Nummer 70


11 september 2001/Interview | oktober 2001


Mr. Paul Bekaert: "Wat men nu doet is paniekvoetbal, om de publieke opinie te sussen" (Christian Dutoit)<< Nummer 70

De gebeurtenissen van 11 september in New York hebben natuurlijk hun gevolgen. Eén ervan is dat alle NAVO-bondgenoten thans in een 'verhoogde staat van paraatheid' zijn als het over 'terrorisme' gaat. Er wordt weer geschermd met een 'Europees uitleveringsmandaat' en een 'geïntegreerde Europese justitie'. Maar daar zijn heel wat gevaren aan verbonden. Iemand die al jaren juridische dossiers verdedigt van politieke vluchtelingen, en zich de afgelopen jaren verdiepte in dossiers van o.m. Noord-Ierland en Baskenland, is de Tieltse advocaat Paul Bekaert. Hij bezocht o.m. de beruchte Long Kesh-gevangenis in Ierland en was ook internationaal waarnemer op het proces tegen de politieke leiding van Herri Batasuna in Madrid. Thans verdedigt hij de Turkse activiste Erdal. Een gesprek over de mogelijke juridische gevolgen van de gebeurtenissen in New York.

- Als gevolg van de gebeurtenissen in New York komt er binnenkort een nieuw Europees uitleveringsverdrag. Dat lag al een tijdje te wachten, maar komt nu in een stroomversnelling...

Paul Bekaert: Laten we even teruggaan naar 1957. Toen bestond er al een Europees verdrag inzake uitlevering, in het kader van de Raad van Europa. Tot op vandaag wordt daar een beroep op gedaan door de leden van de Raad van Europa, die, zoals gekend, ruimer is dan de Europese Unie. En dan was er de Baader-Meinhof-hysterie in de jaren zeventig, en zo kwam er een anti-terrorismeverdrag. In de jaren zeventig was ik al actief in de Liga voor de Mensenrechten, en ik herinner me dat er daar toen enorme discussies gevoerd werden over een eengemaakt Europees rechtsgebied. Waarbij dan uitlevering omwille van politieke misdrijven mogelijk gemaakt zou worden binnen de Raad van Europa. Men zou dan in bepaalde gevallen het excuus van 'politiek misdrijf' niet meer kunnen inroepen. Toen reageerde men ook een beetje zoals men nu reageert. In 1995 werd dan een 'Overeenkomst van Brussel' gemaakt, waarbij een verkorte uitleveringsprocedure binnen de Europese Unie werd goedgekeurd. En dan was er de zaak Moreno-Garcia. Onder druk van Spanje is er dan in Dublin op 27 september 1996 een verdrag tot stand gekomen betreffende de uitlevering tussen de lidstaten van de Europese Unie, waarbij Spanje en België zegden: kijk, wij gaan niet wachten tot al de Europese staten of leden van de Europese Unie dat verdrag opnemen in hun nationale wetgeving, wij gaan een bilateraal akkoord sluiten om dit onmiddellijk van kracht te laten worden. Welnu, we zijn nu vijf jaar verder, en België heeft dat verdrag nog nooit geratificeerd. Het is dus nog altijd geen Belgische wetgeving. Dat zijn zo van die opstoten. Naar aanleiding van de zaak Moreno-Garcia was dat een opstoot om vlug-vlug een verdrag te gaan maken. Maar dat verdrag is nog steeds geen Belgische wet.

- En nu zitten we weer in een vergelijkbare situatie.

Paul Bekaert: Inderdaad. Er is in feite al een beslissing, van de top in Tampere in Finland. Die top heeft uitdrukkelijk gezegd dat er gewerkt moest worden aan een geïntegreerd Europees rechtsgebied, dat betekent dat er geen uitleveringsprocedure meer gevoerd zou moeten worden, dat het zou volstaan om iemand aan te houden in bijvoorbeeld België om hem onmiddellijk uit te leveren aan laten we zeggen Spanje. Ook het uitleveren van eigen onderdanen zou mogelijk worden, en men zou zeker geen beroep meer kunnen doen op de uitzondering van 'politiek misdrijf'. Dat was ook al in het Verdrag van Amsterdam aan bod gekomen van 2 oktober 1992 - Tampere was 1999. En nu staan we natuurlijk voor de Belgische top. Er bestaat een werkgroep, en die heet 'Pro-Euro-Just', en die staat onder leiding van onze nationale magistrate mevrouw Coninsx. Zij was vroeger in België de nationale magistrate voor zware criminaliteit en terrorisme. Nu is ze voorzitster van wat men noemt 'Pro-Euro-Just'. Waarom 'pro' ? Omdat 'Euro-Just' in feite nog niet bestaat en nog opgericht moet worden. Dat is een werkgroep van 16 magistraten, politiemensen, rechters en procureurs die voor de coördinatie moeten zorgen binnen de Europese Unie in verband met zware criminaliteit. Dan heb je ook nog Europol, waar men bezig is een Europese politiemacht op te richten. Men zegt: we hebben de grenzen opengesteld, en dat geeft toch nadelen omdat de criminelen zich veel makkelijker binnen de Europese Unie kunnen verplaatsen. Daar moet iets tegenover geplaatst worden, namelijk een politiemacht die geen grenzen kent binnen Europa. Dat is de filosofie. En wat is er nu gebeurd? Vorige week vrijdag (21 september) is er een topontmoeting geweest van de Europese staatshoofden, en daar heeft men ronduit gezegd: er moet binnen de kortste keren en zeker vóór de top van Laken een Europees aanhoudingsmandaat komen, dat wil zeggen dat men iemand kan aanhouden en onmiddellijk uitleveren zonder dat er een omslachtige uitleveringsprocedure is. Afschaffing dus van de tussenkomst van de rechtbank. U vraagt, wij leveren uit.

- Dus weer eens een versterking van de uitvoerende macht ten nadele van de wetgevende.

Paul Bekaert: Eigenlijk wel, ja. Als Italië vandaag een aanhoudingsmandaat uitschrijft kan de persoon in kwestie morgen naar Rome gebracht worden. Wat er ook ter discussie staat is de uitlevering van eigen onderdanen. Ook dat is nieuw. Er is geen enkel land binnen de Europese Unie dat dit doet behalve Groot-Brittannië. Maar onmiddellijk na die top heeft Justitieminister Verwilghen die zaak na een interpellatie enorm gerelativeerd, zeg maar afgezwakt. Hij heeft gezegd: dat is niet zo eenvoudig.

Ten eerste: zomaar uitleveren aan landen waar de doodstraf bestaat, zoals de Verenigde Staten, dat kan niet. Dat heeft te maken met Belgische regels en internationale verdragen waardoor we gebonden zijn. Wij mogen niet uitleveren aan landen waar de doodstraf bestaat, tenzij men de garantie geeft dat die doodstraf niet uitgevoerd wordt, maar die garantie krijg je nooit. Dat is dus al een eerste probleem. Een tweede probleem is dat België geen eigen onderdanen uitlevert. Dat is wettelijk verboden.

Ten derde is er enkel uitlevering als er een dubbele strafbaarheid is. Dat betekent dat het 'misdrijf' hier en ginder op dezelfde wijze bestrafbaar moet zijn. Er zijn 'misdrijven' in Spanje die helemaal niet bestaan in de Belgische strafwetgeving, bijvoorbeeld het behoren tot politieke organisaties die de omverwerping van de staat beogen en dergelijke. Verwilghen heeft dus gezegd: maak het dan niet te eenvoudig, want we gaan toch niet klaar zijn tegen december.

Wat men nu doet is paniekvoetbal, om de publieke opinie te sussen. Men gaat een beetje show geven op het podium. Maar ik herhaal het: wat er gebeurd is in Dublin, daar heeft België een been toegeworpen aan Spanje, en Spanje werd gesust, maar intussen is dat verdrag nog steeds niet geratificeerd.

- Maar er is ook de zaak van de Turkse politieke activiste Erdal, die nu in België zou worden berecht..

Paul Bekaert: Het geval 'Erdal' is niet te situeren binnen de Europese Unie, maar wel binnen de Raad van Europa. Ten tweede is het de eerste keer in België dat men iemand zou willen vervolgen voor een Assissenhof voor feiten die gebeurd zijn in het buitenland, tussen twee buitenlanders. De Belgische wetgeving voorziet dat feiten die in het buitenland gebeurd zijn tussen twee buitenlanders nooit voor een Belgische rechtbank kunnen vervolgd worden.

- Toch lijkt het er nu op dat dit mogelijk wordt...

Paul Bekaert: Er is één uitzondering, en dat is het anti-terrorismeverdrag dat zegt dat, wanneer een land om een of andere reden niet uitlevert, dat land zich verplicht om toch de persoon te vervolgen in het land waar hij of zij aangetroffen wordt, dus hier in België. Wat is er nu gebeurd? De procureur-generaal in Gent heeft in het kader van de uitlevering gezegd dat het anti-terrorismeverdrag niet van toepassing is. Het wapen dat gebruikt werd komt namelijk niet voor in het anti-terrorismeverdrag. Er is geen granaat gebruikt, geen bom, geen automatisch wapen. Dus kan het anti-terrorismeverdrag niet toegepast worden en kan ze niet berecht worden in België. Dan heeft het Hof van Beroep in zijn geheim advies - waarvan we de inhoud wel min of meer kennen - hetzelfde gezegd. Dan heeft de minister van Justitie dat gezegd, dan heeft ook de regering dat gezegd. De minister van Justitie heeft naar zijn collega in Turkije een brief geschreven - we hebben een kopie van die brief - waarin hij duidelijk stelt: zij kan niet in België vervolgd worden, het anti-terrorismeverdrag is hier niet van toepassing. Dan is de familie van het slachtoffer naar Brussel gekomen en heeft zich daar burgerlijke partij gesteld. En wat zegt Brussel nu? Eén. Het anti-terrorismeverdrag is wèl van toepassing. Wij zijn niet gebonden door een beslissing van het Hof van Beroep in Gent en niet door de Procureur-generaal in Gent. Wij zijn ook niet gebonden door de beslissing van de Minister van Justitie of door de regering. Wij zijn onafhankelijk, zij moet wèl vervolgd worden in België. En het wapen dat ze gebruikt heeft valt wèl onder het anti-terrorismeverdrag. Het is duidelijk dat men hier het anti-terrorismeverdrag - vergeef me de uitdrukking- gaat verkrachten om haar toch maar te kunnen vervolgen in België. Maar goed, wij zijn tegen die beslissing in beroep gegaan. Let wel, het zou de eerste keer zijn dat iemand in België op basis van dat anti-terrorismeverdrag van 1979 - dat pas op 2 september 1985 in het Staatsblad verschenen is - zou berecht worden. Wij maken ons wel sterk dat zowel het Hof van Beroep als het Hof van Cassatie die beslissing, die diametraal ingaat tegen een vroegere beslissing van de regering, en iedereen desavoueert, zal vernietigen.

- Misschien tijd voor een politieke conclusie. Er wordt dus veel gebakken lucht verkocht, maar het zal wellicht niet zo'n vaart lopen. Toch is er een gevaarlijke politieke evolutie: de beslissingsmacht wordt op nationaal niveau uitgehold door Europa.

Paul Bekaert: De nationale bevoegdheid wordt inderdaad verder uitgehold. Dat is een beweging van het Europees rechtsgebied die al 25 jaar aan de gang is. Het is echter een zeer moeilijke bevalling, omdat een aantal staten niet geneigd zijn om dat laatste bastion prijs te geven. Dat betekent in feite bijna het einde van de nationale staat.

- En de democratie wordt nog steeds beter gewaarborgd door de nationale staat.

Paul Bekaert: Je kan je natuurlijk de vraag stellen, als je het heel nuchter bekijkt: wie kiest voor een geïntegreerd Europa wil uiteraard ook dat er een geïntegreerd Europees rechtsgebied gaat komen. Maar het wordt allemaal benaderd vanuit de negatieve hoek. Niet vanuit de rechten van de verdediging, maar vanuit de repressie. Wij hebben trouwens altijd gedacht dat landen die lid werden van de Europese Unie binnenin iets democratischer zouden worden. Maar wat zien we? Dat landen zoals Spanje en Groot-Brittannië, die een binnenlandse repressie gekend hebben, in feite hun repressiemethodes gaan opdringen aan de andere leden van de Europese Unie. En dat zij die andere leden van de EU dan ook het recht ontzeggen om zich te bemoeien met 'binnenlandse aangelegenheden'. Als het over repressie gaat zijn het zogezegd geen binnenlandse aangelegenheden, maar als men protesteert tegen de verdrukking van minderheden worden het plots wèl 'binnenlandse aangelegenheden'. Men is niet consequent. De politiek van Spanje en Groot-Brittannië wil men in feite op Europees vlak gaan uitvoeren. Men heeft er ervaring mee, men heeft ook die mentaliteit. Vooral in Spanje bijvoorbeeld heeft men geen enkele democratische traditie, heeft men geen democratische reflexen zoals bij ons. Ik heb daar genoeg processen bijgewoond en gevolgd om te weten dat de rechterlijke macht daar niet de democratische reflexen heeft als die van Europese staten die al 200 jaar democratie kennen. En een laatste bemerking: het stuit tegen de borst dat men langs de ene kant alles wil doen om het politieke geweld te gaan bestrijden met alle mogelijke middelen, maar dat men er langs de andere kant luidop aan denkt om de genocidewet te gaan terugschroeven. Men doet er nu alles aan om te voorkomen dat Sharon in België vervolgd zou worden. Er wordt hier blijkbaar met twee maten en twee gewichten gewerkt. Als politiek geweld uitgaat van een staatshoofd, dan gaat men de wet aanpassen zodat dit staatshoofd vrijuit gaat. Gaat het om politiek geweld dat uitgaat van minderheden of individuen, dan gaat men de zaak verstrengen. Maar voor mij is politiek geweld politiek geweld, van wie het ook uitgaat.