Nummer 65


Baskenland | maart 2001


Vervroegde verkiezingen in 'Klein-Baskenland' (Jan van Ormelingen)<< Nummer 65

Iedereen had het al voelen aankomen, maar op 20 februari jl. was het zover: de Baskische Lehendakari (de president van de Baskische Autonome Gemeenschap), Juan José Ibarretxe (PNV), kondigde vervroegde verkiezingen aan voor 13 mei 2001. Hij werd daartoe gedwongen nadat de centrale overheid in Madrid de financiële middelen van de Baskische regering had tegengehouden en omdat de PP en de PSOE de werking van het parlement onmogelijk maakten.

Aznar's nieuwe Baskenlandpolitiek

Sinds de Partido Popular (PP) steeds meer het Spaanse politieke toneel beheerst, is de toestand in Baskenland er sterk op verslechterd. Aznar weet waar hij naartoe wil met Baskenland: het is een deel van Spanje en moet zo Spaans mogelijk worden. Paradoxaal genoeg heeft die visie enkel een kans op slagen omdat de ETA bestaat.

De PP is erin geslaagd om de hele Spaanse pers en de grote meerderheid van de buitenlandse pers te controleren als het gaat om de berichtgeving over Baskenland. In de eerste plaats worden de mensen van de ETA afgeschilderd als harteloze moordenaars die onschuldige mensen afmaken voor een ondemocratisch en onaanvaardbaar ideaal: de onafhankelijkheid van Baskenland. Nadat er eind 1998 een nationalistische Baskische regering op de been was gebracht werden de pijlen van de PP steeds meer gericht op organisaties en mensen die niets met de ETA te maken hebben. In Spanje worden Herri Batasuna of Euskal Herritarrok (EH) gebruikt als synoniem van de ETA. En probeer deze aperte leugen in Madrid maar eens te nuanceren, ... of misschien beter niet. Onder druk van de PP beschouwt de publieke opinie in Spanje de gematigde Baskische nationalisten van de PNV als 'medeplichtigen van de ETA'. De voorzitter van de PP in Baskenland, Carlos Iturgaiz, noemde de PNV 'cómplices políticos' van de ETA en 'nazis'. Bovendien vindt hij het hoog tijd dat de PNV in de oppositie gaat om 'zich te bezinnen over de schandalige akkoorden die ze getekend hebben met de ETA-moordenaars en met de politieke medeplichtigen van de moordenaars'. (El Mundo 27.02.2001, blz. 10). In de pers komen alleen Spaansgezinden aan het woord, kritische geluiden zijn er niet te horen en als er dan toch iets wordt gezegd wat de PP niet zint, dan worden journalisten ontslagen. De minister van binnenlandse zaken en fervente 'ETA-jager', Jaime Mayor Oreja zei bij het ontslag van de directeur van Telemadrid (zie Meervoud nr. 64) letterlijk dat in een oorlog geen plaats is voor neutrale berichtgeving.

En dat is het: de PP voert een oorlog tegen de ETA en de nationalisten. Als het gaat om het bestrijden van de ETA is alles mogelijk, Baskenland is niet voor niets een van de meest gemilitariseerde regio's van Europa. Op het eerste zicht lijkt de Spaanse staat de ETA te verpletteren. Verschillende belangrijke figuren van de organisatie zijn de laatste jaren aangehouden. Begin dit jaar werd het Barcelona-commando opgerold, op 22 februari werd de oud-leider van de ETA, Francisco Javier Garcia Gaztelu 'Txapote' in Iparralde aangehouden en recent zou een belangrijk deel van het commando van Donostia zijn opgepakt door de Baskische politie ('Ertzaintza'). De ETA heeft de grootste moeite om aanslagen te plegen op 'prioritaire doelwitten' omdat de veiligheidsmaatregelen nog nooit zo sterk zijn geweest met het gevolg dat de pakkans veel groter is. Aanslagen mislukken gemakkelijker en de gekozen doelwitten hebben steeds minder met het conflict te maken. Waarom moest een kok die bij het leger werkte op 26 januari jl. uit de weg geruimd worden? Waarom stierven twee arbeiders in een aanslag die een socialistische mandataris had moeten doden? De Spaanse justitie is ook vastberaden om de wervingskanalen van de ETA te ontmantelen. Onder het mom daarvan wordt de hele Baskische beweging lastiggevallen. Een belangrijke klap was de sluiting van het nationalistische dagblad Egin in 1998 omdat het de ETA zou financieren. Niemand is meer veilig voor de ijver van rechter Baltazar Garzón. Eind januari werd er bij de grootste uitgeverij van Baskenland, Elkarlanean-Zabaltzen, een huiszoeking verricht. Kort daarvoor was journalist Pepe Rei aangehouden omdat hij de ETA-doelwitten zou aanduiden. De bedoeling van de Spaanse regering is om alles wat Baskisch is te associëren met de ETA, een gevaarlijk spelletje, want wie blijft geloven dat zoveel mensen bij de ETA betrokken zijn? Bovendien is het een even gevaarlijke redenering om te denken dat meer repressie leidt tot minder geweld, laat staan naar meer Spaansvoelendheid.

De kandidaten

Kort na de aankondiging van de vervroegde verkiezingen werden de kandidaten van de verschillende partijen bekend.

De uittredende lehendakari Juan José Ibarretxe (PNV) zal zijn partij opnieuw aanvoeren als populairste politicus van Baskenland. De PNV staat centraal in het politieke landschap van Baskenland; haar lijn, radicaal of gematigd, zal in belangrijke mate wegen op de toekomst van het land. Om de partij 'incontournable' te maken is er toenadering gezocht met de kleine nationalistische partij Eusko Alkartasuna (EA). EA wil beginnen met de uitbouw van een eigen staatsstructuur die het hele Baskenland (Euskal Herria) zal omvatten, een structuur waar al een begin mee is gemaakt door de oprichting van Udalbiltza. Onafhankelijkheid moet er voor de partij van Begoña Errasti in 2008 komen. Of het tot een samenwerking zou komen was nog maar zeer de vraag omdat macht voor de PNV vaak belangrijker is dan idealen. Op 2 maart werd bekend dat beide partijen met een eenheidslijst naar de verkiezingen zouden trekken, Ibarretxe zou de lijsttrekker worden. Zijn belangrijkste uitdager is de ijzervreter van de PP, Jaime Mayor Oreja, die absoluut de nieuwe lehendakari wil worden. Hij heeft daarom een akkoord gesloten met Unidad Alavesa.

Onderhandelingen over vrede kunnen voor hem alleen als de ETA de wapens onvoorwaardelijk neerlegt en als de 'Constitución' en het autonomiestatuut van Gernika worden aanvaard. Met andere woorden, hij wil geen vrede. Het Baskisch conflict is nu eenmaal in belangrijke mate te wijten aan de Spaanse Constitución die de Basken door de strot is geduwd nadat ze het niet wilden goedkeuren. Het autonomiestatuut van Gernika is evenmin door het Baskische volk aanvaard. Mayor Oreja speelt vooral op de angstgevoelens van veel Basken en belooft die weg te nemen als hij lehendakari wordt. De prioriteiten van Mayor Oreja zijn cultuur, onderwijs en veiligheid. Concreet wil hij het culturele leven verspaansen. In een intern rapport van de PP uit november 1997 lezen we wat hij in het onderwijs wil bereiken: het afremmen van de groeiende inplanting van Baskischtalige afdelingen in de scholen en het uniformiseren van het geschiedenisonderwijs over Spanje. Wat de veiligheid betreft wil hij o.m. een efficiëntere Ertzaintza (Baskische politie). Hij verzekerde dat de 'enige vrijheid voor Baskenland van Spanje en Europa kan komen'. Wat hij dan precies met die 'vrijheid' bedoelt is niet geheel duidelijk. De PSOE, of beter de PSE-EE (de PSOE in Baskenland) gaat de verkiezingen in met Nicolás Redondo als boegbeeld. Ook hij heeft scherpe woorden voor het nationalisme van de PNV. De grootste flop van dat nationalisme was 'la declaración de Estella' (de verklaring van Lizarra-Garazi), aldus Redondo. Toch is de toon van de socialistische verklaringen minder scherp als die van de conservatieven. In de Spaanse pers wordt de partij van Arnaldo Otegi (Euskal Herritarrok) volledig doodgezwegen, maar dat neemt niet weg dat EH met een radicaal project voor een onafhankelijk Baskenland naar de verkiezingen trekt. Sinds enige tijd verwerpt EH niet alleen het Spaanse kader, maar ook het Klein-Baskische (1) kader dat hen door Spanje is opgedrongen. Dat zij toch deelnemen aan de verkiezingen heeft te maken met strategische overwegingen. EH wil een nationalistische regering steunen als die snel werk maakt van de uitbouw van een onafhankelijk Baskenland.

Verwachtingen voor na 13 mei

Voor de verkiezingsuitslag wordt een nek-aan-nekrace verwacht tussen 'constitutionalisten' en nationalisten. De fel rechtse krant ABC publiceerde op 25 februari een eerste opiniepeiling waarin de PP van 16 naar 19 en zelfs 20 gekozenen zou gaan in het Baskisch parlement. De Spaanse socialisten zouden twee zetels kunnen winnen en uitkomen op 16. Stel dat de PP en de PSE-EE dit maximum halen, dan kunnen ze een meerderheid vormen (er zijn 75 zetels te verdelen). EH zou twee tot drie zetels verliezen en uitkomen op 10 of 11 zetels, de PNV zou daar een tot twee zetels van kunnen winnen zodat ze de grootste Baskische partij blijven met 22 tot 23 zetels. De partner van de PNV, EA, zou twee zetels verliezen van de zes. Izquierda Unida zou er drie hebben (+1) en Unidad Alavesa zou nog maar één zetel overhouden (-1). Deze resultaten kunnen een licht vertekend beeld geven ten voordele van de Spaansgezinde partijen, maar toch verwachten de meeste waarnemers dat vooral de PP sterker zal worden. EH denkt dat ze zetels zal verliezen omdat veel mensen bang zijn om zich als nationalist te manifesteren.

De PP heeft duidelijk laten verstaan dat ze een niet-nationalistische regering wil in Baskenland. Dat betekent dat ze enkel een regering kan vormen met de PSOE. De socialisten hebben al heel duidelijk hun voorkeur laten blijken voor de PP, maar willen geen pre-electoraal akkoord. EH wil enkel in een regering stappen als er duidelijke stappen naar de onafhankelijkheid worden gezet, met het akkoord van Lizarra-Garazi als basis. De partij laat de deur dus wel op een kier voor de PNV die een sleutelrol speelt. Als de espagnolisten geen meerderheid halen kan de PNV kiezen om een front te vormen met de nationalisten op basis van een radicaal akkoord, ofwel kan ze in zee gaan met de PSOE, ook al is het water tussen beide partijen sinds kort heel diep geworden.

Als er na 13 mei een espagnolistische regering komt, dan komt er hardere repressie, dat heeft de PP beloofd. Wij geven nu al op een blaadje dat de polarisatie in dat geval veel ellende met zich zal meebrengen. De polarisatie zal in een nationalistische regering waarschijnlijk niet minder sterk zijn omdat de PP zal blijven proberen om Euskadi te controleren. Een kleine kans op ontspanning bestaat als er een PNV-PSOE-regering komt, maar als ze naar een van de twee kanten overhelt dreigt ze te mislukken.