Nummer 43


Baskenland/Euskadi | januari 1999


Bezoek aan politieke gevangenen op de verjaardag van de Spaanse grondwet (Paul Bekaert)<< Nummer 43

Bilbo-Irunea. - Vandaag, 5 december 1998, viert Spanje het twintigjarig bestaan van de 'constitución', de Spaanse grondwet. Op dezelfde dag is er een minder prettige verjaardag. Eén jaar geleden veroordeelde het opperste gerechtshof 23 leden van het bestuur van Herri Batasuna, de 'Mesa', tot zeven jaar effectieve gevangenisstraf. Hun misdaad was het toesturen aan omroepen van enkele verkiezingsspots die het vredesvoorstel van de ETA toelichtten. De veroordeling stond buiten elke verhouding: hier was duidelijk een politiek proces gevoerd. Spanje viert zijn grondwet, maar past hem niet toe.

Als waarnemer volgde ik met een twintigtal andere deskundigen, uit heel de wereld, dit merkwaardige proces. Eén jaar later bezoek ik enkele gevangenen, spreek ik met organisaties van familieleden, politici, organisaties van slachtoffers van politiek geweld en journalisten. Gemandateerd door de 'Liga voor Mensenrechten' en de 'Fédération des Ligues de droits de l'homme' voer ik met twee advocaten van 'Avocats sans frontières' in Euskadi deze observatiezending uit van 4 tot 6 december 1998.

Zaterdag 5 december 1998 om 18 u: Irunea/Pamplona

De gevangenen van de Mesa zijn opgesloten in gevangenissen in de Baskische provincie van hun woonplaats. Dit is helemaal niet evident. Politieke gevangenen zijn verspreid over heel Spanje tot in Marokko, de Canarische eilanden en de Balearen. Hun familie is dagenlang onderweg om hen even te bezoeken. Dit is in strijd met de Spaanse wet en verschillende internationale verdragen.

In Iruñea (Pamplona) onmoeten wij Cathy, de vrouw van Adolfo Araiz. Samen stappen wij door de stad naar de gevangenis. Zij vertelt ons van het leed dat deze onrechtvaardige straf veroorzaakt. De twee kinderen kunnen maar niet begrijpen dat hun vader achter de tralies gaat omwille van een videoclip. Zijn advocatenpraktijk moet hij achterlaten. Zij staat volledig achter haar man. Zelf is zij lerares Baskisch, afkomstig uit Noord-Euskadi.

Het is een uiterst kleine gevangenis in het centrum van de stad. Er zijn slechts 30 gevangenen. Het vaal-beige is de onnavolgbare kleur van alle gevangenissen.

Adolfo Araiz is een 37-jarige Navarrese advocaat en parlementslid. Hij pleitte vaak in politieke processen. In een piepklein bezoekerskamertje, schaars verlicht, achter glas en tralies, verschijnt Adolfo. Zijn verschijning verraadt een zeer sterke moraal en een goede fysieke conditie. Zo is het vaak: politieke gevangenen voelen zich niet schuldig. Hun overtuiging, waarvoor zij opgesloten zijn, geeft hen macht en kracht, die men bij gevangenen van gemeen recht niet aantreft. Even komt ook Floren Aoiz, de woordvoerder van Herri Batasuna, ons groeten.

Spreken kan alleen via een van de gaatjes van een metalen plaatje op de vensterbank. Wij tonen hem onze documentatie en briefwisseling die wij tegen het glas houden. Hij neemt ijverig nota. Hij vertelt ons dat er negen politieke gevangenen zijn. Vier van hen zijn van de 'Mesa', de anderen zitten langdurige celstraffen uit.

Het beroep van de 'Mesa' bij het Consitutioneel Hof is nog niet behandeld. Het Hof verwierp het verzoek tot voorlopige invrijheidstelling. Adolfo gelooft niet dat het Constitutioneel Hof de veroordeling teniet zal doen. Het Hof is sterk gepolitiseerd. Enige oplossing zal een procedure zijn bij het Europees Hof in Straatsburg.

De gevangenen zijn opgedeeld in drie graden. De eerste graad betekent een streng regime, de tweede graad minder streng. Onder de derde graad vallen betekent penitentiair verlof. Voorwaardelijke invrijheidstelling voor politieke gevangenen na het uitvoeren van een deel van de straf zit er niet in.

Adolfo doctoreert in de gevangenis. Hij maakt een doctoraat over het recht van de verdediging in strafzaken. Van de gevangenisautoriteiten mocht zijn PC de gevangenis niet binnen. Ook zijn promotor mocht hem niet bezoeken. Bij de rechter van de Juzgado de Vigilancia Penitenciaria, de rechtbank van strafuitvoering, kreeg hij echter gelijk. Promotor en computer kunnen nu de gevangenis binnen. Briefwisseling in het Baskisch aan hem gericht maakt een omweg via Madrid voor vertaling.

Het bezoek is afgelopen. In de gevangenis lopen gewapende Guardia Civil's rond: onmogelijk in België. Wij staat terug op straat. Recht tegenover de gevangenispoort staat een spreekgestoelte met een ikuriña, een Baskische vlag. Terwijl wij binnen waren stapten een duizendtal betogers hier voorbij om te protesteren tegen het proces en de opsluiting.

Cathy vertelt ons dat de toestand van de Mesa-leden in de Carabanchel-gevangenis bij Madrid tijdens de voorhechtenis veel slechter was.

Hier worden ze goed behandeld. Op privileges moeten zij echter niet rekenen. Toen zij twee zangers naar haar man stuurde die in de bezoekerscel een recital gaven, vlogen zij prompt buiten. Hun verblijf in Baskische gevangenissen is zeker geen verworven recht en blijft onzeker.

Het is al laat in de avond wanneer wij Kepa Landa en Jone Goirizalaia ontmoeten in een café-restaurant in één van die smalle, autovrije kronkelende straatjes in het kloppend hart van het oude Bilbao. Zij zijn twee van de zes advocaten van de Mesa-leden. Ik heb hen met vuur en overtuiging aan het woord gehoord in El Supremo, het Opperste Gerechshof, tijdens hun pleidooien. Het heeft niet mogen baten. Het arrest is onrechtvaardig. Sommige beklaagden waren niet eens aanwezig op de vergadering waar de Mesa besliste de clips uit te zenden. De advocaten hebben weinig vertrouwen in het Constitutioneel Hof. Een verzoek tot voorlopige invrijheidstelling is al afgewezen.

Wij onderzoeken samen de mogelijkheid om de gevangenen symbolisch te laten bijstaan door advocaten van de verschillende landen van de Europese Unie.

Zondag 6 december 1998 om 10u30: Bilbo

Bilbo of Bilbao (in het Spaans) is geen mooie stad. Het lijkt wel een beetje Luik. Toch heeft deze plek iets. Het Guggenheim-museum is een soort glinsterende pralinedoos neergegooid naast een donkere rivier omgeven door vermoeid uitziende gebouwen en fabrieken.

Er staat een zon met grauwe stralen. Op één van die stralen ligt Basauri. Het is een nieuw ogende fletse voorstad van Bilbo. Hier wonen veel espanjolisten, migranten uit Spanje. En hier staat een redelijk nieuw uitziende gevangenis.

Vooraf hebben wij een gesprek met de echtgenotes van de gevangenen van de Mesa. Carlos Rodrigues, Gorka Martinez en Karmelo Landa zijn opgesloten in de gevangenis van Basauri. De dames wuiven ons uit aan de gevangenispoort wanneer wij de Centro Penitenciario binnen wandelen.

Het is een bevreemdend weerzien met Karmelo Landa. Ik heb hem goed gekend toen hij Europees parlementslid was in Brussel. Geen moeite was hem toen te veel om Basken in Brussel uit de handen van Spanje te houden. Vaak bezocht hij hen in de gevangenis van Sint-Gillis. Op elke zitting van de rechtbank zat hij op de eerste rij ten teken van solidariteit om daarna met veel overtuiging het Baskisch standpunt te vertolken tegenover de pers. Hij is een 46-jarige licentiaat Moderne Geschiedenis, professor aan de Universidad del País Vasco, parlementair, een flamboyante levensgenieter, een man van de wereld en vlotte spreker met veel zin voor humor. Ooit belde hij mij op met zijn gekende inleidingslezing: "Maître, comment allez-vous?" Ik antwoordde zoals steeds met de zin "Ah, Karmelo! Et comment allez-vous?" Hij antwoordde flegmatiek: "Très, très bien. Je suis dans la cellule de la gendarmerie de Louvain". Hij was opgepakt bij een straatprotest tegen de Spaanse koning die zijn eredoctoraat in ontvangst kwam nemen in de Universi-teitshallen. De Rijkswacht had zijn GSM over het hoofd gezien, die hij vlot gebruikte om de pers te briefen.

Toen ik vorig jaar het proces in Madrid bijwoonde bedacht het extreem-rechtse dagblad ABC mij met een curriculum vitae gekregen van wat zij noemden "zekere bronnen", naar ik aanneem hun broodheren van de Spaanse veiligheidsdiensten en hun Belgische collega's. Daar schreven ze, naast allerlei weinig fraaie zaken, ook het volgende: "Hij knoopte betrekkingen aan met Herri Batasuna-bendeleider ('cabecilla') Karmelo Landa, wanneer die aan het hoofd van het HB-kantoor in Brussel stond."

Daar staat nu de sympathieke cabecilla. Nu zit hij zelf in de cel en zijn de Basken intussen vrij in Brussel. Met dezelfde glimlach vraagt hij mij nu: "Eh, maître, comment allez-vous?" En ik: "Eh Karmelo, comment allez-vous?" Hij staat in een bezoekershokje van dezelfde afmetingen en hetzelfde glas en tralies als dit in Iruñea, met dezelfde zeef om door te praten of liever te roepen. Zijn maatpak en das zijn vervangen door een dikke kampeerjas.

Het gaat hem goed. Hij kreeg het bezoek van Gerry Adams. Hij bekwam een gesprek in een zaal. Trots vertelt hij dat dit ook zo hoorde. Na een bezoek aan Karmelo Landa ging Gerry Adams op theevisite bij de Amerikaanse president Bill Clinton.

Even komen twee gevangenen ons groeten. Joseba Martin van de Mesa en Chozera Labrana. Deze laatste verblijft reeds vijftien jaar in Spaanse gevangenissen. In de gevangenis van Basauri zijn er een honderdtal gevangenen, waarvan negentien politieke gevangenen. Hiervan zijn er zes van de Mesa.

Karmelo spreekt weinig of niet over zijn eigen situatie. De vrijlating van de Mesa-gevangenen is geen punt dat in de weegschaal ligt van de vredesonderhandelingen. Dat wil hij wel na ons aandringen kwijt: reeds 64 aanvragen tot bezoek zijn afgewezen. Zowel de rechtbank als de administratie wijst verzoeken tot bezoek af van personen die behoren tot de radicale nationalistische beweging. Hun bezoek zou "een negatieve invloed hebben op de individuele behandeling van de politieke gevangenen..."

Een brief van de directeur van de inmiddels verboden krant Egin is gecensureerd, één maand achtergehouden. Overdag hoeft men niet in de cel te blijven. De politieke gevangenen studeren. Landa studeert rechten, maar dan wel in een onverwarmde cel.

Hij noemt de veroordeling door El Supremo van de bestuursleden van Herri Batasuna een inbreuk op de Spaanse grondwet en het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens. De rechten op vrijheid van meningsuiting, vrijheid van vergaderen en vrijheid van vereniging zijn zwaar geschonden.

Deze Spaanse grondwet beschouwt Spanje als één en onverbreekbaar. De Basken hebben hem massaal in een referendum afgewezen. Het Openbaar Ministerie is van oordeel dat de strijd voor soevereiniteit een inbreuk is op deze grondwet. Een rechtbank in Madrid en niet een rechtbank in Baskenland heeft hen veroordeeld omdat slechts een hoger gerechtshof bevoegd is om parlementairen te beoordelen.

Tussendoor melt Landa ons dat wij zeker en vast in dit bezoekershokje afgeluisterd worden. Dit belet hem niet om ons een Baskische krant te tonen waarin een interview mèt foto staat van hemzelf, klandestien afgenomen in deze gevangenis. Hij geeft de cipier opdracht ons deze krant te overhandigen.

Landa klaagt over de slechte behandeling van de andere politieke gevangenen. Zij worden verspreid over heel het Spaanse grondgebied, incluis de overzeese gebieden. Voorwaardelijke invrijheidstelling geldt niet voor hen. De autoriteiten straffen de families.

Met een bemoedigend gebaar nemen we afscheid. Met een zelfzekere lach duimt Karmelo Landa voor de overwinning. De ruggengraat van de Baskische politieke oppositie is duidelijk niet gebroken.

Politieke afrekening

Op 5 december 1998 verspreiden de internationale waarnemers van het proces van de Mesa voor het Opperste Gerechtshof een communiqué. Zij zijn van oordeel dat de veroorde-ling een politieke uitspraak is. Zij steunt niet op bewezen feiten. De veroordeling is uitgesproken in strijd met alle rechtsbeginselen van een rechtsstaat. Zij maakt een flagrante onrechtvaardigheid uit en is een ernstige bedreiging voor de democratie, de vrijheid van meningsuiting en de fundamentele vrijheden.

De waarnemers stellen vast dat de meerderheid van politieke, syndicale en sociale Baskische organisaties en internationale juridische en politieke organisaties deze veroordeling hebben aangeklaagd. Een jaar geleden veroordeelde het hof het Nationaal Bureau van Herri Batasuna, omdat een 'democratisch alternatief' werd verspreid. Dit is een vredesvoorstel dat uitging van ETA. Het communiqué stelt vast dat de wil tot onderhande-lingen en dialoog gedeeld wordt door de meerderheid van de Baskische samenleving. Het akkoord van Lizarra bewijst dit. Een nieuwe politieke situatie is ontstaan. De ETA heeft voor onbepaalde duur een bestand afgekondigd. De Spaanse regering heeft openlijk verklaard contacten te leggen met ETA.

De verdediging van dialoog en onderhandelingen heeft het Nationaal Bu-reau van Herri Batasuna in de cel gebracht. Uitgerekend deze weg is vandaag geopend naar een oplossing voor het 'Baskisch probleem'. Dit maakt de opsluiting in de gevangenis van de leden van het Bureau nog onrechtvaardiger. Eens te meer vragen de waarnemers de onmiddellijke vrijlating.

Zij weten dat het Constitutioneel Hof uitspraak moet doen over het beroep tegen de uitspraak van het Opperste Gerechtshof. Naast het geheel van juridische argumenten, kan men geen enkele reden van 'politieke opportuniteit' hebben om de leden van Herri Batasuna in de gevangenis te houden. Het Constitutioneel Hof zou bijgevolg rekening moeten houden met de juridische argumenten en in de huidige politieke context de onrechtvaardig-heid recht moeten zetten die de uitspraak van het Opperste Gerechtshof heeft veroorzaakt.

De waarnemers zullen elk op hun niveau voort gaan om de rechten van de mens te verdedigen en de vrijlating te vragen van de leden van het Nationaal Bureau. Zij zijn er zeker van dat dit tot vrede zal leiden en tot een oplossing van het 'Baskisch probleem'.

Licht aan het einde van de tunnel?

Op 18 december jl. beslist de Spaanse regering 21 Baskische politieke gevangenen die opgesloten zijn in gevangenissen op de Canarische eilanden, de Balearen en in Ceuta en Melilla (een Spaanse enclave in Marokko) over te brengen naar Spaanse gevangenissen. Het is een schuchtere poging tot toenadering. Is dit het eerste licht aan het einde van de tunnel? Wordt de Spaanse grondwet dan toch volwassen?