Nummer 198


Nieuws uit het derde gewest en zijn riante omgeving | juni 2014


(Euro-)Brussel kroniek (Bernard Daelemans)<< Nummer 198

Informaticaperikelen bij Brusselse verkiezingen

In de volgende bijdrage gaan we de Brusselse verkiezingsresultaten bekijken en becommentariëren. Maar men kan zich ernstige vragen stellen bij de zin van een dergelijke oefening. Wie kan eigenlijk garan- deren dat deze uitslag de weerspiegeling is van de stem die de Brus- selaars hebben uitgebracht? Bij de stemmentelling waren er grote in- formaticaproblemen gerezen zodat men de bekendmaking van de re- sultaten drie dagen heeft moeten uitstellen. De diskettes konden niet worden afgelezen door de computers die daarvoor waren uitgerust met nieuwe software. Die problemen deden zich voor in 17 van de 19 Brus- selse gemeenten en ook in een aantal Waalse gemeenten waar nog met oude computers werd gestemd. Sommige computers waren twintig jaar oud. Uiteindelijk heeft Binnenlandse Zaken beslist om 1.300 Brus- selse stemmen te annuleren. Dat zou geen invloed hebben op de glo- bale resultaten en de zetelverdeling, beweert men. De 1.300 stemmen zouden onleesbaar zijn omdat het gaat over kiezers die tijdens de stemprocedure, in hun zoektocht naar de juiste lijst of kandidaat, zijn teruggekeerd naar een vorig scherm, alvorens hun definitieve keuze te bevestigen. Maar die definitieve keuze konden de specialisten van de firma niet meer achterhalen.

De software van het bedrijf is een bedrijfsgeheim, en slechts twee ex- perts, aangeduid door het (federaal) parlement hebben toegang tot de programma’s. Er bestaat dus nauwelijks controle op de kiesprocedure. Verschillende kandidaten hebben een hertelling of zelfs een herstem- ming geëist. Maar die komt er niet. In België zijn het de nieuwe ver- kozenen zelf die de verkiezingen
geldig verklaren. In de meeste andere landen bestaan daar onafhankelijke instanties voor.


Vlaamse stemmenwinst in Brussel

Zonder meer de meest opmerkelijke trend bij de Brusselse verkiezin- gen is dat voor het eerst sinds het bestaan van het Brussels Hoofd- stedelijk Gewest het aantal uitgebrachte Vlaamse stemmen toeneemt. Sinds de eerste verkiezingen voor het Brussels parlement in 1989 ken- nen we een gestage afkalving van het Vlaamse electoraat. Toen haal- den de Vlaamse lijsten nog 15% van de stemmen of een totaal van 66.168. In 1999 werden er nog 60.546 stemmen uitgebracht op Vlaams-Brusselse lijsten (of 14,19%). In 2009 werd het voorlopig diep- tepunt bereikt met 51.818 of nog maar 11,42% van de geldige stem- men. Terwijl het aantal Vlaamse stemmen zakte, groeide immers ook het totaal aantal stemgerechtigde Brusselaars als gevolg van de snel- belgwet (537.947 ingeschreven kiezers in 1995, tegen 584.310 kiezers vandaag). Maar een kleine 17% van de Brusselse kiezers (dus bijna
100.000 burgers) verzuimt zijn kiesplicht.

Maar kijk: tegen alle verwachtingen in werden er weer meer Vlaamse stemmen uitgebracht. Een bescheiden toename met 1.561 eenheden (van 51.818 naar 53.379). En zelfs in relatieve cijfers betekende dit een weliswaar efemere stijging van 11,42% naar 11,5%.

Deze toename staat in contrast met de daling van het aantal Neder- landstalige ingeschreven kiezers: dat waren er nog maar 45.369 meer. Dat betekent dat er minstens 8.000 stemmen werden uitgebracht op Vlaamse lijsten door mensen die geen Nederlandstalige identiteitskaart hebben.

Het zou natuurlijk kunnen dat de steeds minder tweetalige openbare diensten van Brussel steeds meer Franstalige identiteitskaarten afle- veren aan Nederlandstaligen. Maar dit kan niet de enige verklaring zijn.

We kunnen deze resultaten gemakkelijk in verband brengen met de laatste ‘taalbarometer’ van VUB-professor Rudi Janssens, die vorig jaar werd uitgebracht. Volgens de wetenschappelijke steekproef van Janssens (de derde op rij) zou het aantal Brusselaars met het Neder- lands als enige thuistaal verder inkrimpen tot 5,4% van de Brusselse bevolking (tegen 9,1% in 2000), terwijl de Brusselaars met het Ne- derlands én het Frans als gezinsachtergrond flink toeneemt: vandaag hebben 14,1% van de Brusselaars een tweetalige gezinsachtergrond (tegen 8,7% in 2006). Men kan
zich dus voorstellen dat heel wat tweetalige Brusselaars met een Franstalige
identiteitskaart, toch een openheid hebben naar de Nederlandstalige media en zich ook in hun
kiesgedrag door de Vlaamse media laten leiden.

Het vermoeden is gewettigd dat de toename van het aantal tweetalige (N/F) Brusselaars te danken is aan het Nederlandstalig onderwijs dat sinds ruim twintig jaar steeds meer anderstalige kinderen onder zijn hoede neemt en als twee- of meertalige burgers aflevert. Het is wel voor het eerst dat dit gegeven ook een politieke expressie krijgt in de vorm van een stem voor een Vlaamse lijst. De Vlaamse politici waren jarenlang gefrustreerd dat een dergelijke ‘omslag’ uitbleef.

Die omslag is er nu wel degelijk. Dat blijkt nog duidelijker uit de verkie- zingsuitslag voor de Kamer. Traditiegetrouw stemmen meer Brusse- laars voor Vlaamse Kamerlijsten dan voor gewestlijsten. De verschillen zijn vooral treffend voor N-VA (ruim 3.000 stemmen méér voor de Kamer), VB en CD&V (telkens ruim 2.000 stemmen meer). De overige Vlaamse lijsten behalen ongeveer evenveel stemmen voor het Gewest en de Kamer, terwijl de kandidate van Groen voor de Kamer op een ECOLO-lijst stond.

VLD kampioen in Brussel

Daarmee zijn we bij de resultaten van de partijen aangeland. De zetel- verdeling aan Vlaamse kant is voortaan als volgt: VLD vijf zetels (voor- heen vier); SP.A, Groen en N-VA elk drie zetels, (voorheen respectie- velijk drie, twee en één); de CD&V houdt er nog twee (van de drie) en het Vlaams Belang nog slechts één (van de drie). De VLD van Guy Vanhengel is dus de onbetwiste stemmenkampioen in Vlaams Brussel. Daar zijn heel wat redenen voor op te geven. De partij is om te beginnen uitstekend gestructureerd in Brussel en levert ook verschillende schepenen in een aantal gemeenten. Ten tweede is Vanhengel al ruim tien jaar Brussels minister én bovendien één die van aanpakken weet. Zo schafte hij zonder boe of bah het kijk- en luister- geld af en investeerde massaal geld in de vernieuwing van Vlaamse schoolinfrastructuur. Wie bij Vanhengel komt aankloppen met een re- delijk dossier zal niet zo gauw afgescheept worden: Vanhengel lijkt ook op dat vlak steeds meer op wijlen Jos Chabert. Op het communautaire vlak heeft hij zijn Vlaams profiel (toen hij nog in de oppositie zat) volle- dig en schaamteloos achter zich gelaten. De taalwetgeving is voor hem geen punt. Hij is ook een geslepen communicator. Hij speelt in op het ‘Brusselgevoel’ met onrealistische pleidooien voor tweetalig onderwijs. Te pas en te onpas wordt hij overigens door de VRT ten tonele ge- voerd, zodat het in de nationale media lijkt dat er slechts één Vlaams- Brusselse politicus bestaat. Door het uitspelen van zijn imago van ‘bon Brusseleer’ lijkt het erop dat Vanhengel een groot deel van de stem- men van ‘tweetalige’ kiezers (zie hoger) heeft kunnen binnenhalen.

De N-VA had een goede uitdager kunnen zijn voor de VLD in Brussel, maar heeft sommige al te hoog gespannen verwachtingen niet kunnen inlossen. De N-VA behaalde namelijk minder stemmen dan met de gemeenteraadsverkiezingen (in oktober 2012 ruim 11.000 stemmen in slechts 10 van de 19 gemeenten, tegenover vandaag nog maar 9.075 stemmen voor Brussel-19). Wat is er inmiddels gebeurd? In de pei- lingen is er wat betreft de score van N-VA in Brussel duidelijk een knik gekomen na de bekendmaking van het Brusselstandpunt van de partij. Dat standpunt was nog niet goed en wel bekendgemaakt, of Guy Van- hengel maakte al zijn opwachting in de VRT-studio’s om er brandhout van te maken. Het is de karikatuur die Vanhengel van het N-VA-stand- punt heeft neergezet, die is blijven hangen. Vooral wat betreft de zoge- naamde Brusselkeuze, die werd voorgesteld alsof het de Brusselaars onmogelijk zou worden gemaakt om hun kinderen niet langer naar een Frans- of Nederlandstalige school naar keuze te sturen. Bij TV-confron- taties over die kwestie begon Guy Vanhengel systematisch de N-VA- vertegenwoordigers te overroepen zodat ze onverstaanbaar werden. Maar de N-VA heeft zelf ook niet veel inspanningen geleverd om haar institutionele plannen met Brussel uit te dragen en toe te lichten. Ver- der was uittredend N-VA-parlementslid Paul De Ridder meer historicus dan politicus, en moest nieuwkomer en sterkhouder Johan Vanden driessche nog zijn weg vinden in het Vlaams-Brusselse politieke en mediawereldje.

De hele kiesstrijd stond in het algemeen in het teken van het diaboli- seren van de N-VA en dit gold nog des te meer in de Franstalige media. Als gevolg daarvan hoorden we verschillende mensen spontaan uitbrengen: “De Wever, c’est le nouveau Hitler”. Ook Nederlandstaligen kraamden dergelijke nonsens uit. Op TV-Brussel werd een op het eerste gezicht deftige dame geïnterviewd die naar de stembus trok: “De Wever? Ze moesten hem op zijn gezicht slaan! Zo’n crapule. Die mens is een onmens!” Een week voor de verkiezingen trok de Gay Pride door de straten van Brussel. De deelnemende groep N-VA’ers werd uitgejouwd, bij wijlen nog agressiever dan de vorige jaren al het geval was geweest.

Het blijft wel een feit dat de N-VA opstoomt van slechts één naar drie zetels. Daarmee doen naast Johan Vandendriessche nog twee jonge- dames hun intrede in het Brussels halfrond: Liesbeth Dhaenen en een zekere Cieltje Vanachter, schoondochter van Geert Bourgeois.

In het progressieve kamp verliest de SP.A een zetel (bij een nagenoeg identiek stemmenpercentage als in 2009). De partij, weer aangevoerd door onderwijsminister Pascal Smet, zakt van vier naar drie zetels. Groen wint er een zetel bij en komt van twee op drie. De tijd van de stadslijsten (kartellijsten van Groen en SP.A voor de stad Brussel en voor het Gewest) is lang vervlogen. Vandaag de dag gaat het hard te- gen hard tussen rood en groen. Tijdens de debatten was het aantal uit- vallen van Bruno De Lille tegen Pascal Smet niet bij te houden. Beide partijen vissen ook hoofdzakelijk in de vijver van de ‘Dansaertstraat’ en de hippe wijken van Sint Gillis (Daar haalt Groen 37% van de Vlaamse stemmen!). De jonge Vlaamse inwijkelingen in Brussel, die ook in Sint Joost en net over het kanaal in Laag-Molenbeek zijn gevestigd leveren nogal wat stemmen aan. In de traditioneel meer Vlaamse buurten van Brussel (Jette, Ganshoren, Sint-Agatha-Berchem, Anderlecht) moet Groen het dan weer afleggen tegen de N-VA, die bij het oudere Vlaam- se publiek het sterkste scoort. Groen heeft anderzijds hoegenaamd geen last van de ineenstorting die Ecolo te beurt valt: de Franstalige ecologisten halveren hun stemmenaantal (van 82.663 vallen ze terug op 41.360). De partij heeft ook kennelijk geen prijs moeten betalen voor de puinhoop die De Lille heeft aangericht bij de VGC-administratie en de gemeenschapscentra, waar honderden ambtenaren en medewer- kers aan de deur werden gezet na een omstreden examen.

De CD&V levert een zetel in. Ooit trad Brigitte Grouwels als een Vlaamse belofte het Brussels parlement en vervolgens de Vlaamse en Brusselse regering binnen. Maar op het communautaire vlak houdt ze al jarenlang een ‘low profile’ aan. In een onbewaakt moment liet ze zich ontvallen dat ze de plannen voor Brussel van N-VA ‘niet onbespreek- baar’ achtte, maar dit botste duidelijk met de partijlijn, die door Ben- jamin Dalle (rechterhand van Servais Verherstraeten, en één van de architecten van de zesde staatshervorming) werd uitgezet. Als minister van mobiliteit geraakte ze meer in de belangstelling door aanhoudende conflicten met de Brusselse taximaatschappijen dan met een aankondi- gingspolitiek van grote investeringen in het openbaar vervoer (aanzien- lijke uitbreiding van het Metronet en nieuwe tramlijnen), die momenteel nog in de studiefase zitten. Waar iedereen wel dagelijks mee gecon- fronteerd wordt zijn de ‘eeuwige werven’, die de belangrijke metro- stations ‘Kunst-Wet’ en ‘Schuman’ schijnen te zijn. Ook het Rogierplein en belendende percelen ligt er nu al vijf jaar bij als een werf waar maar geen schot lijkt in te komen. De plannen daarvoor dateren nog van haar voorganger Pascal Smet! Behalve een probleem van demogra- fische afkalving heeft de CD&V in de hoofdstad te kampen met haar Vlaamse geloofwaardigheid. De partij betaalt het gelag voor de de- sastreuze splitsing van BHV, waardoor er nu geen Brusselse Vlaming in de Federale Kamer zetelt en de drieledige splitsing van de kin- derbijslag, waar de partij een bocht van 180 graden heeft gemaakt. Het staat buiten kijf dat de N-VA hierop heeft kunnen kapitaliseren.

Dan is er tot slot het Vlaams Belang. Eens de schrik van de Brusselse politiek, met op haar hoogtepunt zo maar eventjes zes zetels in het Brussels parlement, is de partij nu verder verschrompeld van drie naar één zetel. Van die drie hadden trouwens in de loop van de legislatuur twee parlementsleden afgehaakt, Johan De Mol en Greet Van Linter. Dat was het laatste uitvloeisel van de ruzielegislatuur die de partij van 2004 tot 2009 had gekend. Ook in Brussel heeft de N-VA het VB
praktisch opgepeuzeld.

PS blijft grootste partij

In Franstalig Brussel blijft de PS (26,6%) stabiel én ook de grootste partij, ondanks forse winst voor de MR (23%) . Ecolo wordt fors afge- straft en verliest de helft van zijn stemmen (van 20% naar 10%). Ook het CDH boert flink achteruit (van 14,8% naar 11,7%). De PTB wordt voor het eerst met vier zetels in het Brussels parlement vertegen- woordigd. De zetelverdeling is voortaan
als volgt: 21 zetels voor PS, 18 voor MR, 12 voor FDF, 9 voor CDH, 8 voor Ecolo en 4 voor de PTB.

Het valt op dat MR en FDF samengeteld beduidend meer stemmen binnenhalen dan toen ze nog een kartel vormden. Dat scheelt bijna 33.000 stemmen. Maar het is niet verboden te veronderstellen dat het FDF heel wat voormalige Ecolokiezers heeft kunnen verleiden. Franco- foon militantisme en groen gedachtegoed zijn zeker geen tegenstrijdige waarden. Een ander deel van het teleurgestelde Ecolopubliek is vast wel bij de PTB terechtgekomen. Behalve Ecolo heeft ook CDH flink wat stemmen verloren, iets wat Joelle Milquet als Brusselse lijsttrekster dus niet heeft kunnen verijdelen. De meeste allochtone parlementsleden zijn verkozen bij de PS (8 op 19) en bij CDH (5 op 9, met onder andere Pierre Kompany, de vader van de voetballer). Bij MR zijn 2 van de 15 parlementsleden van bui- tenlandse herkomst; bij PTB 2 van de 4. (Aan Vlaamse kant is Fouad
Ahidar nog steeds verkozen voor de SP.A).

Brusselse regering in de steigers

Het nieuws van de Brusselse formatie is intussen wel algemeen be- kend: de PS nam onverwachts het voortouw met het vormen van een Waalse en Brusselse regering met CDH, in Brussel aangevuld met het FDF. Verwacht wordt dat Laurette Onkelinx voor het Brussels
minister-presidentschap gaat.

Aan Vlaamse kant nam Guy Vanhengel ook meteen het initiatief om gesprekken aan te knopen met SP.A en CD&V. Het kan verkeren. Aan het begin van de vorige legislatuur was het Guy Vanhengel die in géén tijd Pascal Smet had gewipt om met Groen (Bruno De Lille) in zee te gaan. Deze keer was het De Lille die door Vanhengel gewipt werd om plaats te ruimen voor Pascal Smet. Met slechts twee zetels zal de CD&V (Brigitte Grouwels) moeten genoegen nemen met het staatsse CD&V (Bri
cretariaat.

Het is nu ook uitkijken wie in de Vlaamse regering (N-VA-CD&V-coa litie) de verantwoordelijkheid krijgt voor Brusselse aangelegenheden.

Reeds viel de naam van Steven Vanackere (niet verkozen op de Euro- pese lijst). Tenzij de N-VA de post opeist en aan Johan Vanden- driessche toewijst.

Geen Vlaams-Brussels Kamerlid

Geen enkele van de zogenaamde ‘kamikazekandidaten’ in de kieskring Brussel werd verkozen. Ook Annalisa Gadaleta, de kandidate van Groen op de Ecolo-lijst werd niet gekozen. Zij was derde kandidaat, maar door het forse stemmenverlies van Ecolo, wordt de kamerzetel haar door de neus geboord.

En de Vlaamse rand…

Tenzij er nog een hertelling komt voor de provincie Vlaams-Brabant, kunnen we ervan uitgaan dat het UF zijn enige zetel in het Vlaams par- lement behoudt. Union Francophone heeft nochtans ruim tienduizend stemmen verloren. De partij zakte van 47.319 stemmen naar 34.741 oftewel nipt 5,01% van de stemmen, en dus net boven de kiesdrempel. Klaarblijkelijk hebben heel wat Franstalige inwoners van Vlaams- Brabant een stem uitgebracht voor een Vlaamse lijst.

Voor de Kamer haalden de Vlamingen geen zetel in Brussel, maar de Franstaligen haalden ook geen zetel in Vlaams-Brabant. Het FDF kwam wel op met een Vlaams-Brabantse lijst, maar die was goed voor ‘slechts’ 15.405 stemmen.

In de zes faciliteitengemeenten, samengebracht in het ‘kanton’ Sint- Genesius-Rode konden de inwoners kiezen tussen de Vlaams-Bra- bantse Kamerlijsten en de Brusselse Kamerlijsten. 23.391 kiezers brachten een stem uit op een Brusselse lijst (waaronder ook 1.983 stemmen voor Vlaams-Brusselse lijsten). 12.643 kiezers opteerden voor de Vlaams-Brabantse lijsten
(waaronder ook 1.811 stemmen voor het FDF).

Bernard DAELEMANS