Nummer 227


De bossen van Vlaanderen | mei 2017


Vlaams bosbeleid blijft ondermaats ondanks 'historisch akkoord' (Jan Van Beuren)<< Nummer 227

De bossen van Vlaanderen

Vlaams bosbeleid blijft ondermaats ondanks 'historisch' akkoord


Op 31 maart bereikte de Vlaamse Regering een akkoord over de 'Meest Kwetsbare Waardevolle Bossen'. Na jaren van discussies krijgt zo'n 12.262 hectare bos een betere bescherming. Met de beslissing wil de Vlaamse Regering laten zien dat zij bossen wel degelijk belangrijk vindt. Tot nu toe zat de perceptie op dat vlak echter tegen. Denken we maar aan de kritiek die Joke Schauvliege (CD&V) kreeg in het dossier Essers. Omdat de kritiek niet is gaan liggen, slaat minister Schauvliege nu bikkelhard terug. Tegen Natuurpunt: de grootste ontbosser van Vlaanderen!


Bos is hip en dat heeft veel te maken met de groeiende zorg over de klimaatverandering. Door hun CO2-opname remmen bossen de klimaatsopwarming af en daarom wordt er gepleit voor meer bos. Waar natuur- en milieuorganisaties in het verleden de focus legden op de ecologische waarde van bos, plaatst onze 'groene' elite het klimaatverhaal nu steeds meer centraal.


Daarnaast zijn bossen natuurlijk ook de geliefkoosde plek om te recreëren. Ligt het aan de toegenomen vergrijzing, de werkdruk, het gezondheidsstreven of het groeiende aantal huisdieren dat op ronde moet? Feit is dat steeds meer mensen de weg vinden naar het bos. Die mensen ergeren zich steeds meer aan het vellen van bomen, zelfs al gaat het om klassiek bosbeheer.


Het rooien van bos is tegenwoordig een heikele kwestie geworden. Niet alleen voor ondernemers die een stuk bos willen verwijderen om hun bedrijf uit te breiden, maar ook voor natuurverenigingen die bos willen kappen om bijvoorbeeld heide te realiseren. Elke kapping kan het mikpunt worden van buurtprotest, zelfs al zijn de wettelijke procedures gevolgd.


Maar ook wettelijk gezien is het niet evident om bos te rooien. Sinds het Bosdecreet van 1990 geldt immers een algemeen ontbossingsverbod. Wil je daarvan afwijken, dan kan dat enkel in specifieke gevallen (b.v. voor het realiseren van natuurdoelen). Meestal dient het gekapte bos te worden gecompenseerd. Dat kan geldelijk maar ook in natura. Wie kapitaalkrachtig is, heeft daar niet zo'n moeite mee, maar voor Jan met de Pet is het een onaangename verrassing als zijn verwilderde tuin plotseling een bos blijkt te zijn in de juridische zin van het woord. Heeft hij er andere plannen mee, dan staat hem een ingewikkelde procedure en soms dure compensatie te wachten.


En het resultaat? Schitterend kun je het niet noemen. Als er in natura wordt gecompenseerd, gaat het vaak om restgronden waar zich nooit een waardevol bos (1) kan ontwikkelen en ook in het geval van geldelijke compensatie is het resultaat pover. Jarenlang werd het geld opgepot in het boscompensatiefonds en nu er na klachten meer gronden worden gekocht, blijkt de grondprijs een struikelblok. Wat er wordt gekocht zijn doorgaans snippers die weinig potentieel hebben om uit te groeien tot een volwaardig bos.


De boscompensatieregeling zet natuurlijk wel een rem op de ongebreidelde ontbossing en dat is positief. Jammer genoeg wordt er ook een rem gezet op wenselijke ontwikkelingen zoals het herstel van waardevolle natuur (2) die vaak nog veel zeldzamer is dan bos.


De Vlaamse Regering bedacht de zonevreemde bossen die nu een extra bescherming krijgen met de bombastische term 'Meest Kwetsbare Waardevolle Bossen'. In veel gevallen zijn deze bossen echter absoluut niet waardevol. Ze maken bijvoorbeeld deel uit van tuinen, golfterreinen, snelwegbermen, ze bestaan uit spontane opslag van uitheemse bomen en struiken of ze zijn zelfs geen bos. De kaart is het resultaat van een desktopoefening en dat merk je (zie https://mkwb.natuurenbos.be/). Om het resultaat helemaal ondermaats te maken werden er in laatste instantie nog heel wat bossen geschrapt na consultatie van de achterban. Bij het openbaar onderzoek (16 mei-14 juli) zullen ongetwijfeld nog heel wat hectares sneuvelen!


Maar is het dan zo slecht gesteld met de bossen in Vlaanderen? Ja en neen. Hoewel er geen precieze cijfers bestaan over de oppervlakte bos in ons land, mogen we gerust stellen dat er steeds meer bos bijkomt. Eeuwenlang stonden bossen onder druk. Armtierig Vlaanderen beheerde bossen zo intensief dat er heel wat verdwenen. Maar ook de bossen die bleven, werden verregaand beheerd: strooisel werd afgevoerd, bramen werden gemaaid en stronken van dode bomen werden uitgegraven en benut! Grote bossen zoals het Zoniënwoud of het Heverleebos-Meerdaalwoud bleven gespaard omdat ze fungeerden als jachtgebied van de elite. De totale bosoppervlakte in onze streken nam niet stelselmatig af maar fluctueerde door de eeuwen heen. Zo groeide de bosoppervlakte van de 17e tot 19e eeuw op veel plaatsen sterk aan, toen het belang van gemene weiden (zoals heide) in de landbouw terugliep door de ontdekking van de klaver- en voedergewassenteelt. Onder invloed van de verlichte elite werden die 'woeste gronden' beplant. Vanaf het einde van de 19e eeuw werden veel nieuwe, maar ook veel historische bossen gerooid en omgezet in akkers of weilanden. Om de economische opbrengst te verhogen werd er vanaf de 18e eeuw aangeplant met uitheemse bomen, eerst naaldhout en later ook loofhout. Het resultaat is dat de biodiversiteit van onze bossen sterk is teruggelopen. Soorten zoals Amerikaanse eik, Robinia of Amerikaanse vogelkers verdringen andere soorten en zijn bovendien invasief. Hun belang is sinds de jaren 1950 sterk toegenomen, omdat heel wat (cultuur) gronden werden verlaten. Duizenden hectaren grond verbosten spontaan, omdat het beheer niet meer rendabel was of werden beplant met populieren. Soms ontstonden er mooie bossen, maar vaak gaat het om een waardeloze verzameling uitheemse bomen.


Het is ergerlijk om vast te stellen, dat de natuurwaarde van bossen steeds meer uit het oog wordt verloren. Bos wordt gereduceerd tot een recreatieomgeving en een CO2-absorptiemachine waarvan de gezamenlijke oppervlakte zo groot mogelijk moet zijn. Dat bossen kapot worden gerecreëerd (b.v. Hallerbos) of dat ze geen natuurwaarde hebben doet er niet toe. Door het falen van het (ruimtelijk) beleid zijn de meeste bossen in Vlaanderen klein, versnipperd en (sterk) beïnvloed door bebouwing en vervuiling. Wie de doorsnee Vlaamse bossen doorkruist, komt ongetwijfeld geïsoleerde weekendverblijven of woningen tegen die ongehinderd afvalwater lozen. Bossen zijn bovendien geliefde stortplaatsen van groen- en ander afval of het terrein van zware bosexploitatie.


Het Vlaamse bosbeleid wordt al jaren bepaald door de christendemocraten. Dat beleid was nooit ambitieus en achter de schermen was de handrem meestal opgetrokken. De partij van het moedige midden wist dat falende beleid lange tijd uit de mediabelangstelling te houden. Dat het bos- en bij uitbreiding natuurbeleid in de achterkamers en kabinetten vakkundig werd gedwarsboomd, daar bleef het grote publiek onwetend over. Maar de afgelopen jaren lijkt die strategie niet meer te werken. Om de haverklap kwam Joke Schauvliege onder vuur te liggen. In het licht van de camera's was haar verdediging doorgaans stuntelig. Een nieuw hoogtepunt in de controverse is het interview (Knack 9 mei 2017) waarin ze Natuurpunt wegzet als de grootste 'ontbosser' van Vlaanderen. De uitspraak past in de kruistocht die christelijke belangenorganisaties voeren tegen Natuurpunt als pretbederver en onruststoker van het platteland. Met het beknibbelen op subsidies lukte het lange tijd om Natuurpunt onder de knoet te houden, maar intussen is die overheidssteun dermate teruggelopen dat Natuurpunt steeds minder een blad voor de mond neemt. Natuurpunt weet zich gesteund door de N-VA en een groeiend aantal leden, wat de rancune van de tsjeven naar een ongekende hoogte stuwt. Met de uitspraak in Knack toont Schauvliege zich oprecht bekommerd om bos. Daar is natuurlijk niet veel van aan.


De CD&V wil geen morzel landbouwgrond opofferen voor bebossing en daarom wordt de focus volledig gelegd op de groene gewestplanbestemmingen. In tijden van besparingen zijn bossen trouwens een wondermiddel: in tegenstelling tot het realiseren van bijvoorbeeld heide, trilveen of heischraal grasland is het aanleggen van bos spotgoedkoop. Daarom worden natuurreservaten in eigendom van de Vlaamse Overheid massaal beplant met bos en wordt Natuurpunt gedwongen om hetzelfde te doen in haar natuurgebieden. Dit gaat echter ten koste van waardevolle natuur. De druk die wordt uitgeoefend is gigantisch. Organisaties als de Belgische Boerenbond worden actief ingeschakeld om bosdoelen toe te wijzen aan de Europees beschermde gebieden (Natura 2000-gebieden). Zogenaamde regionaal belangrijke biotopen als dotterbloemgraslanden moeten het daarbij ontgelden. Ze tellen niet mee voor de Europese natuurboekhouding en daarom moeten ze worden beplant. De bedoeling is natuurlijk, dat de bosdoelen worden gehaald in de natuurgebieden, zodat Europa nadien niet kan opleggen dat er landbouwgrond wordt bebost. Dat er waardevolle natuur moet verdwijnen voor deze CD&V-politiek is amper bekend. Het lijkt wel of natuur in Vlaanderen alleen uit bos kan bestaan!


De CD&V waakt er over dat bomen geen rechten hebben in agrarisch gebied. 'Bomen horen thuis in het bos' is een populaire uitspraak van lokale CD&V-mandatarissen. Intussen wordt ons landschap verder 'uitgekleed'. Een eeuw geleden stonden er meer bomen buiten het bos dan in het bos. Bomenrijen, dreven, houtkanten en dergelijke meer sierden ons landschap. Hoewel de CO2-opnamecapaciteit van de oude bomen in het landschap een veelvoud is van de jonge bosaanplantingen gaat de vernietiging gewoon voort. Er is een wettelijke bescherming van kleine landschapselementen (Natuurdecreet, 1997), maar inbreuken worden nauwelijks nog bestraft. Na jaren van CD&V-voogdij stellen de inspectiediensten niets meer voor. Wie ligt er trouwens nog wakker van?
Het Vlaams Bosbeleid staat al jaren gelijk met aanmodderen en de versnipperde bosuitbreidingen zijn in feite waardeloos.


Hoe moet het dan wel? Vlaanderen moet kiezen voor écht waardevolle bossen. Meestal zijn dat zogenaamde oude of historische bossen die een rijke fauna en flora hebben omwille van hun leeftijd. Die bossen dienen alle zorg te krijgen. Veel oude bossen zijn nu klein en versnipperd. De ecologische waarde van bossen neemt aanzienlijk toe, wanneer ze groot zijn en vrij van allerlei negatieve invloeden. Het is dus duidelijk waar de focus van het Vlaamse bosbeleid hoort te liggen. Er is dringend behoefte aan nieuwe bossen op de plaats waar veel historische bosrelicten aanwezig zijn. Door deze met elkaar te verbinden zal de ontwikkeling tot een waardevol bos veel sneller gaan, omdat de typische bossoorten nog aanwezig zijn. Als het de Vlaamse Regering menens is met onze bossen, dan worden er gebieden afgebakend waarbinnen de overheid gronden verwerft voor bebossing (via recht van voorkoop, onteigeningen e.d.). Daarbij worden ook weekendverblijven en woningen verworven, lozingen aangepakt, stortplaatsen opgeruimd en uitheemse bosbestanden omgevormd tot waardevol bos. In het Hageland, de Westhoek, maar ook elders zijn er mogelijkheden om op die manier ecologisch waardevolle bossen te realiseren. Daarbij moet de nadruk minder liggen op de kwantiteit dan op de kwaliteit.


Anderzijds moet er meer worden ingezet op het behoud en het versterken van kleine landschapselementen. Niet lukraak, maar met respect voor het karakter van onze verschillende landschappen. Ook hier geldt niet de kwantiteit maar de kwaliteit.


Tegelijk kunnen de teugels van het ontbossingsverbod wat worden gevierd als het de bedoeling is om andere hoogwaardige natuur te creëren. En dat Natuurpunt dan een 'nettoontbosser' is, is geen enkel probleem.



Jan Van BEUREN