Nummer 68


Sociaal | juni - juli 2001


De wet op de winstdeling: stap in de ontmanteling van de sociale zekerheid... (Hans Vanhoesen)<< Nummer 68

Op 29 maart jl. werd in de Kamer het wetsontwerp goedgekeurd over werknemersparticipatie in de winst en het kapitaal van de bedrijven. Deze wet heeft een lange voorgeschiedenis en is al jaren het stokpaardje van het patronaat en de liberalen. Met deze wet bereikt premier Guy Verhofstadt (VLD) één van zijn hoofddoelstellingen zoals geformuleerd in zijn Burgermanifest (1994). Alle partijen stemden voor: Agalev, de SP, VLD, CVP én het Vlaams Blok. Een doorbraak, zegt het Verbond van Belgische Ondernemingen. Waarom zijn het patronaat, Verhofstadt cs. zo gelukkig?

De Belgische regering o.l.v. Guy Verhofstadt (VLD) heeft zich sedert haar aantreden ontplooid als een machine voor sociale afbraak zoals het op de agenda staat van het mondiaal neoliberalisme. Vooral structureel willen de neoliberalen de klus klaren (d.w.z. privatisering van pensioenen, van overheidsbedrijven, belastingverlaging, afbraak sociale zekerheid) en ondertussen mag minister van Sociale Zaken Frank Vandenbroucke enkele snoepjes gooien naar bepaalde doelgroepen. Dit proces is zowat twintig jaar geleden begonnen met het aantreden van de regering Martens-Verhofstadt. Sedertdien is dat proces van sociale afbraak onder Jean-Luc Dehaene doorgegaan, het heeft de zuurtegraad van de samenleving hoge toppen doen scheren. Immers, de drainering van grote stromen spaargelden, pensioengelden, grote delen van de loonmassa (loonstop, -matiging, indexafbraak,...) en van de sociale zekerheid naar het mondiaal kapitaal heeft de jongste twintig jaar een aanzienlijke financiële aderlating veroorzaakt bij al diegenen die met arbeid hun brood verdienen, in loondienst, als ambtenaar of als zelfstandige en bij de uitkeringstrekkers.

De bovenvernoemde wet maakt het patronaat enthousiast, het heeft lang moeten wachten. In de jaren dertig reeds werd het systeem van winstdeling en kapitaalsparticipatie toegepast in grote bedrijven van de Verenigde Staten, na de oorlog volgde Japan. In Vlaanderen bestaan al twintig jaar diverse vormen van winst- en kapitaalsparticipaties. In de jaren tachtig verrichte Agfa-Gevaert baanbrekend werk door zijn personeel winstbewijzen uit te keren, d.w.z. aandelen zonder stemrecht die recht geven op een dividend dat onderworpen was een roerende voorheffing van 25% en aan de sociale zekerheid. Voor het patronaat was het echter te doen om het ontduiken van de sociale-zekerheidsbijdragen. Er was een arrest nodig van het Hof van Cassatie dat in 1995 besliste dat de winstbewijzen bij Gevaert als loon worden beschouwd waarop sociale zekerheidsbijdragen moeten worden ingehouden. Vorig jaar werd de distributiegigant Colruyt veroordeeld tot het betalen van 160 miljoen aan de sociale zekerheid omdat het Hof van Cassatie oordeelde dat winstdeelname een vorm van loon is waarop sociale bijdragen betaald moeten worden. Bij winstdeelneming werden de uitgekeerde dividenden fiscaal en parafiscaal als een loon beschouwd. Het spreekt vanzelf dat de verplichting om op winstdeelnemingen belastingen en sociale bijdragen te betalen het systeem niet aantrekkelijk maakte voor het patronaat.

De nieuwe wet voorziet inderdaad in een verandering. Een oude droom van Guy Verhofstadt wordt realiteit. In 1994 schreef hij in zijn derde Burgermanifest: «Moeten de vakbonden niet opkomen voor werk, voor lagere brutolonen en hogere nettolonen, voor kapitaalsparticipaties van en deelnemen in de winst van de werknemers? Nu de tegenhanger van het kapitalisme bijna van de aardbol is verdwenen, wordt het immers tijd dat het kapitalisme zelf wordt gedemocratiseerd en gepopulariseerd.» ('Angst, afgunst en het algemeen belang', p. 155). Ook de voorganger van Verhofstadt, Dehaene, burgemeester van Vilvoorde en cumulard van een hele reeks beheersmandaten in grote vennootschappen, zegt hetzelfde en zal een tevreden man zijn. Hij kon lange tijd zijn zin niet doordrijven omdat vakbonden tegen waren en nog enige invloed hadden in zijn regeringsploeg...

De nieuwe wet is goedgekeurd op 29 maart jl. en voorziet dat op winstuitkeringen in cash betaald aan de werknemers door hen 13,07% bijdrage aan de sociale zekerheid moet worden betaald, plus een roerende voorheffing van 25%. Bij kapitaalsparticipatie in aandelen is enkel een roerende voorheffing van 15% verschuldigd. In beide gevallen van de nieuwe wet betaalt de patroon geen bijdrage voor de sociale zekerheid. Dàt is een dijkbreuk.

Dat de wet er in vergelijking met omringende landen zo laat kwam, is zoals gezegd grotendeels te danken aan de invloed van de vakbonden, maar nu lijkt die invloed sterk afgenomen in de paars-groene regering waar de liberalen, zowel uit VLD, SP als groenen, zich nog weinig gelegen laten aan de eisen van arbeiders en bedienden en aan de uitkeringstrekkers. In een stellingname verklaarden de vakbonden: «De vakbonden zijn geen vragende partij voor winst- of kapitaalsparticipaties. Het patronaat is voorstander, niet uit bekommernis voor de werknemers, maar het is een element van supplementaire loonflexibiliteit en een forse hap uit wat de kracht van de werknemers is, namelijk onderlinge solidariteit tussen sterke en zwakke sectoren, tussen profit- en non-profitsector, tussen privé- en openbare sector. De regeling is interessant vanwege het fiscale voordeel, maar kost de gemeenschap veel geld... We zijn tegen financiële participaties omwille van het principe. Maar we weten ook dat er aanlokkelijke voorstellen zijn voor de werknemers in de bedrijven...» (De Nieuwe Werker, ABVV, 12 januari 2001). De vakbonden probeerden de meubelen te redden en vragen waarborgen en syndicale controle (o.m. geen bedrijfsonderhandelingen zonder een sectorieel kader, de loonkwestie kan niet verminderd worden door een belofte van financiële participatie, 'loon naar arbeid' blijft centraal...)

In heel wat bedrijven zullen werknemers of zelfs sommigen uit het vakbondsapparaat, onder druk of vanuit een zeker corporatisme, ingaan op de verleidelijke voorstellen van het patronaat. Winstparticipatie heeft ook een ideologische functie zoals Verhofstadt stelde op een studiedag van de liberale vakbond (sept 2000): «Vele jaren stonden arbeid en kapitaal als bijna onverzoenbare monolieten tegenover elkaar. De werknemersparticipatie gaat daar lijnrecht tegenin.» Margaret Thatcher zou het niet beter verwoord kunnen hebben.

De wet zal echter nooit compenseren wat de patroons geïncasseerd hebben aan loonstop of loonmatiging, aan indexafbraak... Van die inleveringen die de winsten de hoogte ingejaagd hebben, zullen de winstuitkeringen slechts enkele kruimels zijn voor de werknemers. De werknemers in de bedrijven waar winstuitkeringen geregeld zijn begeven zich op glad ijs. Winstparticipaties zijn een labiel gegeven in vergelijking met de relatieve rechtsbescherming in een looncontract. Bedrijfsresultaten hangen af van factoren die de werknemers helemaal niet onder controle hebben (wisselkoersen, rentevoeten, economische conjunctuur, manipulaties van de boekhouding in filialen van mondiale bedrijven, corruptie, mismanagement...) Enkele voorbeelden om dit te illustreren.

In technologiebedrijven zoals World Online en Lernout & Hauspie zagen de werknemers hun aandelen en premies verdampen door corruptie en mismanagement. Op 20 mei 2000 gingen de bedienden van Super GB en Maxi GB in staking omdat de directie had beslist geen winstdeling uit te keren zogezegd omdat er geen winst geboekt was. De GB-groep sloot het boekjaar 1999 inderdaad af met een verlies van 828 miljoen. Maar, de GIB-groep die met 72% hoofdaandeelhouder van GB is, sloot zijn boekjaar af met een winst 1,7 miljard! Het personeel dat sinds 1993 de ene inlevering na de andere te slikken kreeg nam deze beslissing niet en ging in staking. Bij Renault werd ook gemanipuleerd om de winstuitkering lager te houden. Nadat Renault in Vilvoorde zijn vestiging sloot en naar Rusland trok, kocht het bij Nissan-Japan 36,8% van de aandelen en legde daarvoor 189 miljard frank op tafel! Renault verrekende die uitgave in zijn boekhouding waardoor meteen de winst daalde. Gevolg: een kleinere winstdeling voor de werknemers. Na enkele acties werd Renault verplicht 'compenserende premies' uit te keren (cfr. De Nieuwe Werker, 12 januari 2001).

De wet is vooral een structurele aanval van de liberalen op het stelsel van de sociale zekerheid. Immers, loonsverhogingen onder de vorm van aandelen zal het brutoloon doen stagneren en dus ook de sociale bijdragen waardoor een verdere neerwaartse druk op de overheidsbestedingen in de sociale zekerheid zal ontstaan (vervangingsinkomens bij werkloosheid, ziekte, invaliditeit, pensionering...) De winstparticipatie doet niet alleen de brutoloonkost dalen, maar ook de nettoloonkost. Want arbeiders, bedienden kunnen aangeworven worden aan een laag basisloon terwijl de beschikbare 'winstenveloppe' hetzelfde blijft en gewoon over meer werknemers verdeeld wordt. Over het variabel deel van het loon (bonus, winstdeel,...) moeten de werknemers elk jaar onderhandelen met de patroon en deze kan de bedrijfsresultaten manipuleren om het uit te keren variabel loon te drukken...

Vakbonden en mutualiteiten, armoedeorganisaties, gehandicaptengroepen betoogden op 20 mei jl. met zo'n 20.000 mensen voor een inhaaloperatie voor de sociale uitkeringen (vaak verworden tot bijstand). Het eisenprogramma kost 60 miljard (minder dan de helft van het belastingsplan dat 170 miljard kost en vooral de hogere inkomens ten goede komt, en iets meer dan de 50 miljard die de regering aan de aankoop van zeven militaire transportvliegtuigen en één transportschip gaat uitgeven in het kader van de nieuwe oorlogsstrategie van de NAVO).

De betoging was een succes, maar in het beste geval een pril begin wil men ooit resultaten boeken. Verhofstadt cs. kunnen zich dan ook gemakkelijk van de eis afmaken en 10 miljard 'beloven' die in feite al budgettair vastliggen.

De vakbonden reageerden terecht ontgoocheld. Michel Nollet van het ABVV sluit nieuwe acties bij de begrotingsdiscussie in september niet uit, ACV-voorzitter Luc Cortebeeck sprak over «een natte dweil die in het gezicht van de uitkeringstrekkers geslagen werd door de paars-groene regering». Dat de vakbonden en mutualiteiten en een hele reeks andere organisaties op straat komen tegen het sociale-afbraakbeleid van deze regering kan toegejuicht worden. Al was het maar omdat zo de cynische goed-nieuws-show van de paars-groenen doorbroken wordt en vooral omdat met die betoging getracht wordt één aspect van de werkelijke problemen van de mensen (2,5 miljoen uitkeringstrekkers) op de politieke agenda te plaatsen...

Maar de vakbonden hadden nog beter gedaan indien ze het verband hadden gelegd tussen de pas goegekeurde wet op winstparticipaties en de neerwaartse druk op de sociale uitkeringen en indien ze van de aanwezige politici geëist zouden hebben dat de nieuwe wet op winstparticipaties weer wordt ingetrokken. Daarenboven hebben we de indruk dat er te veel actie gevoerd wordt door de 'apparaten' met de handrem op, het 'uitlaatklepscenario', en denken vakbonden en mutualiteiten nog steeds in het oude schema toen de Belgische staat hèt kader was waarin sociale welvaart gerealiseerd kon worden, terwijl diezelfde staat nu een werktuig geworden is in handen van de mondiaal georchestreerde neoliberale dogma's.

Veel bedenkelijker is de politieke meerderheid die deze wet tot stand gebracht heeft. Van partijen zoals de VLD, de CVP en het Vlaams Blok kan men verwachten dat ze de wet op winstdeling en kapitaalsparticipatie steunen. Hun programma sluit naadloos aan bij wat het patronaat wil.

Verwonderlijker is dat 'centrumlinkse' regeringspartijen zoals de SP en Agalev, de neoliberale agenda volgen en de wet helpen goedkeuren. Bij de stemming plantten ze zodoende de vakbonden, ziekenfondsen en andere sociale organisaties een mes in de rug en keurden ze een belangrijk punt van de door hen verfoeide 'duivels' van het Blok goed... Het is blijkbaar gemakkelijker zedenpreken te houden over een cordon sanitaire, de 'grote democraat' uit te hangen en ten strijde te trekken tegen de 'Vlaamse fascisten' dan tegen te stemmen bij wetsontwerpen die de zuurtegraad bij de Vlaamse bevolking zullen doen toenemen. Zoals meermaals in dit maandblad beschreven, ligt het probleem niet rechts maar bij links. 'Links' wordt geconditioneerd door zijn privileges in de Belgische staat en door de neoliberale agenda. Het keurt een reactionaire wet goed en legt zo een bom onder het monument van de gestructureerde solidariteit én onder zichzelf. Tot alleen liefdadigheid en bijstand overblijft die ten eeuwigen dage 'actieve welvaartsstaat' genoemd zal worden.