Nummer 82


| december 2002


Volkeren in beweging (Jan van Ormelingen)<< Nummer 82

Baskenland: grote onafhankelijkheidsbetoging in Donostia

Vreedzaam betogen in Baskenland is tegenwoordig een privilege geworden. In september werd een pro-Baskische betoging eerst verboden om op het allerlaatste moment toch nog een toelating te krijgen. Tijdens de betoging gebruikte de Baskische politie (Ertzaintza) buitensporig veel geweld (zie Meervoud 80). De zeldzame keren dat er een pro-Spaanse betoging in Baskenland plaatsvindt, wordt de betogers geen strobreed in de weg gelegd. Denken we maar aan de betoging van Spaanse nationalisten op 19 oktober (zie Meervoud 81). Ook de betoging van Falangisten op 20 oktober in Bilbo werd uiterst hoffelijk begeleid door de Ertzaintza. Het extreemrechtse tuig werd met zes bussen uit Spanje aangevoerd om onder hoge politiebescherming te betogen. De kaalhoofden, gemaskerden en stijfarmigen riepen leuzen als: "Euskal Presoak, cámera de gas" (De gaskamer voor de Baskische gevangenen) en "Separatistas Terroristas". Vier tegenbetogers werden opgepakt. Dankzij de politie raakten de extreemrechtse betogers veilig thuis.

Toen bekend werd gemaakt dat er op 30 november een grote betoging zou plaatsvinden in Donostia onder de slogan: 'Demokrazia Euskal Herriarentzat. Autodeterminazioa orain!' (Democratie voor Baskenland. Zelfbestuur nu!) kwam er opnieuw reactie. Javier Balza, de Baskische minister van binnenlandse zaken, haalde op 21 november het vorige betogingsverbod van de mediageile magistraat Baltazar Gárzon weer boven om te zeggen dat de aangekondigde betoging niet echt kon. Dat dit betogingsverbod in september al door de rechter werd verworpen, was de brave man blijkbaar ontgaan. Drie dagen voor de geplande betoging gaf het hoogste gerechtshof in Baskenland Javier Balza ongelijk.

Ondanks de hevige regen kwamen zo'n 30.000 betogers opdagen, er werd gescandeerd: 'Niet Gárzon, niet Balza en niet de regen zullen ons tegenhouden om te betogen'. Hoewel de betoging in de eerste plaats een eis was voor de onafhankelijkheid, werd er ook flink geprotesteerd tegen het grote offensief tegen Euskal Herria (Baskenland). Niet alleen Madrid werd op de korrel genomen, maar ook Parijs dat de Baskische taal openlijk misprijst (cf. infra).

Zoals verwacht verliep de betoging rustig.

Baskenland: Spaanse bisschoppen tegen Baskisch zelfbestuur

Voor Madrid moeten alle maatschappelijke geledingen zich onderwerpen aan een Godsvrede onder haar gezag. De Spaanse staat is immers in oorlog met Baskenland.

De media kunnen al lang niet meer vrij berichten over het conflict in Baskenland, en recent heeft ook de Spaanse kerk kleur moeten bekennen. Dat haar bisschoppen gekozen hebben voor de Spaanse machthebbers was te verwachten, want geen van hen is heilig.

Na een vergadering van verschillende dagen in Madrid stemden de bisschoppen van de Spaanse staat op 22 november over een herderlijke brief van 22 bladzijden onder de titel: "Morele balans van het terrorisme in Spanje, zijn oorsprong en zijn gevolgen". 63 bisschoppen stemden voor, 8 tegen en 5 onthielden zich.

Zoals verwacht wordt het 'terrorisme' van de ETA heel zwaar veroordeeld in de brief. Maar dat de brief ook het autonomieplan van Ibarretxe viseert, heeft al heel wat negatieve reacties teweeg gebracht. De Spaanse staat wordt in de brief het resultaat genoemd van een "lang en complex historisch proces". De soevereiniteit van de Spaanse staat ontkennen "zou niet voorzichtig zijn en moreel onaanvaardbaar". Verder werd ook het creëren van een nieuwe staat "immoreel" genoemd.

De meeste bisschoppen van Catalonië en Baskenland hebben de herderlijke brief intussen verworpen. Ook de partij van lehendakari (minister-president) Ibarretxe, de christendemocratische EAJ-PNV, reageerde afwijzend.

De kloof tussen Madrid en 'haar' opstandige provincies is weer een flink stuk groter geworden, en dat was waarschijnlijk niet de bedoeling van de brief.

Baskenland: DNA-onderzoek

"Liegen en bedriegen" is zowat de tweede natuur van de Spanjaarden geworden waar het "de strijd tegen het terrorisme" betreft. In het kader van deze strijd worden alle Basken in dezelfde zak van Aznar gestopt.

Sedert enige tijd zijn de Guardia Civil en de Spaanse Politie intensief bezig met wat hun nieuw "speelgoedje" blijkt te zijn, ware het niet zo ernstig: Het verzamelen van DNA-gegevens van de arrestanten. Op 17 november maakten ze zélf bekend dat ze samen een databank hebben samengesteld en ze merken daarbij op "welk een enorme waarde dit krachtige, exacte en relatief makkelijk te gebruiken werktuig wel is."

Advocaten van jonge nationalisten wijzen er echter op dat alles zonder wettelijke regeling en vooral zonder expertise verloopt (zeker in handen van de weinig geciviliseerde "txakurrak"-politiemensen- uit het Zuiden)

Zo werden er begin november twee jongeren uit Biskaje door het Hooggerechtshof naar de gevangenis overgebracht op beschuldiging deelgenomen te hebben aan acties van "straatgeweld". Ze werden geïdentificeerd aan de hand van DNA - analyses die gebaseerd waren op speeksel dat gevonden werd op bivakmutsen die aangetroffen waren op de "plaats van misdaad". Omdat er geen regelgeving is wordt gevreesd dat er door de politie te werk gegaan wordt analoog aan de andere "praktijken" die bij de behandeling van gearresteerd Basken worden gebruikt, aldus de advocaten.

Bij de laatste arrestatiegolf die door de "autonome politie", Ertzaintza, werd uitgevoerd viel tijdens de huiszoekingen de uitzonderlijke interesse van de geüniformeerden op voor sigarettenpeuken en tandenborstels, waarschijnlijk in de hoop daarbij speeksel aan te treffen van de arrestanten. Later sprak één van hen, behalve over hallucinaties die ze had gekregen, over het feit dat op de eerste dag van de "ondervragingen" herhaalde malen een voorwerp in haar mond werd gestopt dat ze niet had kunnen identificeren en dat mogelijk gediend had om speeksel op te slaan. Ook de auto's van de jongeren werden minutieus onderzocht.

Maar het vreemde aan deze hele zaak is dat ondanks het bezit van "bewijzen" via DNA de arrestanten tóch gedurende 3 à 4 dagen in afzondering blijven, de gevreesde "incomunicación", waarbij ze voortdurend seksueel worden vernederd en bedreigd, verplicht worden te blijven staan en geslagen worden tot ze het bewustzijn verliezen.

Franse Assemblée nationale zegt nee tegen regionale talen

Sinds 1992 staat het intussen fameuze artikel 2 van de Franse grondwet voor "La langue de la République est le français". Hoewel het artikel een dam moest opwerpen tegen het oprukkende Engels, is het sindsdien vooral een hindernis gebleken voor de regionale talen van de Franse republiek. Alle dossiers voor een betere bescherming van de regionale talen blijken vast te lopen op dat ene artikeltje van de Franse grondwet.

Op 21 november werd er in de Franse assemblee gedebatteerd over een eventuele herziening van het grondwetsartikel. Tegenover de sterke argumenten voor een herziening van het artikel stond er echter een afwijzend, arrogant en spottend blok van verstokte jacobijnen. Twee amendementen werden ingediend. Marc Le Fur (UMP) uit Bretagne wou artikel 2 aanvullen met de woorden: "dans le respect des langues régionales, qui font partie de son patrimoine". Het amendement van François Bayrou (UDF) uit Baskenland wou na het woord 'respect' van het vorige amendement toevoegen: 'et la défense'.

Tijdens het debat kregen de amendementen onder meer de steun van Paul Giacobbi (PRG, Corsica) en Emile Blessing (UMP, Elzas). Jacques Myard (UMP, Yvelines) zette de volgende zwaarwichtige uitspraken neer: "C'est la fin de la République!" en "Moi aussi, j'ai parlé patois". De minister van justitie Dominique Perben had dit te zeggen: "Il importe de bien distinguer, Monsieur Bayrou, le débat culturel et le débat constitutionnel". Bovendien wist Perben niet 'wat' er als een regionale taal zou moeten worden erkend: "le béarnais, le basque, l'arabe dialectal?". Pure onwil dus en minachting voor de regionale talen.

Het amendement van Le Fur werd verworpen met 50 stemmen tegen en 39 voor. Het amendement van Bayrou kreeg 54 stemmen tegen en 39 voor. Dat we zoiets moeten meemaken in verlichte tijden als deze!

Corsica: Franse regering bezorgd over nieuwe aanslagen

De Franse minister van binnenlandse zaken Nicolas Sarkozy wil niet al te zwaar tillen aan de recente golf van bomaanslagen op Corsica. Hoewel het de laatste tijd bijna geen nacht rustig is geweest op het eiland, zweert Sarkozy bij een stilzwijgen over de aanslagen; 'dédramatiser' noemt hij dat.

Toch is Sarkozy duidelijk geïrriteerd door de aanslagen. In de pers wordt geschreven dat er moet worden ingegrepen, terwijl heel wat van zijn partijgenoten hetzelfde vragen. De voorgangers van Sarkozy, Jean-Pierre Chevènement en Daniël Vaillant zijn er als de kippen bij om de aanslagen te veroordelen en dat is ook niet leuk. Tijdens zijn recente bezoek aan Corsica (zie Meervoud 81) vroeg hij aan Jean-Guy Talamoni en Paul Quastana van Corsica Nazione om begrip voor zijn ergernis.

Dit jaar zijn er al zo'n 220 aanslagen geregistreerd, hiermee is het hoogste aantal aanslagen sinds 1997 bereikt. Reden te over dus voor Sarkozy om op 30 november de veiligheidsverantwoordelijken voor Corsica samen te roepen in Parijs. "Il faut changer de méthodes" was de teneur van de gesprekken. Achteraf haalde Sarkozy voor de verzamelde pers zwaar uit naar Jean-Guy Talamoni en Paul Quastana: "Vous représentez qui? [...] Chaque fois qu'il y a un attentat ici, ma marge de manœuvre rétrécit. Arrêtez de me parler de vos frères et ne me dites pas que vous n'êtes pas responsables".

Na een vraag van Emile Zuccarelli (PRG), een rabiate tegenstander van het Corsicaanse vredesproces, liet Sarkozy weten dat hij nog voor kerstmis initiatieven zal nemen tegen het geweld in Corsica. Heeft hij dan echt niet begrepen dat het toekennen van een degelijke autonomie de beste remedie is tegen geweld?

Corsica kort

* Eind november heeft het hof van beroep van Bastia zich tot 15 januari 2003 de tijd gegeven om een uitspraak te doen in de zaak Bonnet. De ex-prefect Bernard Bonnet werd op 11 januari jl. veroordeeld voor zijn betrokkenheid bij het in brand steken van twee strandrestaurantjes (de zgn. 'paillotes') in 1999 (zie Meervoud 74). Vlak voor de verkiezingen moesten deze aanslagen de nationalisten in diskrediet brengen. Maar de snode streken van de prefect kwamen aan het licht... Op kosten van de Franse belastingbetaler laat Bernard Bonnet zich nu verdedigen door de topadvocaat Jacques Vergès. Bonnet houdt zijn volledige onschuld staande en eist de vrijspraak.

* Al jaren eisen de Corsicaanse politieke gevangenen het recht op om hun straf uit te zitten dicht bij huis, in Corsica. Recent besliste Parijs om daarop in te gaan (zie Meervoud 81). Veel vroeger dan verwacht werden op 5 december de eerste twee 'patriotti incarcerati' overgeplaatst naar Corsica. De woordvoerder van het Comité anti-répression (CAR), Stella Castella, vindt echter dat de Franse overheid nog maar weinig blijk heeft gegeven van goede wil: "Le symbole pour nous sera le transfèrement de Charles Santoni". Santoni werd in 1999 veroordeeld tot 28 jaar cel, hij zit daarmee de langste straf van alle Corsicaanse politieke gevangenen uit.

* Een jaar nadat de politieke partijen Union du Peuple Corse (UPC), Scelta Nova en Mossa Naziunale een samenwerkingsakkoord tekenden, werd op 7 december de volledige fusie beklonken. Op het stichtingscongres in Furiani werd de naam van het kind bekendgemaakt: Partitu di a Nazione corsa (PNC). Na een zondermeer mooi resultaat bij de tussentijdse verkiezingen in Porto-Vecchio was de sfeer op het congres heel opgewekt. De PNC wil de spreekbuis zijn van de nationalisten die het geweld afzweren. In 2004 hoopt de partij een plaats te bemachtigen in het Corsicaanse parlement, om zo het eiland mee te besturen.

Noord-Ierland kort

* Begin december werd de gerechtszaak tegen drie vermeende IRA-leden in Colombia uitgesteld. De drie worden ervan verdacht militaire opleiding te hebben gegeven aan rebellen van het FARC. De zaak maakte heel wat ophef in Noord-Ierland, want voor de unionisten is hiermee bewezen dat het IRA - ondanks het vredesakkoord - doorgaat met haar militaire activiteiten. Rechter Jairo Acosta verdaagde de zaak tot 7 februari omdat een belangrijke getuige en de drie verdachten niet naar de rechtbank waren gekomen. De verdachten vrezen dat ze geen eerlijk proces krijgen en zeggen dat hun leven in gevaar is. Op het groene eiland groeit stilaan steun voor de vermeende IRA-leden.

* Na de opschorting van het Noord-Ierse zelfbestuur op 14 oktober jl. zitten de onderhandelingen tussen unionisten en nationalisten nog altijd muurvast. De unionisten willen garanties dat het IRA al haar militaire activiteiten staakt vooraleer er sprake kan zijn van een herstel van de Noord-Ierse instellingen. Het IRA wil niet ingaan op die eisen. Sinn Féin vindt het maar flauw dat de unionisten naar het IRA schreeuwen terwijl ze hun eigen paramilitairen maar niet onder controle krijgen.

Bretagne: Le Tallec wordt nieuwe Diwan-voorzitter

Het gaat Diwan al een hele poos niet meer voor de wind. Dit privé-net van Bretoenstalige scholen probeerde de afgelopen jaren (zie vorige Meervoudnummers) opgenomen te worden door de Education nationale om zo meer middelen te krijgen. De onderhandelingen over deze 'integratie' verliepen uiterst moeizaam, maar Parijs bleef de hoop wekken dat er een goede oplossing uit de bus zou komen. Toen de voormalige minister van onderwijs Jack Lang en Diwan-voorzitter Andrew Lincoln in mei vorig jaar een integratie-akkoord tekenden, was er bij de achterban van Diwan al kritiek te horen: Parijs had de vrijheid van Diwan te sterk ingeperkt. In oktober 2001 dienden enkele vaderlandslievende organisaties (verenigd in het CNAL) een klacht in bij de Raad van State omdat de nationale taal door het integratie-akkoord geweld werd aangedaan. Kort daarop kregen ze voorlopig gelijk. Voor Jack Lang en Andrew Lincoln was er nog niets aan de hand. Zij dachten dat het invoegen van enkele passages tegen de Bretoense taal het akkoord aanvaardbaar zou maken voor de Raad van State. Lincoln veegde arrogant elk protest van tafel en installeerde zijn getrouwen aan de top van Diwan. Terwijl de oppositie binnen Diwan zich begon te organiseren liet Lincoln het beloofde geld van de Education nationale inschrijven op de begroting, zelfs al had Diwan nog geen euro in handen. Op 15 juli jl. wees de Raad van State het nieuwe akkoord opnieuw af. Lincoln lanceerde een campagne om voor het jaareinde de nodige 300.000 euro te verzamelen, een betoging in Gwened werd geen succes.

Op 1 oktober jl. luidde de penningmeester van Diwan, Michel Le Tallec, de noodklok omdat alarmerend veel donateurs Diwan niet meer wilden steunen. Volgens Le Tallec moesten de tegenstellingen binnen Diwan zo snel mogelijk worden overbrugd om een financiële ramp te vermijden. Le Tallec vond dat de verzoening niet meer kon "avec l'actuelle direction de Diwan. Andrew Lincoln a été un bon président. Mais jugé trop proche de l'ancien gouvernement, il ne peut plus travailler avec la Région en vue d'un statut public régional". Het collectief 'Réunir Diwan', dat die dag werd opgericht, zou de eenheid binnen Diwan moeten herstellen. Lincoln die geen oren had naar de dramatische oproep van zijn penningmeester, liet hem op 5 oktober ontslaan op een inderhaast bijeengeroepen beheerraad.

Dat de buitengewone algemene vergadering in Gwerliskin (Guerlesquin) op 24 november heel woelig zou verlopen was verwacht. De confrontatie tussen Lincoln en Le Tallec kwam er en beiden legden hun motie ter stemming voor. Lincoln wil blijven streven naar een openbaar statuut voor Diwan en verwacht veel van de op til zijnde regionalisering. Voor Le Tallec moet Diwan een bladzijde omslaan en aanvaarden dat het openbare statuut geen haalbare kaart is. De eenheid en de financiële gezondheid van Diwan moeten prioritair worden hersteld. Pas dan kan Diwan de strijd voor een regionaal officieel statuut winnen. Tegen de verwachtingen in haalde Le Tallec het met 85 stemmen tegen 71. Lincoln en zijn beheerraad werden tot ontslag gedwongen.

Op 29 november kwam dan het nieuws dat de Raad van State met een arrest de integratie van Diwan in de Education nationale definitief ongedaan had gemaakt. Volgens Le Tallec is daarmee duidelijk dat Diwan nu een radicaal andere koers moet varen. De verzoening binnen Diwan vond plaats in Karaez (Carhaix) op 30 november. Zoals verwacht werd Michel Le Tallec tot voorzitter verkozen. Voor het dagelijks bestuur werden ook door Lincoln ontslagen mensen teruggeroepen.

Frans-Vlaanderen: de strijd om onderwijs in eigen taal

Precies een jaar geleden schreven we dat het maar magertjes gesteld is met het Nederlands onderwijs in Frans-Vlaanderen (zie Meervoud 72).

Afgezien van de verdienstelijke avondcursussen van het Komitee voor Frans-Vlaanderen (KFV) en enkele kleinere initiatieven, bestaat het dagonderwijs vooral uit initiatielessen Nederlands. Het aantal scholen, waar met veel inzet (een beetje) Nederlands wordt onderwezen, gaat al naar de honderd. Toch loopt Frans-Vlaanderen mijlenver achterop als we gaan kijken naar andere regio's van de Franse staat: een ronduit pijnlijke toestand.

Gelukkig is er sinds enige tijd weer wat hoop ontstaan. Dit voorjaar sloegen drie belangrijke Frans-Vlaamse verenigingen de handen in mekaar om een gezamenlijke petitieactie te starten voor het Nederlands: Het Reuzekoor, het Comité Flamand de France (CCF) en Yser Houck. In alle drie de verenigingen is de jonge garde verantwoordelijk voor het initiatief, dat duidelijk verder gaat dan het brave imago van de organisaties. De petitieactie wil dat 'la langue flamande' en dus ook het Nederlands even veel kansen krijgen als de andere regionale talen in Frankrijk. Al snel werd duidelijk dat het initiatief heel wat steun heeft bij de bevolking en de politieke vertegenwoordigers. Dankzij de bemiddeling van de Duinkerkse burgemeester Michel Delebarre luisterde de nieuwe Franse minister van onderwijs Luc Ferry naar de eisen van de Frans-Vlamingen. Maar zijn antwoord was duidelijk: "l'enseignement flamand n'est pas à l'ordre du jour".

Toch laten ze in Frans-Vlaanderen de moed niet zakken. Een onderwijsspecialist van de Conseil Général du Haut-Rhin, de heer Kleinclaus, informeerde burgemeesters en conseillers généraux in Ekelsbeke over de mogelijkheid van tweetalig onderwijs in Frans-Vlaanderen. Volgens l'Indicateur des Flandres wordt er nu al gezocht naar mensen die les kunnen geven in een privé-schooltje voor het geval er geen oplossing uit de bus komt.

Zo is het tweetalig onderwijs overal in Frankrijk begonnen en zo zal het ook in Frans-Vlaanderen moeten beginnen. (S.L.)

Groenland: meer autonomie

De 57.000 inwoners van Groenland willen meer autonomie van het moederland Denemarken. Bij verkiezingen (3 december jl.) kregen de linkse partijen een meerderheid. Het gaat om de sociaal-democraten 'Siumut' en de radicaal-linkse 'Inuit Ataqatigiit' (IA). Die partijen pleiten al jaren voor lossere banden met Denemarken. Samen beschikken zij nu over 18 van de 31 zetels in het Groenlandse parlement. De IA is een eskimopartij en wil volledige zelfstandigheid van Groenland; ze boekte 3,8% winst.

Groenland was van 1721 tot 1953 een Deense kolonie. Inmiddels heeft het uitgestrekt eilandengebied een statuut van interne autonomie. In 1985 verwierpen de Groenlanders in een referendum de aansluiting bij de Europese Unie.

[Met dank aan W. Hensgen voor informatie over Euskal Herria]