Nummer 83


Nieuws uit het derde gewest en zijn riante omgeving | januari 2003


(Euro-)Brussel-kroniek (Bernard Daelemans)<< Nummer 83

Vanhengel gaat door het lint

Nadat de Auditeur van de Raad van State in zijn advies over een verzoek tot schorsing van het Taalhoffelijkheidsakkoord, de klager, zijnde het Vlaams Komitee voor Brussel, over de hele lijn gelijk gaf, en de schorsing van de omzendbrieven van afgelopen zomer aanbeval, reageerde Brussels en Vlaams minister Guy Vanhengel dat er nu niets anders opzat dan "de taalwetgeving te herzien" zodat die in overeenstemming zou zijn met het fameuze akkoord dat "toch een stap vooruit" betekende.

De Auditeur stelt onomwonden dat gemeentelijke ambtenaren in Brussel volgens de taalwet hun tweetaligheid moeten bewezen hebben vóór hun aanwerving, terwijl het taalhoffelijkheidsakkoord hen twee tot vier jaar de tijd geeft om aan deze vereiste te voldoen, en zelfs dan nog uitzonderingen voorziet. Sedert het taalhoffelijkheidsakkoord van kracht is (1997), is het aantal eentalige personeelsleden in gemeenten en OCMW's dan ook peilsnel gestegen. De laatste cijfers die hierover vrijgegeven zijn dateren van 1999, het ging toen om niet minder dan 75% van alle aanstellingen in de OCMW's. Sedert 1999 worden de cijfers hierover angstvallig geheim gehouden.

De vice-gouverneur, wiens taak het is om deze gegevens te verzamelen en aan de Brusselse regering te rapporteren heeft, sedert hij in het kader van de Lambermonthervorming 'geregionaliseerd' is, hierover volstrekt spreekverbod gekregen. Ook de volksvertegenwoordigers die hierover interpelleerden werden keer op keer met een kluitje in het riet gestuurd.

Deze onbetwistbare ondermijning van de taalwetgeving wordt nu door Guy Vanhengel "een stap vooruit" genoemd. Hij wil zelfs de taalwet aanpassen aan het akkoord. We herinneren ons nog de tijd dat Vanhengel op persconferenties brandhout maakte van het taalhoffelijkheidsakkoord. De term 'taalhoffelijkheid' vatte hij op als een typische uitvinding van Chabert om de werkelijkheid te verdoezelen. Hij pakte regelmatig uit met nieuwe gegevens die de Brusselse regering in het hemd zette. In die periode toonde Vanhengel zich graag in Vlaamsgezinde kring, en was o.a. aanwezig op de viering naar aanleiding van 30 jaar TAK.

De suggestie van de minister op TV-Brussel dat er een aanpassing van de taalwetgeving moet komen leidde al tot giftige reacties van Brigitte Grouwels en de Vlaamse Volksbeweging. In plaats van het beleid aan te passen aan de wet wil Vanhengel de wet aanpassen aan het beleid. In Brussel Deze Week reageert Vanhengel kregelig dat men hem geen woorden in de mond moet leggen. "Ik heb alleen gezegd dat we naar een werkbaar instrument moeten zoeken en dat dat op federaal vlak moet gebeuren".

Nochtans hoorden we uit zijn eigen mond op TV-Brussel dat Vanhengel pleit voor een 'herziening' van de taalwet. Het ziet er dan ook naar uit dat deze uiterst gladde politieke aal zichzelf nu in de staart gebeten heeft.

Nog op TV-Brussel verklaarde de Brusselse minister-president François-Xavier de Donnea dat het Taalhoffelijkheidsakkoord "het enige politiek haalbare instrument" is in verband met de toepassing van de taalwetgeving, "wat de Raad van State daar ook over mag zeggen". De Raad van State heeft inderdaad nog geen definitieve uitspraak gedaan, maar het is nu al duidelijk dat de Brusselse regering, gesteund door zijn Vlaamse collaborateurs, vast voornemens is de weg van het incivisme verder te bewandelen.

Geen Nederlands meer in Franstalige scholen

Volgens Walter Vandenbossche (CD&V) is de Franse Gemeenschapsregering van plan komaf te maken met de verplichting om het Nederlands in Brussel als tweede taal aan te bieden. Zéér weinigen weten dit, maar alleen Vlaanderen heeft na de overheveling van het onderwijs naar de Gemeenschappen van het Frans de verplichte tweede taal gemaakt, terwijl in Wallonië die verplichting werd afgeschaft. Sedertdien leren steeds minder Walen nog Nederlands. In Brussel legt de taalwet echter nog altijd het Nederlands op als tweede taal. Maar Walter Vandenbossche heeft vernomen dat in het Frans Gemeenschapsparlement onlangs onomwonden gezegd werd dat het verplicht karakter van de lessen Nederlands opnieuw bekeken moet worden. "De drie Franstalige ministers voor Onderwijs hebben zelfs al juridisch advies ingewonnen. Volgens de geraadpleegde advocaat kan er aan de taalwetten geraakt worden zonder dat de grondwet gewijzigd moet worden. Ze willen dit overduidelijk doorduwen", aldus Vandenbossche in De Standaard. De reden die hiervoor aangehaald wordt is dat de vele migrantenleerlingen er meer baat bij zouden hebben om zich in hun eigen moedertaal te verdiepen dan in het Nederlands.

Het onderwijs in de Nederlandse taal stelt al sowieso niet veel voor in Franstalig België. Enkele jaren geleden werd dit door Philippe Hilligsmann, hoogleraar germanistiek aan de Luikse universiteit bevestigd in een vernietigend artikel dat verscheen in Ons Erfdeel. Zo komt het dat nu al het overgrote deel van de bevolking een Brusselse Franstalige school kan verlaten zonder één zin in het Nederlands correct te kunnen verwoorden. De Franstalige politieke klasse schijnt hier ook bewust op aan te sturen, want zo wordt de tweetaligheid van Brussel 'van onderop' efficiënt ondermijnd, zodat de Franstalige machtsposities verzekerd blijven. Het afschaffen van de wettelijke verplichting is nog een stapje verder in dezelfde richting.

Maar voor de politiek-correcte meute van paars-groen is er natuurlijk geen vuiltje aan de lucht: de communautaire verhoudingen zijn nog nooit zo goed geweest...

Rufin Grijp in de aanval tegen TV-Brussel

Tijdens een debat in de Vlaamse Gemeenschapscommissie heeft Rufin Grijp (SP.a) zwaar uitgehaald naar TV-Brussel. Zoals de zender nu bestaat, kan hij maar beter afgeschaft worden. Hij verwijt de zender een toenemende VTM-isering. "Bij het zappen probeer ik de zender zoveel mogelijk te vermijden maar als ik erop val, zie ik in het beste geval een reportage over drie zwerfkatten die geen baasje vinden". TV-Brussel richt zich, overigens met succes, naar een breed publiek. Daarbij komen inderdaad ook heel wat overvallen, ongevallen en andere faits divers te pas. Is het bij het VRT-journaal anders? Maar TV-Brussel brengt ook heel wat politieke, maatschappelijke en culturele berichtgeving. De zender heeft een kwaliteitspeil dat door maar weinig regionale zenders geëvenaard wordt. 'Concurrent' Télé-Bruxelles raakt niet aan de enkels van TV-Brussel, dat trouwens door vele Franstaligen bekeken wordt.

Of de zure oprisping van Grijp te maken heeft met onvrede over het feit dat af en toe ook een Vlaams Blokker aan het woord gelaten wordt, en of we hierin de voorbode moeten zien van een ingreep in de beheersstructuur om de redactionele autonomie aan banden te leggen, is vooralsnog onduidelijk.

Wel circuleren er geruchten over toekomstplannen in verband met het Brusselse medialandschap. Guy Vanhengel heeft al middelen uitgetrokken om de kansen van een Brusselse stadsradio te bekijken. Samen met TV-Brussel en Brussel Deze Week zou op die manier het Vlaams-Brussels medialandschap helemaal af zijn. Binnenkort verhuist ook Brussel Deze Week naar het Flageygebouw, waar TV-Brussel nu reeds zijn stek heeft. Men acht het wenselijk dat ook de Stadsradio zich vestigt in Flagey, zodat tussen de drie media vormen van samenwerking kunnen ontstaan. Er zou dan een koepelstructuur komen, die met name gestalte zou kunnen geven aan een gezamenlijke reclameregie. Over heel dit opzet zou dan weer een ruzie ontstaan zijn tussen Vanhengel en Freddy Neyts, die niet alleen voorzitter is van de beheerraad van TV-Brussel, maar tevens Roularta-man én ook wel een vinger in de pap heeft bij Flagey. Gezien de zakelijke belangen die Neyts vertegenwoordigt in de Roularta-groep, zou Neyts de uitbouw van een sterke reclameregie voor de Vlaams-Brusselse media niet erg genegen zijn. Om die reden zou hij ook weigerachtig staan om aan de VGC garanties te bieden dat er voor de Stadsradio een plaats wordt gereserveerd in het Flageygebouw. Want het is nu nog niet duidelijk wanneer met dat radioproject echt van start gegaan wordt. En daarmee zou Neyts een cruciale voorwaarde tot het welslagen van de VGC-plannen hypothekeren, want om de door het beleid verhoopte toekomstige samenwerking tussen de drie media waar te maken is het noodzakelijk dat ze alle onder één dak terechtkunnen.

André Monteyne naar CD&V

Voormalig Jets gemeenteraadslid en erevoorzitter van het Vlaams Komitee voor Brussel André Monteyne kondigde aan dat hij de rangen van de CD&V vervoegt. Het is niet de eerste keer dat Monteyne van partij verandert. Zo militeerde hij al in de Volksunie, de Vlaamse Democraten, en de CVP, flirtte hij met de Rode Leeuwen, koos dan voor de PVV. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen vormde hij met zijn eigenste Liberaal Alternatief Jette een kartel met Vivant, en was als eregast te zien aan de zijde van wijlen Demaret in een volkse bedoening in de Brusselse binnenstad. Hij raakte echter niet meer verkozen. Recent toonde hij nog belangstelling voor de N-VA, maar opteerde uiteindelijk voor de CD&V. Het kan niet geloochend worden dat Monteyne op Vlaams vlak blijk gegeven heeft van standvastigheid. Hij zegt nochtans meer te zijn bekoord door het confederalisme van de CD&V dan door het 'separatisme' van de N-VA. Hij is ook voor het behoud van de monarchie, maar "in Frankrijk of Duitsland zou ik republikein zijn", zo stelt Monteyne nog in Brussel Deze Week. Voorts vindt hij nog dat de 'links-liberale' strekking (?) in de Brusselse N-VA nogal de overhand haalt.

Bestuursverkiezingen bij Brusselse N-VA

Nog afgezien van de vraag wat Monteyne bedoelt met de kwalificatie 'links-liberaal', is de situatie van de Brusselse N-VA nog niet helemaal uitgeklaard. De afdeling, die een jaar terug met veel enthousiasme op de puinhopen van Anciaux de nieuwe partij uit de grond begon te stampen en relatief succes oogstte in de pers, kreeg enkele maanden geleden te kampen met interne meningsverschillen over taalgebruik en allochtonen. De positie van voorzitter Rudi Coel, die voorstander is van meertalige communicatie om de boodschap van de N-VA aan alle Brusselaars over te brengen, en die erg positief staat tegenover samenwerking met allochtonen - steeds vanuit een radicaal Vlaams standpunt, kwam onder druk te staan. Het nationaal partijbestuur greep in. Eerst werd voormalig VN-adjunct-secretaris Erik Suy, tevens Brussels N-VA-lid, ingeschakeld om te bemiddelen en daarna werd Coel geschorst. Het partijbestuur schreef nu uitzonderlijk nieuwe verkiezingen uit voor het Brussels afdelingsbestuur. Op verzoek van de 'verzoeningscommissie' en van een 'beroepscommissie' werd de schorsing van Coel inmiddels wel ongedaan gemaakt. De beslissing tot schorsing werd als 'overhaast' bestempeld en ook was niet duidelijk op grond van welke feiten er eigenlijk geschorst was. Welke 'strekking' bij de Brusselse N-VA de dienst zal uitmaken zal pas blijken na de bestuursverkiezingen die half februari afgerond worden.

Geen ijspret in Brussel

Half januari waren, net zoals elders in Vlaanderen, de vijvers van de meeste Brusselse parken dichtgevroren. Heel wat Brusselaars waagden zich op het ijs, gewapend met schaatsen, sledes, hockey-sticks en zoverder. Hoewel het op 12 januari bitter koud was, gewaagden de weerdiensten van nakende dooi, zodat het stadsbestuur van Brussel geen risico's nam. Ze stuurde politiepatrouilles o.a. naar het Terkamerenbos, waar aan de ijspret een eind gesteld werd. De mensen werden gelast van het ijs te komen. De berichten die daarvoor via de megafoon werden omgeroepen waren enkel in het Frans... et pour les Flamands la même chose!