Nummer 25


Nieuws uit het derde gewest en zijn riante omgeving | maart 1997


(Euro-)Brussel-kroniek (Bernard Daelemans)<< Nummer 25

Hoffelijkheid ?

Als antwoord op de tweetalige glanspapieren kleurenfolder van het Vlaams Blok die een tijdje geleden alom in alle brievenbussen van het derde gewest werd gepropt, verscheen recentelijk een Lettre ouverte aux démocrates bruxellois van de hand van Mahfoud Romdhani. De ondertitel luidt: Nos réponses au Vlaams Blok et à son programme en 70 points sur l'immigration.

Deze Romdhani (PS) is een verkozene des volks in het parlement van het hoofdstedelijk gewest en riposteert punt per punt in een folder van 16 bladzijden op dit beruchte 70 puntenprogramma. De twee enige woorden in het Nederlands zijn België barst; de rest van de tekst is geheel en al in de taal van Philippe Moureaux (zijn bovenmeester en patron) en zowel voor de Turkse als voor de Maghrebijnse en uiteraard de Vlaamse gemeenschap biedt deze eentalig Franse folder allerminst een hoffelijke en intelligente repliek. En wie zal deze taaie en saaie tekst van het begin tot het einde lezen? De Nederlandstalige weifelaar in elk geval niet.

Men begrijpe ons echter niet verkeerd: het gaat hier dit keer niet over de inhoud van deze open brief. Het gaat hier over de fameuze 'taalhoffelijkheid', een woord dat bij deze genaturaliseerde Belg of Arabier van dienst bij de Brusselse PS duidelijk niet in zijn vocabulaire staat. Hoffelijkheid t.o.v. anderstaligen bij de militanten en de krokodillen van de Brusselse PS? Nooit van gehoord! Met wellicht een paar goede uitzonderingen: mevrouw Magda de Galan en de heer Freddy Thielemans om toch maar namen te noemen. (H.B.C.)

Radio Vlaams-Brabant

Lange tijd was de regionale BRTN-Omroep Brabant nog de enige zender die vanuit het oorspronkelijke radiogebouw van de NIR, de Pakketboot aan het Flageyplein in Brussel zijn uitzendingen bracht. Onenigheid over het gemeenschappelijk beheer door de nationale omroepen van beider taalkunnen zorgden ervoor dat het gebouw eerst jarenlang verwaarloosd werd en nu echt niet meer kan gebruikt worden voor zijn functie. Nochtans is het gebouw architecturaal waardevol en de akoestiek in de concertzaal is wereldvermaard. Het probleem is dat de RTBF het wel wil verkopen of in concessie geven, maar liever niet aan een Vlaams cultuurproject. Vandaar dat het aanbod van de groep De Eyck enkele jaren terug werd afgeslagen.

Voor Omroep Brabant werd dan een voorlopige oplossing gevonden: op de Heizel had de BRTN nog enkele studio's vrij in het Amerikaans Theater. Vandaaruit kan de redactie vlot uitzwermen naar de ganse provincie, terwijl ook de Brusselse agglomeratie binnen handbereik bleef. Kort geleden kondigde de BRTN-top aan dat deze beslissing nu definitief wordt en dat de nodige kredieten zijn vrijgemaakt om het comfort in de geïmproviseerde studio's in overeenstemming te brengen met de noden van de zender. Een puike beslissing dus, die de band tussen Vlaanderen en Brussel hecht houdt op die plaats waar hij altijd al het meest intens en concreet was: in Brabant.

Maar dat was zonder het orakel van Leuven gerekend: Hertog Louis zou niet toestaan dat "zijn" provinciezender in Brussel zou blijven. Argumenten had de Leuvense bullebak niet, wel dreigementen: als het dan toch Brussel werd, dan zou hij zelf wel met de privé in zee gaan om een Leuvense radio uit te bouwen. (Zoals steeds is Louis trouw aan de socialistische beginselen in verband met de uitbesteding van openbare diensten). Of anders zou hij wel een stokje steken voor de goedkeuring van het voorliggende maxidecreet over de omroep van de Vlaamse gemeenschap. (Het soevereine Vlaamse parlement zal toch wel luisteren naar de big boss van de Keizerslaan zeker).

Geen argumenten? Ja, toch: de radio moet de "institutionele evolutie volgen" die van Brussel en Vlaams-Brabant aparte administratieve entiteiten hebben gemaakt. O ja? De Brusselse Vlamingen mogen dan wel "provincieloos" geworden zijn, zijn zij daarom minder Brabander dan tevoren? Ach ja, en de andere provincies hebben ook "hun" zender in de provinciehoofdstad: Limburg in Hasselt, Antwerpen in Antwerpen, Oost-Vlaanderen in Gent, en West-Vlaanderen in... mis, niet in Brugge, maar in Kortrijk.

Echter, ook de Leuvense CVP deed zijn duit in het zakje: ook zij is voorstander van Leuven, kwestie van de identiteit van de nieuwe provincie beter vorm te kunnen geven. Zij werd algauw teruggefloten door mediaminister en Zaventemnaar Eric Van Rompuy èn door de CVP van Halle-Vilvoorde, die best tevreden is met de berichtgeving van Radio-Vlaams-Brabant.

De Brusselse VLD-er Guy Vanhengel reageerde heel boos op de arrogantie van Tobback. Volgens hem is het Tobback niet te doen om het algemeen Vlaams belang, noch om het belang van Vlaams-Brabant, maar wel om zijn eigen persoonlijk burgemeesters belang. Een nieuwe, specifiek Brusselse, Nederlandstalige zender, als compensatie voor het afstaan van Radio Vlaams-Brabant, ziet Vanhengel niet zitten.

Ook De Standaard vindt het optreden van de burgemeester benedenmaats: "Er is ruimte voor debat, maar Tobback gaat over de schreef. Door, nota bene op de betrokken zender zelf, te gaan bulderen en dreigen wekt hij de indruk dat het hier niet gaat over een na overleg te nemen beslissing, maar over pure machtsuitoefening, zonder overleg". En Luc Vanderkelen (Het Laatste Nieuws) voegt daaraan toe: "Ooit was er een socialistische burgemeester die luidop riep dat "Antwerpen Brussel niet zou loslaten". Vandaag hebben we er een die de band wil doorknippen."

Randverschijnsel

Zoals bekend is Louis Tobback een fervent aanhanger van de persvrijheid. Hij is er van overtuigd dat iedere krant de volstrekte vrijheid moet hebben om zijn mening te verkondigen. Hij is zelfs zodanig begaan met de persvrijheid dat hij zijn eigen radiostation wil (zie boven).

Zoals eveneens bekend zal de Vlaamse regering via een v.z.w. een Randkrant uitgeven. Argeloze zielen bevroeden dat deze krant zou dienen om de Vlaamse standpunten naar voor te schuiven. Dat leren de ketters, maar zij dwalen. Tobback vindt immers dat die krant voornamelijk zijn standpunten moet propageren. En dat zijn meestal niet dezelfde als de Vlaamse standpunten.

Om zeker te zijn van de ware lijn, heeft hij ook al een hoofdredacteur gevonden. Ene Coenjaerts, die al zijn sporen verdiende bij Humo en De Morgen, en nu zijn boterham verdient bij Intermediair. Als ambitieus topjournalist is hij, net als Reynebeau, van één zaak overtuigd: dat al dat Vlaams gedoe klinkklare nonsens is, en dat een begrip als een 'Vlaams volk' een hersenspinsel is van enkele warhoofden.

Toch begrijpen we Tobback niet helemaal: als het dan toch zijn bedoeling is op kosten van de Vlaamse regering een Pravda uit te geven, had hij beter Jean Guy gekozen. Die is toch werkloos. (M.L.D.)

De Europese instellingen zwermen uit

Nog geen drie jaar geleden stelde de Brusselse minister-president Charles Picqué dat de mogelijkheden om in Brussel de Europese instellingen op te vangen niet onbegrensd zijn. Volgens hem was er toen nog plaats voor een slordige 300.000 vierkante meter kantoorruimte. Deze infrastructuur was overigens al in aanbouw en nadert thans zijn voltooiing. Nog meer kantoren toelaten zou "de stad wegwissen".

Wat iedereen met de ogen dicht kon voorspellen is thans aan de orde: de uitbreiding van Europa, de toename van de Europese bevoegdheden, de creatie van nieuwe instellingen (zoals het Comité der Regio's) en de exponentiële groei van het aantal talenkoppels en bijgevolg van de vertaaldiensten leiden tot een grotere kantoorbehoefte. Minister van ruimtelijke ordening Hervé Hasquin kwam met de cijfers voor de pinnen, die hem "officieus" via een brief van de Europese Ministerraad waren meegedeeld. Op korte termijn hebben de Europese instellingen nog 100.000 vierkante meter extra nodig. Die kunnen niet meer in de huidige Europawijk worden bijgezet, en de bestaande kantoren aan de Wetstraat, die meer en meer komen leeg te staan voldoen niet meer aan de eigentijdse kantoorbehoeften, althans ze zijn niet geschikt voor Europese doeleinden.

Er zijn drie sites die in beginsel in aanmerking komen voor deze uitbreiding: de zgn. Delta-site in Oudergem, het Zuidstation en de Noordwijk. Volgens Hasquin zijn de eerste twee plaatsen niet geschikt: het rustige, best leefbare Oudergem krijgt immers al de vestiging van de derde Europese school te verwerken. De Zuidwijk beantwoordt niet aan de verwachtingen van de Europese ambtenaren. In de Noordwijk daarentegen liggen nog vele terreinen braak, en is er in de toekomst zicht op een interessante verkeersinfrastructuur: de NMBS wenst namelijk zijn plannen voor een tweede TGV-station in Schaarbeek, oorspronkelijk voorzien voor 2025 versneld uit te voeren (tegen 2005), Er bestaan akkoorden met Sabena om de verbinding met de luchthaven uit te bouwen en tenslotte wordt Schaarbeek een belangrijk knooppunt in het Gewestelijk Expressnet (GEN). De Noordwijk sluit overigens aan bij een stuk van het stadscentrum waar in renovatie en nieuwe woningbouw wordt geïnvesteerd, zodat de Europese ambtenaren ook een degelijke huisvesting kunnen krijgen in de buurt.

Hasquin kon geen cijfers verstrekken over de te verwachten groei van de "parallelle circuits" van Euro-Brussel (de lobbykantoren, ambassades en bedrijven die in het kielzog van Europa naar Brussel komen). Wat de effecten op de woningmarkt zullen zijn is al evenmin onderzocht, maar het is bekend dat nú reeds de speculatie is begonnen in een ruime straal rond het station van Schaarbeek.

Hasquin zag er ook geen graten in dat de optie voor het Zuidstation verlaten ook betekent dat men de wijk rond dit station dus voor niets ten prooi heeft gegeven aan de vastgoedspeculanten met de stereotiepe verloedering die daarmee gepaard gaat. In elk geval zou Europa in deze het laatste woord hebben: Hasquin is enkel bereid zijn vergunningsbeleid te binden aan esthetische voorwaarden, niet aan de lokatie.

Charles Picqué, de incivieke minister-president

Tot op heden werd altijd staande gehouden dat de manke toepassing van de taalwetgeving in de Brusselse gemeenten moet worden toegeschreven aan de onwil van de FDF-ministers om als voogdijoverheid op te treden tegen schendingen van de taalwet. In feite heeft de betrokken FDF-er (Didier Gosuin) enkel de voogdij over de OCMW's die hij samen uitoefent met zijn Vlaamse collega Rufin Grijp. Voor het gemeentelijk personeel is alleen Charles Picqué bevoegd. Als antwoord op een parlementaire vraag van Dominiek Lootens (VB) heeft Picqué die in de gezagsgetrouwe pers steevast wordt voorgesteld als een "gematigde franstalige", nu voor het eerst kleur bekend en toegegeven dat hij steeds dezelfde politiek heeft gevoerd als het FDF. Concreet had de vicegouverneur in het jaar 1996 in totaal 262 personeelswervingen van de Brusselse gemeenten in strijd met de taalwetgeving bevonden. Uiteindelijk belandden 133 dossiers bij Picqué ter annulering. Picqué heeft echter systematisch geweigerd de schorsing uit te voeren. "Om de werkzaamheid van de gemeenten niet te hinderen", zo zie Picqué, wilde hij "de taalwetgeving niet blind toepassen", want die is "op zijn zachtst gezegd te streng". Picqué is voornemens in de toekomst blijvend "soepel op te treden", zolang de "overgangsfase" naar de uitvoering van het 'taalhoffelijkheidsakkoord' duurt. Picqué zei nog dat wanneer de tweetalige werfreserve, waarin het taalakkoord voorziet, een feit is, meteen ook de noodzaak vervalt om een stand van zaken bij te houden via de fameuze "driemaandelijkse rapporten".

Met andere woorden: thans wordt de wet niet nageleefd, en over enkele maanden zal het controlemechanisme over de naleving van de taalwet afgeschaft worden. Zo wordt vermeden dat men enig zicht krijgt op de ware toedracht van het "taalhoffelijke Brussel", waar, gezien de vele uitzonderingen (voor "gespecialiseerd personeel"), waarin het akkoord voorziet, voorzeker vele vraagtekens bij geplaatst kunnen worden.