Nummer 40


Dialoog | oktober 1998


Een Marshall-plan voor Wallonië: een Waals standpunt (François André)<< Nummer 40

François André, lid van 'Toudi', een radicaal Waals, republikeins en progressief blad, reageert in Meervoud op de artikelenreeks die Antoon Roosens eind vorig jaar in dit blad schreef over Wallonië.

Ik heb de artikels Een Marshall-plan voor Wallonië met gemengde gevoelens gelezen. Verwacht van mij echter geen economische tegen-expertise. Daarvoor ben ik niet opgeleid en ik heb steeds een zekere scepsis gekoesterd voor cijfers, maar misschien is dit dan weer een typisch Waalse ingesteldheid? De betreffende artikels hebben trouwens veel meer een politieke inhoud dan een economische. De cijfers worden enkel ter hulp geroepen om de Vlaamse lezer te overtuigen van de absolute noodzaak om Wallonië ter hulp te snellen, maar hierop kom ik later nog terug...

Laat ik beginnen met enkele opmerkingen.

In de eerste plaats vond ik het bevreemdend om foto's van mijn geboortedorp te zien (Frameries in de Borinage), die het Waals economisch verval moesten illustreren. Om de titel van het artikel te parafraseren: de Borinage is voor mij nooit het equivalent geweest van een 'Duitsland jaar nul', waarvan men de sfeer kan opsnuiven is films als Die Ehe der Maria Braun van Fassbinder.

Ik heb trouwens nooit de indruk gehad dat ik mijn jeugd in een rampgebied heb doorgebracht. Pas toen ik in Brussel ging studeren, ontdekte ik wat men, volgens mij, een rampgebied kan noemen. Waarschijnlijk valt de armoede van anderen ons meer op dan onze eigen situatie.

Op het eerste zicht klinkt zo'n 'Marshall-plan' misschien wel goed, maar eigenlijk is deze term zeer zwaar beladen. Mijn beste progressieve Vlaamse vrienden, ik moet u er toch niet aan herinneren dat de beslissing van de Verenigde Staten om Europa economisch weer vlot te trekken, helemaal niet geïnspireerd was door humanitaire beweegredenen? Het ging hier simpelweg om de angst voor 'de rooien'. De communisten waren de grootste partij in Frankrijk, Italië, Tsjechoslowakije, ze zaten in de Belgische en Nederlandse regeringen, de Britse Labourregering ging zeer ver in zijn antikapitalistische economische hervormingen... Het was dus hoog tijd dat er een reactie kwam vanwege de Truman-regering. Zelfs Amerikaanse historici zijn het erover eens dat juist dit Marshall-plan, en niet Stalin, aan de basis lag van de koude oorlog, van de splitsing van Europa in twee delen en van zijn 'Finlandisering', zowel t.o.v. de Stars and Stripes als onder de Hamer en de Sikkel. Een beetje historisch perspectief maakt deze term dus wel eerg onbruikbaar.

Misschien is het op economisch vlak wel logisch om Brussel 'statistisch' bij Vlaanderen te integreren, maar eigenlijk zou men hetzelfde moeten doen voor Wallonië, dat al evenzeer (en misschien zelfs meer) verbonden is met onze hoofdstad. Deze verbondenheid en afhankelijkheid is trouwens één van de oorzaken van het Waals verval: de arbeiders leefden in Wallonië, hun bazen, de zetels van de firma's en dus het geld zaten in Brussel.

Trouwens, wat dat Waals verval betreft: als ik mij baseer op de artikels van Yves de Wasseige (oud-senator RPW en PS), verschenen in Toudi, is die neergang gestopt in 1986. De zware industrie vertegenwoordigt in 1996 nog slechts een derde van 1974, d.w.z. een globaal verlies van 200.000 jobs. Maar de Waalse werkgelegenheid heeft ondertussen bijna het niveau van 1974 bereikt, ondanks de massale intrede van vrouwen op de arbeidsmarkt. Sinds 1986 bleef de werkgelegenheid in Wallonië stijgen, behalve in Luik. In het nummer 12 van Toudi toont de Wasseige de cijfers van de FOREM (de Waalse VDAB): tussen '74 en '86 daalde de werkgelegenheid met 11,5%, maar tussen '86 en '96 steeg die met 9,5%.

Op economisch vlak is zo'n Marshall-plan nu dus minder nodig dan tien jaar geleden. Natuurlijk blijven er nog een aantal regio's (La Louvière, Charleroi, Luik) die de herstructureringen in de metaalsector nog altijd moeten verwerken, maar de Waalse economie leeft weer op. Er zijn twee belangrijke assen in die economie: de as Haine-Samber-Maas en de as Waals-Brabant-Namen-Luxemburg.

De Waalse economische 'achterstand' wordt mede verklaard door het relatief grote gewicht van de openbare sector in Wallonië. Dit is een vreemd argument voor een progressief blad: moet iemand van 'links' niet eerder een grote economische inbreng vanwege de staat verdedigen? Frankrijk en Italië hebben nog steeds een sterk uitgebouwde openbare sector; toch zijn dit belangrijkere industriële machten dan Groot-Brittannië, waar de publieke sector sterk is afgekalfd door 18 jaar conservatief bewind. Zonder sterke Staat zou Frankrijk nooit zijn HST-netwerk hebben, waarop de rest van de wereld jaloers is. Verder: is die 9% verschil tussen Vlaanderen en Wallonië nu echt zo belangwekkend? Het is nu wel erg modieus om tegen staatstussenkomst te fulmineren. Bij Toudi hebben we die modeverschijnselen altijd afgewezen, maar misschien is deze stroming in Vlaanderen zo sterk dat zelfs progressieven hier niet tegenop kunnen roeien?

Dan blijven we met de grote geldstromen Vlaanderen-Wallonië op het vlak van de sociale zekerheid. Hier heb ik de indruk dat er met het historisch en wetenschappelijk sérieux een loopje genomen wordt. 46% van de Waalse actieve bevolking is 'inactief', tegenover 41% Vlamingen. Zeggen dat dit het gevolg is van het Waalse sociale-zekerheidsbeleid, is een volledig onverifieerbare en dus onwetenschappelijke conclusie. Hetzelfde geldt voor de bewering dat 10% van de Waalse actieve bevolking in de non-profitsector hun job te danken hebben aan Vlaams geld. Nergens in de artikels probeert de schrijver het precieze bedrag te berekenen van deze 'onverantwoorde' geldstromen, om de simpele reden dat dit gewoon onmogelijk is: elke studie hierover kwam tot nu toe met andere resultaten aandraven.

Volgens mij is het enige doel van deze argumenten de Vlamingen ervan te overtuigen dat Vlaanderen er beter van wordt om Wallonië te helpen. Hier wordt een ruilhandel voorgesteld: economische steun aan het zuiden in ruil voor politieke steun aan het noorden, t.t.z. het aanvaarden door de Waalse politici (de underdog die aan de touwtjes trekt) van verdere stappen naar een confederalisme, naar onafhankelijkheid.

Dit wordt echter niet duidelijk genoeg gesteld, als er in de artikels gesproken wordt over een steun van de ene regering aan de andere, door middel van een internationaal verdrag. Velen hebben niet eens begrepen dat men het hier had over een verdrag tussen twee onafhankelijke en soevereine Staten, zodat dit plan zowel in Vlaanderen als in Brussel bij federalisten en andere neo-unitaristen veel succes had.

Ik heb de indruk dat men in deze artikels de rol van Waalse politici in het huidig institutioneel immobilisme overschat. De belangrijkste oorzaak van deze patstelling wordt nochtans elders wel vermeld, als men het heeft over het gebrek aan een duidelijke visie op de Staat in Vlaanderen. Ik heb het liever over een gebrek aan staatszin. Hier wordt geen naam geciteerd, hoewel het toch simpel is: alles hangt af van de CVP, eeuwige eerste partij van Vlaanderen. Waarom? Om de eenvoudige reden dat België de laatste partijstaat van Europa is en dat de CVP dit politiek systeem heeft uitgewerkt en nog steeds in stand houdt, samen met zijn kleine Franstalige broertje. De Belgische Staat werd gevormd door de katholieke partij, die sinds 1884 slechts zes jaar in de oppositie heeft gezeten. De CVP is dus de belangrijkste verantwoordelijke voor een systeem dat gekenmerkt wordt door verstarring, conformisme, individualisme, met een zwakke staat die misbruikt wordt voor privé-belangen en clientelisme. Dit systeem blijft bestaan dank zij een gebalkaniseerd politiek landschap, waarin het zoeken naar een compromis een doel op zich wordt. Waarom zou de CVP voor een onafhankelijk Vlaanderen zijn, waarin een paarse coalitie zoals in Nederland zeer wel mogelijk is? Dit verklaart misschien de dubbele houding van de CVP tegenover het decreet-Suykerbuyk: ze steunt het in het Vlaams parlement en wil het tegelijk nietig verklaren, samen met de rest van de federale regering.

Ik zou er ook op willen wijzen dat een groot deel van de Vlaamse (en vroeger Franstalige) bourgeoisie zich enkel een Vlaams vernisje heeft aangemeten, zoals de voorzitter van het VEV Karel Vinck (vroeger Charles). Dit zou ook de uitvluchten van die bourgeoisie kunnen verklaren.

In Wallonië zitten we niet met dit probleem: een bourgeoisie bestaat hier niet, ofwel leeft ze in Brussel. Geen gevaar dus dat ze zich zou identificeren met het land van d'Orazio of van Renard.

In een artikel over de Belgische partijstaat in Toudi (nr. 10) schreef ik dat de Belgische staat een dergelijke bipolarisering niet zou overleven. Het lijkt er echter op dat dit proces nu aan de gang is in Wallonië. De PSC is blijkbaar aan haar ultieme afgang bezig, die nog versneld zou worden als de volgende Waalse regering een coalitie wordt van PRL en PS. Deze kleine partij beschikt over amper 20% van het Waals electoraat en heeft sinds 30 jaar geen enkele ideologie meer (net als de CVP trouwens), tenzij die van de macht. Ze overleeft door deelname aan regeringen en door haar dienstbetoon aan een aantal drukkingsgroepen die haar steunen (het vrij onderwijs, de CSC, de christelijke ziekenfondsen en de MOC), maar die in Wallonië in de minderheid zijn. Als deze partij niet meer aan de macht is, verdwijnt ze gewoon. Getuige daarvan het Brussels Gewest sinds 1995. Het verbaast ons dus niet dat Dehaene er bij Maystadt sterk op heeft aangedrongen de leiding van wat er nog van de PSC overblijft, op zich te nemen. De Italiaanse partijstaat heeft de implosie van de DC niet overleefd. De Belgische partijstaat en dus de Belgische staat zou hetzelfde lot beschoren kunnen zijn als er in Wallonië een centrum-links blok rond de PS ontstaat en een liberaal-conservatieve pool rond de PRL, waarbij de PSC voorgoed uit de competitie wordt geslingerd. Laat ons niet vergeten dat er op het Waalse politieke veld slechts vier partijen meespelen tegenover zeven in het Vlaamse parlement. In Vlaanderen is zo'n polarisatie dus onmogelijk, omdat het centrum altijd de sterkste partij zal zijn.

Laat ik de Vlaamse lezers geruststellen: de Waalse politici hebben al even weinig kaas gegeten van staatszin of burgerzin; het verdwijnen van de partijstaat zal zeker niet volstaan om ook een nieuwe politieke cultuur in te voeren - soms veranderen de structuren sneller dan de mensen. Ook in de Waalse politiek dragen wij de zware erfenis van de Belgische partijstaat, denk maar aan de politisering van de hoge functies in de openbare sector.

Ik zou graag willen besluiten met een dankwoord aan de schrijver van de artikels, als hij het heeft over de moedige strijd van het Waals proletariaat voor een beter leven, een strijd waarvoor we nu nog steeds de prijs betalen, maar zei een romantisch auteur niet ooit: "il n'y a de vraie victoire que dans la défaite"...

Wij, en daarmee bedoel ik een groot deel van de redactie van Toudi, wij denken er niet aan om de uitgestoken hand af te wijzen, wat ook onze 'staats'-toekomst moge brengen. Ik ben er zeker van dat we samen nog strijd zullen leveren en die samenwerking heeft er alleen maar baat bij als dat kan gebeuren tussen twee naties, tussen volwassen burgers; een andere toekomst is mogelijk...