Nummer 200


| oktober 2014


Actueel. De losse eindjes van "Hart tegen Hard" (Miel Dullaert)<< Nummer 200

Naar aanleiding van de beleidsverklaring van de regering Bourgeois I werd een actieplatform “Hart tegen Hard” opgericht van tientallen Vlaamse sociale organisaties uit vakbonden, de socio-culturele wereld, theater, kunsten, bibliotheekwezen die in verzet gaan tegen de drastische besparingen die opgelegd worden aan de gezinnen van hardwerkende Vlamingen, aan mensen met een uitkering en de culturele sector in de breedst mogelijke zin,…

 

De besparingen die op de Vlaamse bevolking afkomen vormen een onderdeel van een groter plaatje in Europese Unie (EU). De sociale welvaartsrol via de inning en distributie van belastingsgelden door de overheden moet opgeruimd worden. Het alfa en omega van de neoliberale “heilstaat” zijn de eigenaars en de grote aan deelhouders van de economie, de banken, de dienstensectoren, de staat functioneert in die visie exclusief als een agentschap voor die economische belangen. Ze claimen als ‘Leading Succes People”(LSP) de controle en hegemonie over het gehele maatschappelijke leven: van onderwijs, cultuur, loonvorming, tot de sociale zekerheid. Alles in dienst van de private winsten van aandeelhouders. Linkse flaminganten kunnen niet anders dan verheugd zijn over het initiatief van “Hart tegen Hard” dat tegen deze trend wil ingaan.. Immers, een buitenparlementaire beweging voor sociale en democratische eisen kan de druk op de machtscenakels organiseren. Er staan heel wat eisen in het manifest van “Hart tegen Hard” waarmee we ons kunnen akkoord verklaren. Wat niet betekent dat we als een “kip zonder kop” het actieplatform “Hart tegen Hard” steunen. Er zijn heel wat kritische bedenkingen te maken.

*

In vele landen en naties vormt de sociale strijd en strijd voor de nationale zelfstandigheid een tandem. Het recentste voorbeeld is dat van het referendum in Schotland. In Vlaanderen ligt de afstand tussen de bekommernissen van de sociale en Vlaamse beweging mijlenver uiteen.

Vele decennia lang is de arbeidersklasse, haar vakbonden en het sociale middenveld nagenoeg totaal afwezig in het politieke debat over de strategie van de Vlaamse beweging. Ze participeren niet aan het debat, ze zetten er zich tegen af of demoniseren het. Ze sluiten zich af van het historisch verleden van de Vlaamse beweging waar het links en sociaal flamingantisme vaak hand in hand gingen. Zij focussen op de rechtse, kleinburgerlijke onderstroom die vandaag dominant is geworden. Het is het perfecte mechanisme van de “self-ful filling-prophecy”. Het Belgisch regime lijkt voor de meeste van de organisaties die zich aansluiten bij “Hart tegen Hard” een van staal en beton gegoten kader waarin zij hun progressieve acties situeren.

Waarom meenden de schrijvers van de alternatieve Septemberverklaring van “Hart tegen Hard” zich te moeten afzetten van de strijd voor het Nederlandstalig karakter van de Brusselse Rand? Het is een democratische, progressieve eis van de Vlaamse beweging, die linksen en progressieven zouden moeten omarmen! Voor zover onze kennis reikt,werden organisaties zoals het Priester Daensfonds of de Vlaamse Socialistische Beweging (V-SB), Meervoud vzw of de Gravensteengroep niet betrokken bij het platform van “Hart tegen Hard”. Een gemiste kans om de sociale en vlaamse ontvoogdingsstrijd in één grote verzetsbeweging te laten samenvloeien. “Hart tegen Hard” sluit nadrukkelijk de ogen voor wat groeiende is in Vlaanderen. Ze vergeten dat de huidige V-partijen zowat 40% van het Vlaamse electoraat, arbeiders, bedienden, kaders, vertegenwoordigen. “Hart tegen Hard” dreigt gekneld te geraken tussen enerzijds de zowat 600.000 Vlamingen die onder of net boven de armoedegrens leven, die zich elke dag in een overlevingsstrijd bevinden en dus weinig interesse zullen hebben voor de subsidiestromen naar structuren en organisaties. Langs de andere kant is er de massale aanhang van de V-partijen waar de (voorlopig?) welvarende middenklasse weinig of geen empathie heeft voor wat zij misprijzend beschouwen als het “gesubsidieerde profitariaat”. Grote groepen van zelfstandige beroepen, kaders, middenstanders, ambtenaren en arbeiders en bedienden, zijn bezig met geld te verdienen en hun extra-professioneel leven wordt bijgekleurd door bijv. het bijwonen van een door een bedrijf gesponsorde voetbalclub, aftrekbaar van de belastingen, of ze wonen een concert bij met toegangstickets betaald door de firma. Maar de sociale en culturele achteruitgang zullen zij op een of andere manier voelen (daling koopkracht, stijging criminaliteit, faillissementen kmo’s, zelfstandigen die vnl. voor de binnenlandse markt werken).

*

Tegelijk zien de sociaalen linksflaminganten een levensgroot probleem voor de Vlaamse ontvoogdingsstrijd zoals die vandaag gedomineerd wordt door rechtsconservatieven onder de charismatische leiding van Bart De Wever, die zich beroept op filosofen zoals een Edmund Burke en Theodore Dalrymple en voor de Vlaamse beweging niet veel toekomst meer ziet. Vele flaminganten lijken wel onder een “marsorder” te leven door elke kritiek op de N-VA te counteren met de stilte van de “omerta” of met het argument “het neoliberaal beleid is niet van gisteren, het wordt al dertig jaar uitgebouwd door die krachten die nu de N-VA kritiseren”. Dat argument klopt, maar je kunt geen toekomstgerichte actie voeren door steeds naar het verleden te verwijzen, dat je aanklaagt, maar hetzelfde beleid vandaag, in een nog grotere versnelling, met de mantel der liefde bedekt. En duizenden Vlamingen te schofferen die in de rij staan voor gehandicaptenvoorzieningen, een betaalbare woning, die beroep doen op de voedselbank en het OCMW of een werkloosheidsuitkering door vanuit een comfortabele positie te orakelen dat de “welvaartsstaat onbetaalbaar wordt” . En vooral lafhartig alleen te mikken op de kleine fraudeur en te ‘vergeten’ dat er miljarden euro’s van de heersende elite in Vlaanderen en in deze wereld rondzweven door fraude, wanbeleid, militaire uitgaven,… Daarbij komt dat de opstelling van de rechtse partijen in Vlaan deren een kwalitatieve omslag betekent . De neoliberale shockdoctrine die vandaag in Vlaanderen aan de orde van de dag is, is een kwalitatieve sprong achteruit voor de grote massa van werkende mensen en uitkeringstrekkers. Wat op Belgisch vlak begonnen is, dertig jaar geleden met de traditionele partijen, dreigt nu zijn bekroning te vinden op regionaal vlak met een N-VA die kleur heeft bekend: niet de Vlaamse zaak, maar wel het installeren van een nieuwe Neoliberale Orde in samenhang met hun belgicistische geestesverwanten is de prioriteit geworden vandaag. Het huidige door rechtsconservatieven gedomineerde flamingantisme leidt het Vlaamse volk naar de democratische, sociale en culturele achteruitgang. Links en sociaal progressief Vlaanderen zal zich grondig moeten recycleren wil het niet voor lange tijd marginaal worden. En, enkel een volwaardige Vlaamse beweging waarin de sociale welvaart van het volk én de Vlaamse ontvoogdingsstrijd, gericht op Europa en de wereld, de vingers van één vuist zijn, kan op termijn soelaas brengen. Wij zijn koele minnaars van het actieplat form “Hart tegen Hard”, er moet nog hard gewerkt worden om de vele losse eindjes en taboes weg te werken.

Miel DULLAERT