Nummer 28


Vlaamse beweging | juni - juli 1997


"Sex is Vlaams" (Julien Borremans)<< Nummer 28

Wie de politiek enigszins volgt, weet dat het onafhankelijkheidsdebat steeds meer aan kracht en belang wint. Het taboe dat voor kort over dit onderwerp heerste, wordt stilaan weggenomen. Belangrijke politici uit diverse partijen doen met regelmaat van een klok straffe uitspraken in die richting. Zo mochten we het onlangs meemaken dat niemand minder dan Louis Tobback zei dat de scheiding der Nederlanden in 1831 een vergissing was. Stel u voor! Tot voor kort was zo'n krasse uitspraak van een vooraanstaand Vlaams socialist ondenkbaar.

De reactie van Waalse kant was nogal voorspelbaar en minister-president Roger Collignon antwoordde daarop bitsig: "Als Tobback dat zegt, dan mag ik Waterloo als een nederlaag beschouwen." (RTBF, 9 mei). De heer Collignon bedoelde daarmee dat Wallonië beter bij het Napoleontische Frankrijk was gebleven. Ook Guy Verhofstadt heeft zich al verschillende malen laten opvallen door een aantal uitlatingen in die richting. De pas verkozen VLD-voorzitter heeft er al diverse malen op gewezen dat België doodziek is. Maar ook in CVP-middens groeit de gedachte dat er steeds meer bevoegdheidspakketten naar Vlaanderen en Wallonië moeten worden overgedragen.

De Belgische structuren en instellingen worden steeds verder uitgehold. Het gedwongen samenleven van twee culturen in een al te dominant België die er inzake de aanpak van de sociale en economische uitdagingen totaal verschillende visies op na houden, leidt tot enorme spanningen. Vlaanderen en Wallonië zijn op elkaar uitgekeken en gaan stilaan hun eigen weg.

Het is in dit perspectief dat een debat tussen Peter De Roover en Yves Desmet (hoofdredacteur van De Morgen) werd georganiseerd door de Vlaamse Volksbeweging van Lokeren. De aanleiding tot het debat vormde het boek van Yves Desmet en Staf Nimmegeers "Gesprekken in Jeruzalem".

Desmet is zeker niet a priori tegen nationalisme. Met nationalisme bedoelt hij wel "samen met de mensen rondom jou - met wie je je het meest verbonden voelt doordat je bijvoorbeeld dezelfde taal spreekt - jezelf beter proberen te begrijpen, opdat je, des te beter en met wederzijds respect, met andere culturen in contact kan komen"

Desmet onderstreept duidelijk dat ieder volk tot ontwikkeling moet komen binnen een eigen voorziene ruimte. Dit kan misschien nogal wazig klinken, maar wat de rol van Vlaanderen binnen België betreft, is hij daarentegen heel duidelijk: "Ik wil hier duidelijk stellen dat ook voor mij België een artificiële constructie is die tussen nu en twintig jaar wordt opgedoekt. Dat is een onontkoombaar feit."

Desmet geeft daar drie redenen voor: Europa zal de natie-staat uithollen door enerzijds bevoegdheden naar zich toe te trekken en anderzijds meer verantwoordelijkheid aan de regio's te geven. In tweede instantie wijst de hoofdredacteur van de progressieve krant erop dat België barst van de contradicties. Om zijn stelling te staven geeft hij een vrij ongewoon voorbeeld: "Zo zie je dat wanneer je een homo- of heterorelatie aangaat, dan is het de Vlaamse overheid die je op de gevaren wijst. Krijg je AIDS, dan word je plots een dossier dat op federaal niveau wordt behandeld, want je moet bij de sociale zekerheid aankloppen. Ga je d'er bijna dood van, dan word je terug naar de Vlaamse overheid gecatapulteerd, want het is nu eenmaal een Vlaamse bevoegdheid. Kortom: sex is Vlaams, ziek worden van sex is Belgisch en ervan doodgaan opnieuw Vlaams... van absurditeit gesproken!" De derde reden vormt het al eerder vermelde consumptiefederalisme, wat de Belgische schuldenberg enorme afmetingen heeft doen aannemen.

Yves De Smet verscherpt zijn stelling door te stellen: "De Vlaamse autonomie komt er sowieso. De Belgische staat is zwaar gehypothekeerd, want het is een feit dat de Belgische overheid zich in het verleden een aantal keren bijzonder onloyaal heeft gedragen t.o.v. haar Vlaamse burgers. Een reactie daartegen kon niet uitblijven. Momenteel durf ik wel te stellen dat de zware onrechten uitgevlakt zijn, maar de dynamiek van het federalisme zal automatisch naar een autonoom Vlaanderen leiden."

Anderzijds wijst hij erop dat er momenteel belangrijkere dingen aan de hand zijn, zoals de enorme werkloosheid, de groeiende groep mensen die tot de vierde wereld gaan behoren, de hongercatastrofe in bepaalde delen van de wereld...

De onafhankelijkheidseis bevat uiteraard maatschappelijke repercussies. Het communautaire kan niet zo maar los van het sociaal-maatschappelijke gezien worden. Opkomen voor de rechten van de Vlamingen in Brussel of Vlaams-Brabant is onlosmakelijk verbonden met een sociaal-economische en maatschappelijke emancipatorische strijd.

Een onafhankelijk Vlaanderen moet uiteraard een sociaal Vlaanderen zijn. We moeten niet alleen streven naar bestuurlijke zelfstandigheid. Het moet ook steevast de bedoeling zijn dat Vlaanderen het beter zal doen dan België.

Een tweede moeilijkheid die volgens Desmet zelfstandigheid in de weg staat, is Brussel. Hij wijst er wel op dat Brussel de hoofdstad van Vlaanderen blijft en dat de strijd van de Nederlandstalige minderheid een belangrijke strijd is. Maar anderzijds zegt hij dat Brussel een communautair vraagstuk is dat geen oplossing kent. Ook de Vlaamse beweging heeft geen Brussel-strategie. Voor heel wat Vlamingen is onze hoofdstad een verloren stad, die 'bezet' wordt door Franstaligen en vreemdelingen.

Dit is een al te negatieve benadering en daarin heeft Desmet overschot van gelijk. Als Vlaanderen tot een volwaardige zelfstandigheid wil komen, dan zal de brede Vlaamse beweging eens ernstig werk moeten maken van een Brussel-strategie. Desmet geeft de pap in de mond: "Geef mij voor Brussel een geloofwaardige oplossing en ik teken voor die Vlaamse onafhankelijkheid".

Binnen de progressieve beweging doet er zich een kentering voor. Ook het onafhankelijkheidsdebat wordt er stilaan op een positieve manier onthaald. De uitspraken van de hoofdredacteur van De Morgen zijn daarom zeker niet zonder belang. Hij kan in eerste instantie het debat binnen deze kringen verder aanwakkeren.

De bijdrage van Yves Desmet is nog om een andere reden belangrijk: door de zelfstandigheidseis te koppelen aan een progressief sociaal-economisch en maatschappelijk project, kan aan de buitenwereld eindelijk eens de indruk gewekt worden dat die onafhankelijkheidseis niet enkel door een stelletje verroeste reactionairen wordt geclaimd.