Nummer 45


Actueel | maart 1999


Vaandelvlucht (Jef Turf)<< Nummer 45

Het heeft nooit goed geboterd tussen de nationalistische en de sociale beweging in Vlaanderen. De eerste werd overwegend gedragen door kleinburgerlijke elementen die via de verdediging van eigen taal en cultuur een plaats wilden verwerven binnen het Belgisch bestel, en wantrouwig stonden tegenover elk sociaal-emancipatorisch idee. De sociale beweging, vooral deze gedragen door klassiek links, leefde steeds in de vrees door staatshervormingen de steun van de grote Waalse broer te verliezen, om overgeleverd te worden aan een Vlaamse conservatief-klerikale meerderheid.

Beide één-dimensionale bewegingen werden voortdurend tegen elkaar uitgespeeld, tot groot genoegen van de Belgische leidende klasse die er een middel in zag om zowel elke neiging naar Vlaamse autonomie te blokkeren, als om haar klasse-privileges te behouden. België is altijd een instrument geweest tegen de arbeidende klasse in beide landsgedeelten, en tegen het recht van de volken om zelf hun toekomst te bepalen.

Vanuit deze vaststelling zou men kunnen verwachten dat beide bewegingen hun gezamenlijk belang zouden inzien en vormen van samenwerking zouden zoeken. Dit is helaas nooit het geval geweest, in weerwil van een aantal pogingen, die marginaal gebleven zijn. Ze illustreren echter goed de nefaste gevolgen voor de arbeidersbeweging èn voor gans het volk, van de uiteenlopende wegen tussen sociaal en nationalistisch Vlaanderen.

Vlaams en sociaal

Wanneer in de jaren dertig de fascistische dreiging, gevoed door de economische crisis en het regeerbeleid, concrete vormen aannam, hebben de Vlaamse communisten gepoogd binnen de Vlaamse beweging de democratische stroming te versterken. Voortrekker daarbij was Jef Van Extergem, die ervan uitging dat Vlaamse en sociale bewegingen twee aspecten waren van eenzelfde probleem. Zij trachtten door een actieve aanwezigheidspolitiek binnen de Vlaamse beweging te verhinderen dat extreem rechts er zich meester van zou maken. Dit werd zelfs, naast de strijd tegen het antisociaal beleid van de regering De Broqueville, een hoofdthema van hun campagne. In 1933, wanneer de kaarten binnen de Vlaamse beweging nog niet verdeeld waren, werd nadrukkelijk opgeroepen om deel te nemen aan de IJzerbedevaart, "Tegen den imperialistischen oorlog! Voor Vlaanderens zelfbeschikkingsrecht gaande tot de losscheuring van den Belgischen Staat! Naar Dixmuide!!!" (De Roode Vaan, 19.8.33)

Om nauwer aan te sluiten bij de Vlaamse werkelijkheid, werd binnen de K.P.B. de Vlaamse Kommunistische Partij (V.K.P.) opgericht, terwijl "De Roode Vaan" als titel van het weekblad, plaats moest ruimen voor "Het Vlaamsche Volk".

Terwijl de communisten nadrukkelijk streven naar "eenheid van actie met de kristenen en de Vlaamse nationalisten voor de verdediging van de gewetensvrijheid, de demokratie en voor de vrijmaking van ons Volk!", begrijpt de rechterzijde het gevaar en organiseert ze een anti-communistische hetze tegen de partij, die ondertussen was uitgegroeid tot een politieke factor van enige betekenis, zoals de electorale resultaten bevestigen.

Heel de katholieke pers werd daarvoor gemobiliseerd, het machtige klerikale apparaat wordt gericht tegen de Vlaamse communisten, anticommunistische "offensief-brigades" werden opgericht, met klaarblijkelijke steun van de Kerk. De socialistische leiders laten zich evenmin onbetuigd: zij verzetten zich tegen de groeiende samenwerking tussen socialisten en communisten en vervoegen het anti-communistisch koor.

Extreem rechts wint

In 1939 stelt Jef Van Extergem in "Het Vlaamsche Volk" vast dat binnen de Vlaamse beweging extreem rechts aan de winnende hand is. Tijdens de IJzerbedevaart van 1938 had prof. Daels gepleit voor het "zelfbeschikkingsrecht" van de Sudeten-Duitsers. Wat dit inhield werd vlug duidelijk, na de overrompeling van Tsjechoslovakije door het Duitse leger: het vernietigen van elk zelfbeschikkingsrecht van de Tsjechen en de Slovaken.

Van Extergem verzet zich met kracht tegen de thesis van Daels, dat het Vlaamse volk door het Waalse volk wordt onderdrukt: Hij verwijst naar de congresresolutie van de K.P.: "In België verdrukt geen enkel der beide volken het andere, geen enkel der beide volken kan aanzien worden als een nationale minderheid. De Groot-bourgeoisie, uitsluitend geïnspireerd door haar kapitalistische belangen, benadeelt beurtelings zowel de Vlamingen als de Walen en schept aldus nationale ongelijkheden, het Vlaamsche en het Waalsche volk tegen elkaar opstellende." en voegt daar als commentaar aan toe: "ziedaar de werkelijkheid! En om aan de nog overblijvende nationale ongelijkheden VOOR GOED een einde te stellen zouden de Vlamingen NIET tegen de Walen mogen opgehitst worden, maar hebben zij er alle belang bij zich broederlijk te verstaan, om GEZAMENLIJK een einde te stellen aan wat hen beiden benadeelt".

De ommekeer

"Het Vlaamsche Volk" werd door de Belgische overheid verboden in januari 1940. Om dit verbod te omzeilen publiceerden de communisten van dan af opeenvolgens hun blad onder verschillende benamingen. Vanaf 1941, wanneer elke legale of half-legale activiteit van de communisten verboden werd, verscheen maandelijks de clandestiene "ROODE VAAN", die nadrukkelijk de oriëntatie van "Het Vlaamsche Volk" verder zette. Tot 1943, datum waarop iets merkwaardigs gebeurt: inhoudelijk verdwijnt de Vlaamse inspiratie, terwijl de 'beide Vlaamsche en Waalse volken' plaats moeten maken voor het "ééne Belgische volk". Wat was er gebeurd om die plotse ommekeer te verklaren? De top van de Vlaamse Kommunistische Partij, met o.m. Jef Van Extergem en Bert Van Hoorick, was gearresteerd en via Breendonk naar de Duitse concentratiekampen weggevoerd. Van Extergem, de man die flamingantische en communistische aspiraties tot één natuurlijk volks geheel wist samen te smeden, heeft de Duitse concentratiekampen niet overleefd.

Bert Van Hoorick wel. Wat hij schrijft over zijn weerzien na zijn terugkeer in 1945 is verhelderend: "Ik informeer naar de Vlaamse Kommunistische Partij. Die is eenvoudigweg afgeschaft. Het geheel van de partij in België moet nu met vaste hand uit één en hetzelfde centraal orgaan geleid worden" en verder: "De vroegere Vlaamse Kommunistische Partij was in de situatie van de nationale unie zinloos. Toch vind ik het een vergissing, maar ik ben niet in staat tegen die 'dialektische redenering' iets in te brengen" (Bert Van Hoorick "In Tegenstroom").

In de patriottische roes van de overwinning was er, voor de eerste keer sedert de stichting van de K.P., geen plaats meer voor de eigen Vlaamse stem, waardoor de partij in Vlaanderen één van haar wortels in volkse bodem verloor. Voortaan, en tot in de jaren '60, overheerste het Belgicistisch nationalisme. De collaboratie met de bezetter vanwege een ruim deel van de Vlaamse beweging was voor de Belgische bourgeoisie een welkome aanleiding om alles wat te nadrukkelijk geel-en-zwart was, in de verdomhoek van het fascisme en de collaboratie te zetten. Ook de linkse arbeidersbeweging liep in die valstrik.

Zo hielp de Duitse bezetter de anti-Vlaamse burgerij om een stuk Vlaamse oppositie tot zwijgen te brengen.

Het tij keert

Het heeft meer dan twintig jaar geduurd vooraleer binnen de K.P. de Vlamingen hun eigen stem terugvonden. Leuven Vlaams is daarbij een belangrijk moment geweest. Langzaam, veel te langzaam, werden de partijstructuren weer aangepast aan de communautaire realiteit, zodat in de jaren '70 de Vlaamse communisten zich weer met hun eigen identiteit komen opstellen.

Wetende met Marx dat de overheersende ideologie de ideologie van de overheersende klasse is, en met Gramsci dat de strijd tegen die burgerlijke hegemonie gevoerd dient te worden binnen alle "staatsapparaten", waarbij de ideologische dimensie belangrijk is, beslisten de Vlaamse communisten in 1971 een cultureel fonds op te richten, waarvoor Frans Masereel zijn naam ter beschikking stelde. Eerst partijgebonden, later autonoom, ontwikkelde het F.M.F. zijn vormingsactiviteiten nadrukkelijk met een linkse en Vlaamse inhoud. Het zou zich vlug ontpoppen als de linkse stem in de Vlaamse cultuur- en vormingswereld, en een plaats vinden binnen het Overlegcentrum van Vlaamse Verenigingen.

Op politiek vlak nam de K.P.-Vlaanderen een aantal programmatische initiatieven ter ondersteuning van de Vlaamse intelligentsia die werkzaam waren in de verschillende staatsapparaten: onderwijs, justitie, gezondheidszorg, energiebeleid,... Bovendien wenste ze openlijk haar Vlaams karakter te onderstrepen door een aantal symbolische acties. Eén van de meest karakteristieke initiatieven was een bloemenhulde aan de IJzertoren in 1985. (Diezelfde dag werd eveneens bloemenhulde gebracht in het fort van Breendonk en in Florennes om naast de Vlaamse dimensie, eveneens de dimensies vrijheid en vrede te onderlijnen).

Extreem rechts vergiste zich niet in de betekenis van dit initiatief. Voorpost en Co hadden gemobiliseerd om de kransneerlegging met geweld te beletten. In hun publicaties, van het Voorpost-strijdblad Revolte tot in 't Pallieterke werd weer een ware anti-communistische hetze georganiseerd, net zoals in de jaren '30. "Handen af van onze toren" was de leuze. Wie in Vlaanderen niet akkoord ging met hun gewelddadig gedrag, zoals de voorzitter van het IJzerbedevaartcomité en Maurits Coppieters, werd overladen met scheldproza.

't Is weer zover

In de cruciale jaren dertig heeft de Vlaamse linkerzijde, op enkele pogingen na, zoals hierboven beschreven, verstek laten gaan bij het behartigen van de democratische rechten van het Vlaamse volk. Zij heeft daardoor het Vlaams terrein overgelaten aan extreem rechts. De gevolgen zijn gekend: een getraumatiseerd en verdeeld Vlaanderen, een versterking van de regerende Belgische bourgeoisie.

Vandaag is het weer zover. Zij het dat de wereld er totaal anders uitziet dan in de jaren '30, zowel op nationaal als op internationaal vlak. In de hiërarchie van de macht zijn de rollen herverdeeld. De Belgische bourgeoisie heeft geabdiceerd voor het internationaal kapitaal. Zij krijgt als opdracht een beleid door te voeren dat elders wordt beslist, hetzij in de Europese Commissie, hetzij in de internationale instellingen zoals het IMF, de OESO, De Club van Zeven, de Wereldbank enz. "Een ander beleid dan het onze is niet mogelijk" zegt Jean-Luc Dehaene, bijgestaan door zijn regeringspartners, en door het grootste deel van de oppositie. De afwezigheid van keuzemogelijkheden is een kenmerk van een totalitair regime.

Deze toestand, waardoor het volk op geen enkele manier nog inspraak heeft in het beleid, wordt nog verergerd door de hybride structuur van onze staatsinstellingen. Waalse ministers en partijen kunnen daden stellen die ingrijpen in de Vlaamse situatie, zonder dat de Vlamingen ze ooit electoraal kunnen belonen of sanctioneren, en vice-versa.

Paniek

Dit alles maakt het Belgisch beleidsniveau niet alleen overbodig, maar zelfs schadelijk voor de volken die er wonen. Het vormt een scherm tegen de democratisch uitgedrukte wil van het volk en het zou dus best afgeschaft worden, wat impliceert dat de beide deelstaten autonoom worden, binnen het kader van een Vlaams-Waalse samenwerkingsstructuur met een bijzondere plaats voor Brussel als het kan, zoniet erbuiten. De vraag naar zelfbeschikking is bijgevolg een terechte vraag, van democratische inspiratie.

Maar weer stellen we vast dat de traditionele linkerzijde, die niets geleerd heeft uit het verleden, in paniek geraakt bij de gedachte aan autonomie. Waarom dan toch? Naar de oorzaken van dit zeldzaam fenomeen, waarbij een zich links noemende politieke en culturele politieke elite zich zo hardnekkig verzet tegen een democratische eis, kan men slechts raden.

Is het omdat die middens en partijen zodanig ingekapseld zitten in het Belgisch establishment, waarvan zij de trouwe dienaars zijn? Is het weer de vrees in Vlaanderen geminoriseerd te worden door een rechtse meerderheid? Het gebrek aan vertrouwen in de eigen mogelijkheden, zonder steun van de grote broer?

"Het gaat ons om de solidariteit" zegt SP-woordvoerder Robert Voorhamme in de Vlaamse Raad. Maar waarom zou een overeenkomst tussen de gemeenschappen ten koste gaan van de solidariteit? Bovendien: de uitverkoop van het nationaal patrimonium door privatisering heeft heel wat hefbomen voor solidariteit vernietigd. En wiens werk was dat? Als onderlinge solidariteit een probleem zou vormen, waarom zou de linkerzijde er dan geen belangrijk strijdpunt van maken bij de toekomstige onderhandelingen? Waarom zouden de socialisten dan geen strijdpunt maken van het voorstel van Antoon Roosens voor een Vlaams bijstandsplan voor Wallonië? Bovendien: binnen de Europese Gemeenschap werkt een systeem van solidariteit tussen de ontwikkelde en minder ontwikkelde regio's. Hebben de Vlamingen zich soms verzet tegen de voorkeursbehandeling van Henegouwen binnen dit kader?

Capituleren voor het Blok

De socialisten en hun medestanders wijzen op de aanwezigheid van het Vlaams Blok in de strijd voor zelfbeschikking. In een autonoom Vlaanderen zullen zij de eerste viool spelen, zo vrezen zij. Dit is een soort zelfvervullende voorspelling: men laat het terrein vrij voor de tegenstander, en dan stelt men vast dat die tegenstander het terrein beheerst. Waarom plegen zoveel "linksen" vaandelvlucht, zodat zij door hun afwezigheidspolitiek het Vlaams Blok een grote dienst bewijzen? Anti-fascistische kreten volstaan niet als politiek middel om de groeiende extreem-rechtse neigingen te keren.

Wanneer ik de tram neem, en ik merk dat De Winter of Van Hecke op die tram zitten, moet ik er dan afstappen en te voet verder gaan? Moet ik mij laten intimideren door deze heertjes? Moet de linkerzijde de Vlaamse beweging schuwen omdat rechts ze wil inpalmen?

Weg met de denkers !

Precies die aanwezigheid van enkele linkse Vlamingen is een doorn in het oog van een aantal linkse Belgicisten: Zij hebben de strijdbijl opgegraven tegen iedereen die poogt binnen de Vlaamse beweging een linkse stem te laten horen. Er heerst toenemende opwinding in hun midden omdat hun dierbare voedster en minnares, de Belgische Maagd, bedreigd wordt door de Vlaamse Leeuw. Je zou voor minder je kalasjnikov grijpen om de bron van je welvaart en je persoonlijk gemak te beschermen. Maar gezien kalasjnikovs gelukkig niet tot het patrimonium van de betere Vlaamse intellectueel behoren, nemen zij hun toevlucht tot meer vertrouwde middelen, zoals stemmingmakerij tegen al wie vindt dat de Belgische Maagd haar beste jaren achter zich heeft. Geviseerd worden, niet toevallig, mensen als Ludo Abicht en Toon Roosens. De eerste kan men ervan beschuldigen enige bekendheid en aanzien te hebben verworven in Vlaanderen, dank zij zijn vaak voortreffelijke socio-politieke analyses en zijn veelzijdige belangstelling. Zijn invloed overschrijdt de culturele omheining die hem door zijn belagers wordt toegewezen. Bovendien wordt hij nogal eens geciteerd in burgerlijke bladen zoals De Standaard, wat uitermate verdacht is. (Een typisch stalinistische reflex: de erkenning van je waarde door "de vijand" als bewijs van verkeerde opvattingen !)

Stel je voor: Ludo Abicht krijgt de Orde van de Vlaamse Leeuw, die toegekend wordt 'ter erkenning van een consequente en kordate houding in de sociale en culturele ontvoogding van de Vlaamse gemeenschap'. Erger kan toch niet voor een zogenaamde marxist? Net alsof men Johannes-Paulus de Orde van Lenin zou toekennen! Alhoewel...

Toon Roosens is zowat de enige bekende Vlaming die niet nalaat te zoeken naar de economische achtergronden van het politiek gebeuren in ons land, en tracht een uitweg te vinden uit de toenemende onderwerping van ons volk, méér: van beide volkeren in ons land, door het multinationaal kapitaal. Onvergeeflijk!

De zenuwachtigheid bij de Belgisch-nationalistische intellectuelen neemt toe, naarmate zij ondervinden dat hun modieus geklets tegen iedereen die zich Vlaming noemt, minder en minder effect sorteert in de openbare opinie. Integendeel: in Vlaanderen groeit het besef dat Vlaamse Zelfstandigheid wel eens het geschikte kader kan worden om alle kwalen, waaraan onze samenleving ziek, doodziek is, op een meer efficiënte wijze te bestrijden. Gaat de linkerzijde eens te meer deserteren en de weg vrijmaken voor het rechts avontuur?