Nummer 25


| maart 1997


Europa in vraag gesteld, of niet? (Christian Dutoit)<< Nummer 25

Een aantal recente gebeurtenissen, de affaire Renault op kop, hebben nu wel eindelijk voor het grote publiek duidelijk gemaakt dat er iets loos is met de Europese eenmaking. In dit blad hebben we van in den beginne gewezen op de mankementen van de EU. Een aantal linkse tenoren hebben ons jarenlang proberen diets te maken dat er een sociaal Europa in de maak was, maar vandaag merken we daar helemaal niets van, integendeel. Een eerste koude douche was het geval Michelin, een tiental jaar geleden. Renault-Vilvoorde is een heus onweer. Maar de tien jaar die tussen Michelin en Renault lagen, werden duidelijk niet besteed aan de evaluatie of een uitwerking van maatregelen om dit soort schandalen onmogelijk te maken.

Het wordt nu wel hoog tijd dat Europa ook ter linkerzijde in vraag gesteld wordt. Er is de voorbije jaren genoeg zand in de ogen gestrooid. Politologen verklaarden dat Europa een democratisch-emancipatoire uitwerking zou hebben op de politieke elites van de verschillende lidstaten. Daar moeten we nog de eerste embryonale resultaten van zien. De mars voor werk die de vakbonden onlangs in Brussel organiseerden, etaleerde heel wat opgekropte woede tegen 'Europa', maar nog steeds proberen de organiserende vakbonden hun achterban wijs te maken dat het 'sociale Europa' in het verschiet ligt. Niets is minder waar.

In het Europese operette-parlement zijn de 'socialisten' al sinds jaren de grootste fractie. Zij weten heel goed dat dit parlement helemaal geen democratische, laat staan sociale functie vervult, maar gaan verder met het debatteren over nietszeggende resoluties en dito aanbevelingen aan de Commissie en de Raad.

Aan de basis komt meer en meer het anti-Europees ongenoegen tot uiting. De grote vakbondskanonnen weten dit, maar proberen de loontrekkenden te sussen. Zij slagen daar steeds minder in. Dit is wel het meest hoopvolle van de recente vakbondsmars: de ventilatie van anti-Europese gevoelens. Even hoopvol is dat tenminste een fractie van de Vlaamse beweging zich aansloot bij de mars, onder het thema 'Europa is sociale afbraak'. Hiermee wordt een traditie van het begin van de jaren zestig hernomen, toen na de marsen op Brussel een betoging gehouden werd onder het motto 'voor federalisme en sociale structuurhervormingen'. Dat was in 1963.

Vandaag vecht diezelfde Vlaamse beweging ruzietjes uit op een weide in Diksmuide, of bakkeleit over het al dan niet aanwezig zijn van een onnozele muziekkapel op een zangfeest. Dit is natuurlijk je reinste folklore, op een ogenblik dat duizenden Vlamingen hun job verliezen, niettegenstaande alle verankerings-beleidenissen van onze minister-president.

Vlaamse en sociale beweging zijn met andere woorden gedoemd om de handen in elkaar te slaan, en vandaag is daar meer dan ooit aanleiding toe. Een resolute pro-Vlaamse, en dus anti-Europese strategie, is de enige uitweg voor de huidige impasse. Een aantal mensen heeft dit reeds begrepen. Eén zwaluw maakt nog geen lente, maar veel alternatieven zijn er niet.