Nummer 53


Interview | januari 2000


Guido Fonteyn: "Het rattachisme is de beste keuze voor Wallonië" (Julien Borremans)<< Nummer 53

In dit gespleten land hebben de grote krantenredacties van beider taalkunne zowaar hun respectieve 'Walloniëkenners' of 'Vlaanderen-watchers'. "Men koestert ze als een soort 'sinologen', schreef ooit Le Monde-correspondent Jean de la Guérivière. Of hij opgezet is met een dergelijke omschrijving weten we niet, maar al lang voor hij voor De Standaard zijn kantoor kreeg in 'Namur', zoals hij de Waalse hoofdstad het liefst noemt, had Guido Fonteyn reeds publicistische activiteiten omtrent onze Zuiderburen ontwikkeld. Na zijn 'Voeren, een (h)appart geval' ging Fonteyn zich interesseren voor het Waals regionalisme, en schreef hij 'De Walen', en later 'De nieuwe Walen', maar ook een boek over het onthaal van de Vlaamse migranten in Wallonië. In onderstaand interview schetst Fonteyn nieuwe ontwikkelingen in de Waalse beweging, betoont hij zijn sympathie voor het rattachisme en ontpopt hij zich als pleitbezorger van een doorgedreven Vlaams-Nederlandse samenwerking die moet uitmonden in een Groot-Nederlands verband.

José Happart

Guido Fonteyn: Als ik Franstalig België bekijk, dan zie ik drie strekkingen: de Waalse regionalisten met als voornaamste spreekbuis José Fontaine, het rattachisme met als voorman Jacques Hoyaux en het opkomend belgicisme met de zeer populaire Waalse politicus Elio Di Rupo. Vooral de laatste strekking wint aan impact.

- Als journalist van de Standaard en gedegen Wallonië-kenner heeft u doorheen de jaren talrijke contacten in Franstalig België weten uit te bouwen. Kan u even deze drie strekkingen duiden?

Guido Fonteyn: Vooreerst wil ik duidelijk stellen dat ik als journalist in de eerst plaats een observator ben. Ik tracht Wallonië van op een afstand te bekijken en aan te duiden wat belangrijk is. De klassieke Waalse beweging heeft geleid naar een generatie van politici die we gemakshalve regionalisten noemen. De belangrijkste daarvan zitten nu in de regering. Collignon is minister-president geweest. Jean-Claude van Cauwenberghe - de slimste en de meest integere Waalse politicus - zit samen met José Happart - eveneens een regionalist - in de Waalse regering. Collignon is intussen gedegradeerd en heeft het niet echt schitterend gedaan. José Happart is erin geslaagd om zich als voorman van de Waalse regionalisten op te werpen. Momenteel doet hij niets meer. Onlangs beweerde Happart in een interview dat waar hij nu zit meer dan voldoende is. Hij heeft bereikt wat hij moest bereiken. Hij houdt zich nu vooral bezig met de noodzaak om reigers te gaan afschieten om de vijvers te beschermen. Maar vooral zijn wekelijkse jachtpartij houdt hem in de ban.

- Als Waalse voorman heeft Happart stilaan afgedaan?

Guido Fonteyn: Mijn Waalse vrienden zijn over hem niet meer te spreken. Zijn ster is tanende. Zijn politieke ambities zijn bevredigd. Intussen heeft hij Voeren laten vallen. Ook het regionalisme interesseert hem niet meer. Hij keert terug naar datgene waar hij mee begonnen is, nl. de landbouw. Maar ik denk niet dat hij zijn steile politieke klim helemaal berekend heeft. Dat kan trouwens niet. De opmars die hij binnen het ingewikkelde communautaire klimaat gemaakt heeft, valt zeker niet alleen binnen zijn politieke ambities te situeren. Maar met wat hij bereikt heeft, doet hij niets. Ik ken van hem geen enkel regionalistisch discours. Misschien heeft hij het nooit gekund en is hij over het paard getild. Maar wat ik wel weet, is dat hij helemaal uit het communautaire debat verdwenen is.

- In Wallonië zien we dat het regionalistisch discours volledig aan het wegkwijnen is ten voordele van het rattachisme.

Guido Fonteyn: Dit is uiteraard een gevolg van wat we net verteld hebben. Het regionalisme verdwijnt omdat de voormannen ofwel gearriveerd zijn, ofwel totaal onmachtig zijn geworden. Anderzijds heeft men binnen het regionalisme ook ingezien dat de economie in Wallonië er zo slecht aan toe is dat een aparte Waalse natie helemaal niet leefbaar is.

De Waalse economie

- We zien ook dat iedere cohesie in de Waalse economie verdwenen is. Bestaat er nog zoiets als een 'Wallonië-project'?

Guido Fonteyn: Inderdaad. Iedere samenhang in de Waalse economie is verdwenen. De industriële onderbouw is volledig teloorgegaan. De delfstoffenas van Samber en Maas is niet meer. Dit heeft uiteraard te maken met de enorme concurrentie op wereldvlak en de veranderingen binnen de mondiale economie, die door een regio zoals Wallonië nooit kunnen worden opgevangen. De Waalse industrie werd volledig weggeconcurreerd. De as Bergen-Charleroi-Namen-Luik is volledig weggevallen. In de plaats daarvan zijn restanten van economisch leven overgebleven. Zo doet Verviers het niet slecht. Verviers is eerder gericht op de streek rond Aken en Keulen. Ook de streek van Waals Luxemburg, vanaf Bastenaken, doet het vrij goed, maar is gelieerd met de economische ontwikkelingen in Luxemburg. Waals-Brabant doet het uitstekend, maar dat heeft te maken met de economische evolutie van Brussel en omgeving. Ten slotte is er nog de streek rond Komen, die niet alleen gericht is op de groeipool rond Kortrijk maar ook samenwerkt met Rijsel. In Wallonië bestaat er geen economisch centrum meer zoals we dat kennen in Vlaanderen. Denk maar aan de 'gouden ruit' Antwerpen-Gent-Brussel-Leuven. Bij onze Waalse vrienden zijn er verschillende economische centra, die aan de periferie van Wallonië zijn gelegen.

- Dit heeft uiteraard politieke consequenties naar de beeldvorming van de Waalse natie!

Guido Fonteyn: Iedereen in Wallonië - rattachisten, regionalisten en belgicisten - heeft ingezien dat een autonome Waalse staat helemaal niet leefbaar is. Vertrekkend van een dergelijke politieke en economische realiteit zijn de regionalisten aan de kant gaan staan. Op politiek vlak betekenen ze weinig of niets meer. Het rattachisme kent een opgang en wordt door steeds meer mensen gedragen. Door de oprichting van een rattachistische partij Rassemblement Wallonie-France van Paul-Henri Gendebien, is het op de voorgrond kunnen treden. Bij de Waalse collega's bestaat er de neiging om deze strekking dood te zwijgen of ze als anekdotisch voor te stellen. Dit is niet correct. In de eerste plaats wordt deze strekking o.a. omringd door een garde van jonge economisten, die niets met de oude Waalse beweging te maken heeft. Deze mensen stellen dat de Waalse economie zich moet richten op een veel groter geheel, nl. Frankrijk. De resten van de oude Waalse beweging en het Rassemblement Wallon hebben zichzelf opgegeven en zijn deel gaan uitmaken van Rassemblement Wallonie-France. Ook Jean Defraigne - gewezen kamervoorzitter en voorzitter van de arbitragecommissie van de PRL - heeft zich tot het rattachisme bekeerd en verkondigt luidkeels dat Wallonië zo snel mogelijk bij Frankrijk moet aansluiten.

- Het is duidelijk dat het rattachisme als strekking vooruitgang boekt.

Guido Fonteyn: Dit is zeker. We zullen er in de toekomst nog veel meer van horen.

- Wordt de sterkte van het rattachisme enkel bepaald door de economische realiteit van Wallonië?

Guido Fonteyn: Daar heeft het uiteraard ook mee te maken. Maar er is ook nog de romantiek van de Waalse beweging en een sterk anti-flamingantisme. De Waalse beweging heeft altijd een historische vrees gekend die erin bestond dat de Vlamingen op een gegeven moment wel eens gebruik zouden maken van hun meerderheid binnen het Belgisch systeem. De rattachisten zeggen daarom o.a dat de Walen België zo snel mogelijk moeten verlaten en aansluiting moeten zoeken bij Frankrijk. Deze generatie kiest - ook uit anti-flamingantisme en culturele overwegingen - voor een groot en aantrekkelijk land, nl. Frankrijk. Vanuit hun standpunt gezien, is het rattachisme de beste keuze. Frankrijk is een zeer aantrekkelijk land, dat Wallonië heel wat mogelijkheden te bieden heeft.

Het rattachisme versus het belgicisme

- Een tweede strekking die in Wallonië aan belang wint, is het belgicisme.

Guido Fonteyn: Wallonië beseft dat het als autonome regio of staat helemaal niet kan overleven. Binnen deze context is het alternatief voor het rattachisme het behoud van België. Persoonlijk ben ik onder de indruk gekomen van een interview met Elio Di Rupo, dat ik onlangs heb afgenomen. Hij stelt daarin duidelijk dat de grenzen van het regionalisme bereikt zijn en pleit voor het behoud van het Belgisch systeem met een federale regering. Hier en daar kan het systeem worden verfijnd, maar wezenlijke veranderingen zijn niet meer nodig.

- Welke politieke boodschap heeft Elio Di Rupo dan wel?

Guido Fonteyn: Elio Di Rupo is van een generatie die nooit het gewicht heeft gevoeld van de strijd die de Vlaamse en Waalse beweging heeft moeten voeren. Hij weigert de lasten uit het verleden te dragen. Di Rupo kent de Vlaamse en Waalse beweging ook nauwelijks en is ook niet geïnteresseerd in de oude eisen, die dergelijke bewegingen stellen. Hij heeft altijd geleefd met de gewestelijke regeringen en heeft daar nooit moeten voor vechten. Het belangrijkste is dat België goed moet worden bestuurd. In dit licht is de onafhankelijkheid van Wallonië voor hem geen essentiële eis. Het is totaal naast de kwestie. Di Rupo vindt dat de Walen en de Vlamingen een gemeenschappelijk Belgisch patrimonium delen. Dit moet volgens hem in stand worden gehouden. De gewesten zijn immers te klein om te overleven. Dat geldt zeker voor Wallonië, dat zijn industrie volledig zag teloorgaan. André Renard had gelijk toen hij stelde dat na de ineenstorting van de delfstoffenindustrie Wallonië door de Belgische staat niet goed meer werd verzorgd. Volgens Di Rupo heeft Renard toen niet ingezien dat de ineenstorting niets te maken had met België, maar met de beslissingen die op de wereldmarkt worden genomen. Door de Belgische politici werd toen beslist om de crisis binnen de Waalse industrie te ondervangen met structurele veranderingen binnen de sector, wat een vergissing is geweest. De Waalse economie moet over een andere boeg worden gegooid. Maar Wallonië moet binnen de Belgische context blijven.

- Is het niet zo dat Di Rupo met zijn belgicisme wil verwijzen naar zijn status als nieuwe Belg?

Guido Fonteyn: Nee, dat is een stelling waar ik op terug moet komen. Elio Di Rupo werd in Wallonië geboren. Hij verloor op zeer jonge leeftijd zijn vader en groeide met zes broers en zussen op in een wijk waar alleen Belgen en Polen woonden. Italianen leefden er niet. Italië zag hij niet voor zijn negentiende. Van een verschil met de Belgen was hij zich niet bewust. Di Rupo is dus geen nieuwe Belg.

Het Wallo-Brux-idee

- De opkomst van perifere economische ontwikkelingspolen maakt brandhout van de Wallo-Brux-idee.

Guido Fonteyn: De economische as van Brussel naar Wallonië is onbestaande. Die as loopt van Brussel naar Louvain-la-Neuve en dan beginnen de bietenvelden. Dan heb je Namen met een administratieve functie. Dan heb je weer wat veld en in Bastenaken herbegint het economisch leven opnieuw. Het project Wallo-Brux. kan op zich een fantastisch idee zijn, maar het is zeker geen realiteit. Het berust eerder op een gevoel van culturele samenhorigheid en vooral op een sterk anti-flamingantisme.

- Hoe ziet U dan in de toekomst de verhouding tussen Wallonië en Brussel?

Guido Fonteyn: Deze verhouding is zeer dubbelzinnig. In Wallonië leeft het idee dat de oude delfstoffenas van Samber en Maas nooit een kapitaals- maar steeds een arbeidsas is geweest. Al de winsten die werden gehaald uit datgene wat werd gewonnen en geproduceerd, is nooit opnieuw geïnvesteerd. Het vertrok rechtstreeks naar Brussel, waar het verdween. Op deze wijze is er een historische haat tegenover Brussel gegroeid. Anderzijds beseffen de Walen maar al te goed dat Brussel hun culturele partner is.Het vormt een dam tegen het flamingantisme.

- Hoe zal het huidige België verder ontwikkelen?

Guido Fonteyn: Brussel zal een apart gewest blijven. Wallonië komt als gewest stilaan tot het besef dat het te klein is om te overleven. De band met Brussel zal Wallonië stilaan loslaten. De analyse en de beweegredenen daarvoor zijn gelijklopend met wat in Vlaanderen wordt gedacht. Wallonië zit momenteel in een soort identiteitscrisis. De Walen weten wel dat het met Brussel nooit goed zal gaan, maar zelf staan ze cultureel en economisch niet sterk genoeg. Bergen krijgt intussen wel wat culturele uitstraling, maar het kan onmogelijk Brussel vervangen.

De toekomst van Vlaanderen en Wallonië

- In welke richting zal de discussie in Wallonië zich verder ontwikkelen?

Guido Fonteyn: De discussie zal ongetwijfeld gevoerd worden tussen rattachisten en belgicisten. Wie het gaat winnen, weet ik niet. Ik denk wel dat Di Rupo deze discussie sterk zal beïnvloeden. Wanneer ik het op lange termijn bekijk, lijkt mij het logischer dat Wallonië aansluiting zoekt bij Frankrijk. Ook in Vlaanderen moet de vraag worden gesteld of ons Vlaams grondgebied groot genoeg is om als aparte natie te overleven. Als België uit elkaar zou vallen, moeten we dan geen aansluiting zoeken bij Nederland?

- Maar wat in Wallonië ontbreekt, is overduidelijk in Vlaanderen aanwezig: een economisch centrum. Dit is een overduidelijk gegeven om een eigen identiteit uit te bouwen?

Guido Fonteyn: Ja... zeer zeker. (twijfelt) Maar dat er tussen Vlaanderen en Nederland nauw zal moeten worden samengewerkt, spreekt voor zich. Daarvoor zullen op lange termijn politieke formules moeten worden uitgeschreven. Maar voor mij betekent dit geenszins dat we naar een autonome staat Vlaanderen moeten streven. Noem dit op lange termijn een Groot-Nederland. Dit lijkt mij meer aanvaardbaar. Vergeet a.u.b. niet dat boven dit alles Europa staat, dat steeds meer bevoegdheden naar zich toetrekt. De natie-staat heeft afgedaan. Binnen de mondiale ontwikkelingen kan een volk zich niet krampachtig vasthouden aan zijn territorium.

- Er is een essentieel verschil tussen Vlaanderen en Wallonië. Vlaanderen heeft alleen al een economisch centrum terwijl dit in Wallonië zoek is. Het is de vraag of de Walen nog een band hebben met de Vlamingen. De enige band de ze met ons hebben, is een negatieve: het anti-flamingantisme. Wordt het niet stilaan tijd dat Wallonië een andere partner kiest om mee samen te leven?

Guido Fonteyn: Ik denk ook dat het rattachisme als idee belangrijk wordt. Rekening houdend met alle scenario's moeten de Walen inzien dat hun regio te klein is om te overleven. De Walen hebben de keuze: ofwel gaan ze bij Frankrijk, ofwel blijven ze binnen de Belgische structuur. Intussen belet niets ons om nauwer - zowel op cultureel als op economisch vlak - met Nederland samen te werken.

- Hoe moet het nu verder tussen Vlaanderen en Wallonië binnen de Belgische context? Moet Vlaanderen - o.a. via de sociale zekerheid - blijven investeren in een 'ziek' Wallonië?

Guido Fonteyn: Investeren moet nooit gebeuren vanuit cultureel oogpunt. Dat is onzin. Laat de vrije markt haar werk maar doen. De basisthesis is dat Wallonië terug welvarend wordt. Daar heeft Vlaanderen alle baat bij. Zo heeft de haven van Antwerpen er altijd wel bij gevaren dat Wallonië grote hoeveelheden ijzererts en steenkolen uitvoerde. Met een arm Wallonië kan Vlaanderen niets beginnen. Maar er is hoop: er zijn een aantal gebieden waar er nieuw economisch leven is. De Walen werken hard. Vroeg of laat komen ze wel uit deze crisis. We zien dat er in bepaalde sub-regio's opnieuw wordt geïnvesteerd, en met succes. Maar om op uw vraag te antwoorden: de geldstromen - die van noord naar zuid vloeien - lijken mij normaal. Het vergroot trouwens vraag en aanbod. Uiteraard zijn er misbruiken en schandalen. Dit wordt trouwens door Elio Di Rupo ontkend, wat fout is. Maar dat er geld van rijkere naar armere gebieden stroomt, lijkt mij correct.

- Wat er met dat geld gebeurt, is dat dan correct en goed?

Guido Fonteyn: Vanuit de EU- instellingen is er zeer zware kritiek geformuleerd op de slechte investeringen van de Europese gelden door Wallonië. Vanuit Vlaanderen kan er ook terechte kritiek worden geformuleerd, maar dan moet dit gebeuren via grondige studies. We mogen daarbij niet vervallen in kretologie. Tussen Vlaanderen en Wallonië is het daarom wenselijk om op gewestelijk niveau rond de tafel te gaan zitten om dergelijke discussies te voeren. Ik denk dat iemand als een Di Rupo zich daartegen niet zou verzetten. De Grondwet laat immers rechtstreekse contacten tussen gewesten en de gemeenschappen toe. Laat ons daar gebruik van maken, dan zal men in Vlaanderen eindelijk eens inzien dat er een verschil bestaat tussen Wallonië en francofonie, tussen het Waals gewest - dat trouwens meer bevoegdheden zou moeten toebedeeld krijgen - en de Franse gemeenschap.

- Wat is de opdracht voor de Vl. Beweging binnen dit alles?

Guido Fonteyn: Goed analyseren! Dit gebeurt veel te weinig binnen de Vlaamse Beweging. Ik lees veel te veel kretologie. Jullie blad is ongeveer het enige waarin er nog iets zinnigs over Wallonië wordt geschreven.