Nummer 71


Sociaal | november 2001


Vakbondscongressen: openlijke onvrede (Hans Vanhoesen)<< Nummer 71

Op 11 en 12 oktober congresseerden de syndicale militanten van de socialistische bediendenvakbond BBTK en op 15 oktober was het de beurt aan het overkoepelende Vlaams ABVV. Er blijkt in belangrijke milieus van het Vlaams ABVV een sluimerend ongenoegen te leven. Bij de bedienden ging het er iets meer inhoudelijk aan toe. Meervoud was erbij en volgde de debatten in verhoogde staat van paraatheid.

Soms lijkt het erop dat er in de media niet alleen een cordon sanitaire rond het Vlaams Blok gelegd is, maar evenzeer rond de vakbondsactiviteiten. (De wijze waarop de media verslag doen over de activiteiten van de beweging tegen de neo-liberale globalisering zou ook wel een commentaar verdienen).

Alvast positief is dat zonder door te stoten naar de echte oorzaken, de socialistische vakbond zowel het terrorisme als de bombardementen veroordeelt en uitdrukkelijk een rol ziet weggelegd voor de Verenigde Naties. Niettemin blijft een waas van dubbelzinnigheid hangen als de vakbonden niet de Belgische regering veroordelen die de bombardementen van de Amerikaans-Britse alliantie volop steunt...

Het Vlaams ABVV bleek op zijn congres niet uit te munten als een gedreven en slagvaardige vakbond. Verwonderlijk is het dan ook niet dat de belangrijke Algemene Centrale (AC) bij monde van Alain Clauwaert weigerde het statutair verslag goed te keuren. Clauwaert: "De dynamiek is ver weg, de stroomafwaartse doorstroming is te klein en de Vlaamse thema's worden te weinig gedragen door de militanten. De AC vindt de teksten te wollig en te technisch." Mil Kooyman van het ABVV-Scheldeland kwam in dezelfde zin tussen: "Er is een gebrek aan durf en animo waar te nemen".

Eén van de redenen is o.i. dat naast zijn ingekapselde (ipv betwistende) positie in het kapitalistisch systeem het Vlaams ABVV nog altijd niet gekozen heeft voor een echte Vlaamse dynamiek. De vakbond wordt zo verzwakt vanuit twee fronten. Aan de top zit een kader van belgicisten en bovenop daarop als voorzitter van het Vlaams ABVV, Mia De Vits, die als een kloek heerst vanuit een Belgisch ABVV-FGTB-apparaat.

Interessantere geluiden hoorden we bij de bediendenbond BBTK. Er werden daar belangwekende stellingen aangenomen in verband met de sociale zekerheid die volgens de BBTK door de regeringspolitiek dreigt in een bijstandslogica te vervallen; ook wordt geëist dat de sociale rechten terug geïndividualiseerd worden, waardoor het verzekeringskarakter hersteld wordt. Verder wordt volgens de BBTK de betaalbaarheid ondermijnd door het scala aan patronale bijdrageverminderingen en loonsvormen te laten invoeren die ontsnappen aan de sociale zekerheid.

Maar ook hier worden niet de politieke consequenties verbonden aan wat op zich terecht wordt vastgesteld.

Interessant was ook waar de socialistische bediendenbond het had over de uitdagingen van de globalisering. "De eerste stap om een krachtsverhouding op te bouwen tegenover de globalisering verloopt via sterke nationale vakbonden. Waarom? Omdat de nationale dimensie de essentiële ruimte van de solidariteit en van de aanvaarde herverdeling blijft. Omdat de collectieve uitgaven inzake openbare diensten en sociale bescherming hoofdzakelijk op nationaal vlak blijven gefinancierd. De strijd binnen elk land om de verworvenheden inzake openbare diensten en sociale bescherming te verdedigen blijft dus het belangrijkste middel om zich te verzetten tegen de liberale mondialisering."

Het zou een tekst kunnen zijn uit een Meervoud-manifest, ware het niet dat de vraag gesteld moet worden: wat wordt bedoeld met de nationale dimensie?

Als de syndicale militanten goed toekijken, dan zullen zij merken dat al hun problemen woekeren in de Belgische nationale dimensie (onder leiding van de VLD-PRL met de Vlaamse hulptroepen van de sociaal-democraten en de groenen). Ligt het dus niet voor de hand dat de opbouw van een Vlaams-nationale dimensie van progressieve signatuur het juiste antwoord is op de neo-liberale vloedgolf en zijn Belgische variant?