Nummer 37


Het goede leven | mei - juni 1998


Een typisch Elzasserproduct: de Gewürztraminer (Christian Dutoit)<< Nummer 37

Jarenland stonden de Elzasserwijnen synoniem voor 'makkelijke witte wijntjes', zeg maar 'domme blondjes'. Goed en dorstlessend zonder meer, maar niet gecompliceerd en zeker een vreemde bijt in het Franse wijnpatrimonium. De Elzas is dan ook in alle opzichten een buitenbeentje: de meeste Fransen zijn ervan overtuigd dat de Elzas Frans werd uit vrije keuze, of minstens als gevolg van een mirakel van volkerenpsychologie. Op een bepaald ogenblik zouden de Elzassers begrepen hebben dat ze zich het beste in de armen van de Moeder der Naties konden werpen. De Franse geschiedenisboekjes gaan nog verder: van de Elzas is er pas sprake wanneer de wrede Duitsers het gebied in 1870 komen 'annexeren'. Maar in deze rubriek willen we het bij de geneugten des levens houden. Wijn dus, met een bijzondere aandacht voor een geval apart: de gewürztraminer.

De appellatie Vin d'Alsace is toegekend aan 120 gemeenten en is goed voor een jaarlijkse productie van ongeveer 1 miljoen hectoliter, gespreid over 14.000 hectare. De rendementen variëren van 20 tot 25 hl per hectare voor de topproducenten tot meer dan 130 hl voor de mindere goden. De drie toppers zijn de riesling (23%), de gewürztraminer (18%) en de tokay pinot gris (7%).

Sinds 1975 werd de benaming grand cru vastgelegd, in 1992 werd hij vervolledigd. Het wijngebied strekt zich uit over een strook van 1 tot 5 km breed en zo'n 120 km lang, en slingert zich langs pittoreske dorpen en stadjes, zeker een bezoek waard. De streek is immers niet enkel mooi, je eet er ook bijzonder goed.

Een stukje geschiedenis

De Elzasserwijngaarden hebben een rijke voorgeschiedenis. Men beweert wel eens dat de wijnstokken niet uit Klein-Azië komen en niet door de Romeinen geïmporteerd werden, maar afstammelingen zijn van een inheemse soort. Weinig waarschijnlijk als je het ons vraagt. Toch waren de wijnen uit wat thans de Elzas heet al bekend in de Romeinse periode. Aanvankelijk werden ze in amfora's naar Rome gebracht, later (vanaf Marcus Aurelius, 160-181) in tonnen, een Keltisch-Gallische uitvinding. Gregorius van Tours bezong al hun kwaliteiten in 589. In het jaar 800 zouden er acht wijndorpen geweest zijn, in 900 honderdzestig en in 1400 vierhonderddertig. In die periode werd er zowel rode als witte wijn verbouwd - vandaag quasi uitsluitend witte - en de wijnen behoorden in Europa tot de best gereputeerde en de duurste. Daarna ging het een hele tijd bergaf. Pas na de Eerste Wereldoorlog herstelde de Elzas zich als wijngebied.

Gewürztraminer

Toch is de gewürztraminer (of de traminer) een wijn die al een hele tijd aanwezig is in het Elzasser-aanbod. Hij wordt reeds in 1551 vermeld als locale variëteit. De traminer-druiven zouden in feite afkomstig zijn uit Zuid-Tirol. Eigenaardig genoeg leveren ze daar minder goede resultaten dan in de Elzas: meestal zijn ze er olfactorisch en onpersoonlijk. De rijke kalkbodem van de Elzas brengt ze echter tot volle ontwikkeling. De gewürztraminer is een zeer herkenbare wijn met een erg aromatisch karakter. De opbrengst van de gaarden is zeer wisselvallig, wat zijn invloed kan hebben op de prijzen.

De smaak en de reuk gaan in de richting van rozen, lychees, muscus, en bijkomende aroma's als oranjebloesems, anjers, ijzerkruid en kruidnagel, soms met peperachtige aroma's. Bij warme zomers kan daar nog lila, zoethout, mimosa en leder bijkomen. Geen simpel wijntje dus, en zeker niet aan te bevelen bij delicate vissoorten als tarbot of tong. (Daarbij kan je eventueel een beroep doen op andere Elzasserwijnen).

Bij het eten

De jonge gewürztraminer kan het best koel (8 à 9 graden) geschonken en gedronken worden als aperitief. Het is een wijn waar je van houdt of helemaal niet, daarover hoef je zelfs niet te discussiëren. In de keuken en bij de maaltijd echter is zijn rol eerder beperkt. Toch enkele aanwijzingen: een gewürzt, zoals hij meestal afgekort genoemd wordt, doet het wèl goed bij zware, gerookte vissoorten (gerookte paling, eilbot...). Er zijn lichtere variëteiten die eventueel nog zouden kunnen passen bij kaaskroketten, kreeft in uitgesproken sauzen, zeer gekruide gerechten of de Aziatische keuken. Hij past dan weer wel, als alternatief voor de dure Sauternes, bij foie gras van eend of gans, maar dan bij voorkeur in zijn vendanges tardives-variante. Bij deze late oogsten (oktober) zijn de druiven overrijp, waardoor ze een andere, zoetere wijn opbrengen, die - gekoppeld aan het typische traminer-aroma - voor aardige verrassingen kan zorgen. Deze druiven bevinden zich tot 1,8 m boven de grond en kunnen enkel gedijen op bepaalde plaatsen waar een micro-klimaat heerst. Vergeten we niet dat de Elzas een van de meer noordelijke wijnstreken is, en dat de wijngaarden zich bevinden op hoogtes tussen de 150 en de 350 m boven de zeespiegel. Vorst kan dus de grote spelbreker zijn. En goedkoop zijn deze vendanges tardives dus nooit. Er is ook een heel strenge kwaliteitscontrole. Bij de oogst moet er een suikergehalte zijn dat minstens beantwoordt aan dat van de vins jaunes van de Jura, het hoogste vereiste suikergehalte voor Franse appellations d'origine. Hun suikergehalte is vastgesteld op minstens 243g/l, het alcoholgehalte op 14°3 om erkend te worden als gewone vendanges tardives en 279g/l en 16°4 om de naam "sélection de grains nobles" aan deze appellatie te mogen toevoegen.
Maar terug naar de dis.

De gewürztraminer is dan weer op zijn best bij sterk afsmakende kazen als de roquefort en vooral met de munster, een typische elzasserkaas, vormt hij het perfecte huwelijk. In ons vorige nummer had Dirk De Haes het over een uitstap naar Münster in Westfalen, maar die stad heeft uiteraard niets te maken met de munsterkaas uit de Elzas. De munster die bij ons in de handel is bestaat meestal uit kleine ronde kaasjes van 125 of 250 gram, met een oranje korst. Ter plekke echter zijn er nog artisanale kaasmakerijen en boerderijen waar de munster in zijn oor-spronkelijke vorm aan de man gebracht wordt: in grotere ronde plakken van 500 à 800 gram. Deze ambachtelijke munster is veel beter dan de industiële productie, dat spreekt voor zich. Mensen die de streek bezoeken kunnen dus best een voorraadje inslaan, maar opgelet: hij smaakt niet enkel fors door, hij heeft ook een heel indringende reuk. Bij warm weer dus niet onder de kap van de bagagekoffer van het rijtuig bewaren, maar liever in een of andere goed afgesloten frigobox-variant.

Je kan de munsterkaas op kamertemperatuur serveren, maar ook lauw, waardoor hij nog meer smaak aflevert.

Gewürztraminer is ook bijzonder lekker bij andere, zoete desserts, zoals een vijgensoufflé of verwerkt in een sabayon met gepocheerde perziken (een beroemd recept van de gebroeders Haeberlin, die sinds de oorlog de Auberge de 'Ill uitbaten in Illhausem, goed voor 3 Michelin-sterren).

En om zo'n maaltijd helemaal met stijl af te sluiten bevelen we een Marc de Gewürztraminer aan: een witte digestieve eau-de-vie (40 tot 55°) als afzakkertje. Proost.

Bijna alle grote warenhuizen hebben Gewürztraminer in hun assortiment, gaande van goedkopere (aperitief-)versies tot de meer gecompliceerde. Je kan zelfs terecht bij Colruyt of Aldi voor een aanvaardbaar product. De betere en de neusjes van de zalm worden o.m. geïmporteerd door de Wijnmakelaarsunie (Tel. 011/21.20.10), Seagram's (03/820.37.11), Caves de France in Dendermonde (052/42.73.73) of Drankenboetiek St. Vincent te Aalbeke-Kortrijk (tel. 056/40.29.09). Dit zijn dan wel wijnen uit een hogere prijsklasse.