakte van die mogelijkheid gebruik en daarvan stemde96% voor onafhankelijkheid.

Opmerkelijk dat zopas op 13 april in het Navarrese dorp Etxarri Aranatz een soortgelijk referendum werd georganiseerd over Baskische onafhankelijkheid en dat de reBaskische onafhankelijkheid en dat
sultaten nagenoeg identiek waren.

“De vraag is niet wie ons zal laten doen, maarwel wie ons zal tegenhouden”, zegt Ayn
Rand.

Een maand na het experiment in Arenys de Munt werd een ‘Nationaal Coördinatiecentrum voor de Volksraadpleging over de Onafhankelijkheid van Catalonië’ opgericht en in de daaropvolgende maanden werd de raadpleging door burgercomités georganiseerd in nog554 gemeenten, volgens hetzelfde protocol, met inbegrip van de laatste volksraadpleging in Barcelona op 10 april 2011. Heel dit proces was gestoeld op de zelf-organisatie van de bevolking en heeft haast één miljoen mensen naar de stembus geleid, 60.000 vrijwilligers gemobiliseerd en 200 internationale waarnemers aangetrokken.

Dit proces schiep een positief en pluralistisch klimaat, een multi-ideologische samenwerking, links, rechts, liberalen, socialisten, Christenen. Het ging over alle lagen van de bevolking heen: de jongen van de videowinkel ging in discussie met zijn klant, de bloemist met de hoogleraar, de rechter met de slagerin, iedereen wisselde standpunten en ervaringen uit. Het ging ook over de generaties heen met plaatselijke meetings met mensen van alle leeftijden. In het debat werd de zienswijze van elke generatie ingebracht en dit leidde tot een grote vastberadenheid want iedereen voelde zich een deel van het zelfde geheel. Iedereenorganiseerde bijeenkomsten, lezingen, stemmingen met het ene grote doel voorogen: stemmen voor de onafhankelijkheid.

Doorheen dit proces van volksreferenda werd in Catalonië het woord ‘onafhankelijkheid’ genormaliseerd. Het was niet langer een utopie, een individuele droom, of zelfs bij velen een geheim verlangen, maar een collectieve opdracht geworden. Men zou dit hebben kunnen vatten onder de titel: “we komen elkaar tegen”. Honderden keren hoorden we iets zeggen als : “Kijk eens aan zeg, mijn neef is hier ook!” of “Wie we daar hebben, onze buurman”. Van een zelfopgelegd stilzwijgen mochten we het plots beleven dat bij de kapper, op kantoor, op familiefeestjes, in de kroeg, de gesprekken gingen over : de onafhankelijkheid en meer bepaald over hoeveel er op kantoor, bij de kapper, in de fruitwinkel, thuis en in de cafetaria over gesproken werd. Het was wél mogelijk.

Voor de eerste raadpleging in 2009 gaven de officiële opiniepeilingen nooit een meerderheid voor onafhankelijkheid te zien, maar na dit onverwachte nationale debat hebben de Catalanen geleerd met de glimlach op de lippen hun voorkeur voor onafhankelijkheid onder woorden te brengen.

Volgens eens studie waren meer dan 80 % van de vrijwilligers die bij de organisatie van de referenda betrokken waren bij geen enkele politieke partij aangesloten maar ook bij geen enkele culturele of politieke vereniging. Hetwaren vrijwilligers zonder meer, ze kwamen,letterlijk, gewoon uit hun huis. Dit had zeer verstrekkende gevolgen. De onafhankelijkheid kwam in het centrum van het politieke debat terecht, we hebben alle politieke partijen verplicht om stelling in te nemen voor de verkiezingen van 2010. We waren zozeer een realiteit dat zelfs de (dominante) Catalaanse socialisten van PSC langs de snelwegen hun posters plaatsten : “Noch voor de onafhankelijkheid, noch rechts”

Dat hadden we met onze 60.000 vrijwilligers bereikt. We hadden het in de dorpen mogelijk gemaakt om te stemmen voor onafhankelijkheid,; we hadden het in het centrum van het debat geplaatst en we hadden het idee genormaliseerd zodat we al in de peilingen in de meerderheid waren. What’s next? Die sociale meerderheid omzetten i een politiek meerderheid en een officieel referendum organiseren, dat was het doel van het Coordinatiecentrum.

Het statuut en de crisis

In juli 2010 werd het arrest van het Grondwettelijk Hof bekend gemaakt dat heel wat artikels van het nieuwe autonomiestatuut van Catalonië onwettig verklaarde. Dat statuut was nochtans bij referendum door de burgers van Catalonië goedgekeurd in 2006. Het was overduidelijk dat voor de politieke macht in Spanje de wil van het Catalaanse volk ondergeschikt was aan de wil van de Spaanse
staat.

Onafgezien van de juiste inhoud en het belang van de bepalingen die door het Hof werden geëlimineerd, het loutere feit van een tekst te verminken die de uiting is van het Catalaanse volk is op zich een schending vanhet zelfbewustzijn van dat volk. Het arrest
miskent de Catalaanse soevereiniteit juist op het moment dat in Catalonië honderden volksraadplegingen en duizenden vrijwilligers het tegendeel bewijzen.

Het antwoord van de burgers liet niet lang op zich wachten. Als Catalaanse natie een relatie met Spanje uitbouwen binnen de Spaanse staat is niet mogelijk. De onafhankelijkheid is de enige oplossing.

Onafhankelijkheid, vandaag een woord dat in ieders mond ligt en dat sinds 2009 feestelijkdoor straten, dorpen en steden wandelt doordie referenda, en het is niet langer het woord van een minderheid. Logisch dat de betoging tegen het Arrest van het Grondwettelijk Hof, aangevoerd door de politieke figuren die het zelfbestuur van de laatste decennia vertegenwoordigen, door het voetvolk – honderdduizenden mensen – werd omgebogen tot een manifestatie met als boodschap: “Onafhankelijkheid is de oplossing”. Een anekdote: de stoet komt niet opgang voordat de socialistische regeringsleider van Catalonië het oorspronkelijk spandoek afgeeft onder luid gejoel van duizenden georganiseerde activisten die hem uiteindelijk de doortocht verlenen.

In al die jaren hebben velen ons de vraag gesteld of de economische crisis van de Spaanse staat het gewicht van de independentisten heeft doen toenemen. Het gemakkelijkste antwoord op die vraag is ja, maar dat is ook het meest simplistische antwoord. De economische problemen vormen één van de redenen waarom we onafhankelijk willen zijn maar niet omdat we denken dat we dan van dergelijke crisissen zouden verlost zijn. Wel omdat de manier waarop we onze belastingen beheren, onze schulden beheersen en het ceonmisch model ine het algemeen dat we nastreven, op zichzelf een manier van zijn is.

De cultuur van een volk vind je niet allen in zijn volksliederen of in zijn taal terug, maar ook in de manier waarop het beslist over sociaal beleid, migratie, buitenlandse betrekkingen, de schuld, de uitgaven en de investeringen. Wat ik wil zeggen is dat de Spaanse crisis, samen met het debat over de onafhankelijkheid, aan heel wat Catalaanse burgers heeft duidelijk gemaakt dat de manier waarop onze economie nu beheerd wordt, het economisch model en de belangen die erin spelen het ‘Merk Spanje’ draagt, en dat het maar weinig te maken heeft met de mentaliteit en de dynamiek van het Catalaanse ondernemerschap. En natuurlijk een dergelijke kloof schept afstand.

Men moet dus goed begrijpen dat crisis = meer independentisten geen simpele oorzaak-gevolgrelatie is, maar dat die crisis ons een economische cultuur heeft leren kennen die verschilt van de onze en die ons bijgevolg niet kan toelaten ons potentieel te ontplooien.

En terwijl de Catalaanse samenleving meer in detail kennis nam van de onverzoenbaarheid van het Spaanse Merk met zijn natuurlijke voortgangsmodel, bleef de beweging voor volksraadplegingen zich maar uitbreiden,bleef men de volkssoevereiniteit in de praktijkbewerkstelligen, bleef men verenigingen oprichten die konden bijdragen tot het ontwikkelen van een argumentarium voor onafhankelijkheid en voor de uitoefening van het universeel recht van de Catalanen op zelfbeschikking.

Om de voortdurende grieven een halt toe te roepen die Catalonië ten deel vallen als collectiviteit, als grondgebied, en als cultuur, is het belangrijk deze kwesties te onderkennen en te benoemen. Het gaat er niet om zich te wentelen in een slachtofferrol, maar het is wel een belangrijke fase waar een slachtoffer doormoet, of het nu een indiviud of een collectiviteit is.

De mobilisaties

De sociale mobilisatie was de spil waarrond het uit de kast komen van het independentisme heeft gedraaid. De volksraadplegingen bleken een zeer stevig cement te zijn waarop we nadien nieuwe mobilisaties konden grondvesten. Op lokaal vlak bleven we organisatorisch verankerd en tegelijkertijd bleven honderdduizenden Catalaanse independentisten voortdurend in beeld. De manifestatie van2012 en de menselijke ketting van 2013 zijnduidelijke voorbeelden van de hoop en de maturiteit van een beweging die zich niet meer laat
achteruitslaan.

Maar het waren niet enkel de massademonstraties, het ANC en de politieke partijen die bijgedragen hebben tot een versterking van het nationaal bewustzijn, talrijke organisaties hebben beduidend hun steen bijgedragen.

Iets bijzonders was de beweging van fiscale burgerlijke ongehoorzaamheid die een ondernemer samen met een groep activisten hebben gestart in 2011 en waaruit het Collectief‘Catalunya Diu Prou’ is voortgekomen. Door het werk dat dit platform heeft geleverd zijn er vandaag bedrijfsleiders, individuele burgersen een honderdtal gemeentebesturen die hun belastingen betalen aan het Catalaans Belasting Agentschap. En zo tonen we weer eens aan : “Ja, het is wél mogelijk” om onze belastingen rechtstreeks aan de Catalaanse regering te betalen in plaats van aan de Spaanse staat, zelfs indien dat Agentschapde belastingen onverwijld doorstort aan deSpaanse staat. Maar het was niet de regering noch de politieke partijen die beslist hebben om dit initiatief te nemen of aan de burgers te zeggen dat het mogelijk was. Neen, dat hebben de burgers zelf gedaan. De zelf-organisatie had weer een nieuw spoor geopend.

Door dit alles hebben we bereikt dat bij de verkiezingen van november 2012 de partijen die voorstander zijn van een officieel referendum over onafhankelijkheid (CiU, ERC, ICV, CUP) een absolute meerderheid bezitten in het parlement, 87 verkozenen van de 135. President Mas zei tijdens een parlementszitting dat we het referendum zullen houden ‘Ja of ja’ binnen het ene of het andere
wettelijke kader. In januari 2013 stemde het parlement een verklaring waarin Catalonië wordt beschouwd als een politieke rechtspersoon.

Een sociale meerderheid, een parlementaire meerderheid, een soevereiniteitsverklaring en een concrete datum om het referendum over onafhankelijkheid te houden: 9 november2014. De sociale mobilisatie heeft ons naar dituitzonderlijk moment gevoerd waar we ons nu bevinden, het enige wat nog met gebeuren is dat de politici de stembussen plaatsen en dat we op 9 november formeel te weten komen of de Catalanen wel of niet een onafhankelijk Catalonië willen.

De internationalisering

Een ander buitengewoon succes van dit proces is dat de volksraadplegingen bijgedragen hebben tot de internationalisering van hetCatalaanse conflict en dat het duidelijk is geworden dat deze generatie Catalanen ook zal vechten voor de onafhankelijkheid van zijn land. Vanuit de internationale werkgroep van het Coördinatiecentrum hebben we systematisch de pers, de academische wereld en de politiek bespeeld: “Catalonia to the world and the world to catalonia.”

De referenda hebben een waarachtige sociale omwenteling teweeggebracht doordat ze de mensen de kans gaf de hoofdrol te spelen in een paradigmawijziging. Eindeloos wordt er maar beweerd dat er tegenwoordig een kloofis tussen de burgers en de politiek, dat de burgers afhaken, maar de vele vrijwilligers betrokken bij de organisatie van de referenda hebben aangetoond dat men niet afhaakt van de politiek, maar van de politici. De crisis had nog niet ten volle toegeslagen toen de winkelcentra al uitgroeiden tot sociale ontmoetingsplaatsen voor vele families. Echter, via de referenda hebben we bereikt dat duizenden vrijwilligers hun vrije tijd gingen wijden aan het laten vollopen van gemeentehallen om te praten over zelfbeschikking, fiscale plundering,en geschiedvervalsing. Duizenden activiteiten in de straten maakten van de onafhankelijkheidsgedachte gemeengoed, ze maakten ze nabij, mogelijk, van allen en voor allen.

De BBC heeft de boodschap begrepen, The Guardian, Le Monde, van Al Jazeera tot Canada lieten we deze socio-politieke omslag weerklinken die in het hedendaagse Catalonië aan de gang is. Voor het eerst werd er overal ter wereld over het Catalaanse conflict gesproken.

Maar de meest gezaghebbende opiniemakersbereiken was niet het enige doel van de werk- groep. Er moest een wisselwerking tot stand komen. De wereld moest naar Catalonië ko- men en zo waren 200 internationale waarne- mers uitgenodigd om rechtstreeks getuige te zijn van dit volksinitiatief. Politici, schrijvers, academici… uit statenloze volkeren zoals Schotland, Vlaanderen, Euskal Herria en ook uit gevestigde staten als Engeland, Spanje, Duitsland, Finland, kwamen die afspraken na op 13 december 2009, op 28 februari 2010,op 10 april 2011 om te kunnen vaststellen datde protocols tijdens de stemverrichtingen nauwgezet werden opgevolgd. Die waarne- mers moesten de garantie bieden dat de stembureaus absoluut neutraal waren inge- richt zodat de Catalanen vrij konden stem- men, zonder druk, zonder invloed van inde- pendentistische of Spaansgezinde
symbolen.

Uit die ervaringen met de buitenlandse waar- nemers is een dynamiek voortgekomen waardoor de verschillende politiek actoren en sociale bewegingen voor zelfbeschikking elkaar op rechtstreekse wijze konden leren kennen. We waren niet langer afhankelijk van de informatie en van de neutraliteit van de media om te begrijpen wat er in andere lan- den gebeurt. Burgerbewegingen uit Catalonië, Schotland, Vlaanderen en Baskenland richt- ten het EPI op (European Partnership for In- dependence, gesticht door VVB (Vlaamse Volksbeweging), WMP, Scottish Independen- ce Convention en Nazioen Mundua) en later ICEC (International Commission of European Citizens) en ontplooide een werking die nu al600.000 handtekeningen heeft opgeleverd tenbate van het zelfbeschikkingsrecht en met deeis dat de Europese Unie zich garant stelt dat dit recht niet wordt geschonden.

De unitaristen, zij die ons zelfbeschikkings- proces willen tegenhouden, bestoken ons met onwaarschijnlijke boodschappen. Gaande van dreiging tot uitsluiting uit de Europese Unie‘veroordeeld om door de melkweg te zwer- ven’, tot anachronistische sabelgeluiden en militaire dreigementen. Al die catastrofe- scenario’s zijn belachelijk juist omdat we er ons bewust van zijn dat we handelen als Europese burgers, uit de 21ste eeuw, en dat in Europa, Nobelprijs voor de vrede 2012. De unitaristen willen ons doen geloven dat weniet met andere Europeanen moeten samen- werken. Onze Europese samenwerking ver- zwakt immers de kracht van al die dreigemen- ten. Terwijl zij wel degelijk op Europees vlak samenwerking om ons te stoppen, willen ze ons wijsmaken dat wij Catalanen ons moeten afzonderen en geen gebruik maken van de synergieën die de samenwerking met andere Europeanen voor ons in petto heeft. Want ook die andere volksbewegingen geloven in de- mocratie en burgerparticipatie in de politieke besluitvorming los van het verkiezingsgebeu- ren. Wij zijn democraten en wij juichen het ordewoord van na de tweede wereldoorlogtoe: ‘bullets for ballots’, en we denken dat de referenda het beste systeem zijn om de nog bestaande politieke conflicten in Europa op te lossen.

EPI en ICEC hebben vijf jaar lang gewerkt om tussen de partners toenadering te laten groe- ien en een internationale dynamiek tot standte brengen. Alles gebaseerd op basiswerk eneen volgehouden engagement, en veel ambi- tie. Het succes van 30 maart in Brussel isdaar. Niet alleen hebben we duizenden demo- craten uit heel Europa samengebracht met of zonder eigen staat, die het universele zelfbe- schikkingsrecht verdedigen. Niet alleen heb- ben we een brug geslagen tussen vele Cata- laanse parlementsleden, Baskische verkie- zingskandidaten voor de Europese verkie- zingen, senatoren en vooraanstaande Vlaam- se politici, Schotse woordvoerders, Vene- tiaanse academici en Duitse ondernemers,die zich anoniem onder de menigte begaven op duizenden km van hun huis. We hebben dat gedaan en we hebben de ‘bilaterale’ verhoudingen verbroken waarin het Systeemons wil opsluiten. Die bilaterale relatie Spanje- Catalonië is onmogelijk, niet omdat ze nietzou hebben kunnen werken, maar omdat ze er nooit geweest is vanaf dag één. Spanje erkent geen conflict en erkent de tegenpartij in die bilaterale relatie niet. Maar wanneer een politiek conflict niet erkend wordt, dan berust de verdediging van het recht om te bestaan bij de internationale gemeenschap. Zeker als een volk zelf zijn lot in handen wil nemen, zonder problemen en zonder voort- durende bedreigingen, het gaat om de verdediging van de democratie uiteindelijk. We moeten niet de moeite doen om on- uitspreekbare namen van plaatsen ver van Europa te leren waar onrechtvaardigheidheerst of de mensenrechten worden geschon- den; Laat ons kijken naar onze samenlevin- gen in de zogenaamde ‘Eerste Wereld’. Laat ons kijken naar Europa en we zien hoe meer dan 25 miljoen Europese burgers elke dag moeten vechten om te bereiken dat de meer- derheden in hun land wil, om te kunnen stem- men over onafhankelijkheid. Ja, wij hebbende ‘bullets for ballots’ ingewisseld en daarommogen we de ‘ballot’ niet vergeten, dat zou een grove vergissing zijn. Vandaag is de Krim Russisch en Europa heeft de verplichting om aan de wereld te tonen dat de enige oplossing niet in het oorlogsgeweld ligt, Europa moet daadwerkelijk aantonen dat sociale meerder- heden van Europese volkeren het universele recht op zelfbeschikking kunnen claimen.Want als het dat niet kan, bestaat Europaniet. De schending van de rechten van miljoe- nen Catalaanse burgers is een probleem van alle EU- burgers omdat het haaks staat op het Europese democratische model zelf. Vandaar het belang van die samenwerking onder de- mocraten die een Europa gebaseerd op waarden als Rechtvaardigheid, Vrijheid Ge- lijkheid en Vrede. Staten zijn machtig, maar zoals D. Eisenhower zei: “What counts is not necessarily the size of the man in the fight – it’s the size of the fight in the man.”

Visca Catalunya I visca Flandes lliures!

Anna ARQUE