Nummer 36


Opinie | april - mei 1998


Wie bedreigt de democratie? (Bernard Desmet)<< Nummer 36

Naar aanleiding van de betoging 'Hand in Hand' van 22 maart jl. schreef Bernard Desmet, directeur van het Masereelfonds, een standpunt in het ledenblad van dit cultuurfonds, 'Aktief'. Wij vonden het belangrijk genoeg om het ook in Meervoud ter informatie van onze lezers weer te geven. Het opiniestuk werd geschreven vóór de betoging (red.)

De kwestie stemrecht voor allochtonen staat weer even in de schijnwerpers, zij het niet altijd op de wijze die we wel zouden willen. Hopelijk is de betoging van zondag 22 maart een succes geweest - het blijft belangrijk dat zo veel mogelijk mensen tonen dat ze zich niet willen voegen naar een door het Blok gepromote, en helaas door een deel van de bevolking en het beleid overgenomen, logica van uitsluiting en repressie. Maar dat Dehaene in functie van een door het Verdrag van Maastricht opgelegde oekaze het stemrecht voor EU-burgers wil doordrukken met een gewone wet is minder goed nieuws.

Stemrecht enkel toekennen aan EU-burgers creëert immers een nieuwe discriminatie t.a.v. niet-Europeanen, die hier vaak al veel langer wonen, werken en geïntegreerd zijn. Maar belangrijker is nog dat omwille van een internationaal verdrag onze grondwet verkracht zou worden.

Internationale verdragen worden gesloten door een clubje ministers of beambten, en helaas te vaak 'en stoemelings' bekrachtigd door een gewone meerderheid van aan partijtucht onderworpen, of gewoonweg niet geïnteresseerde 'volksvertegenwoordigers'. Een grondwetsherziening doorvoeren vergt een langere procedure, met al wat dit inhoudt aan mogelijkheid tot debat en sociale actie en is, gezien de vereiste tweederde meerderheid, alleszins legitiemer. Als democraat zien wij geen enkele reden om ons te verheugen in het toekennen van geamputeerde democratische rechten door een verkrach-ting van de democratie.

Het wordt trouwens dringend tijd dat wij, progressieven, beginnen in te zien vanwaar de werkelijke bedreiging voor de democratie komt. Het Blok is een handige blikvanger die onze aandacht afleidt van de onrustwekkend gestegen macht van gesloten internationale ministerraden, geheim overleg van topambtenaren, voorschriften van allesbehalve democratisch gelegitimeerde internationale instanties en tot slot, en zeker niet het minst belangrijk, van een kleine groep kapitaalbezitters die via hun internationaal netwerk niet enkel ontsnapt aan elke volkscontrole, maar bovendien dat volk meer en meer durft te chanteren als het niet nog meer de broeksriem aanspant.

Ik hoor te weinig dat de EMU een ramp wordt voor de gewone bevolking en Europa evolueert van sociaal gecorrigeerde markteconomie naar junglekapitalisme. Slechts in een paar amper gelezen linkse blaadjes vond ik iets over het Multilateraal Akkoord i.v.m. Investeringen, dat het de regeringen quasi onmogelijk zal maken voorschriften op te leggen aan internationale investeerders. Het gebrek aan democratische legitimiteit van zogoed als elke internationale organisatie, incluis en zeker onze Europese instellingen, wordt slechts met krokodillentranen betreurd. Het is inderdaad gemakkelijker het verfoeilijke Blok met de vinger te wijzen, en er zich het hoofd over te breken hoe die partij een kloot af te trekken. Maar het Blok kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor de verpaupering van de steden, de toenemende werkloosheid, de amper in bedwang gehouden milieucatastrofe... het is enkel een symptoom van de wanhoop en ontreddering die het triomferend kapitalisme en de toenemende ongeloofwaardigheid van het politiek bedrijf bij het publiek, onze zogezegde achterban, veroorzaakt.